|
|
Heerlen doet de buitenlandse particulieren
Als men geen fiscaal inwoner van Nederland meer is en zich uit Nederland laat uitschrijven, wordt automatisch de Belastingdienst in kennis gesteld. Emigratie is eigenlijk heel simpel: je gaat naar je gemeente en laat je uitschrijven uit het GBA (Gemeentelijke Basis Administratie) onder vermelding van het nieuwe adres in Frankrijk.
De Belastingdienst krijgt dan een berichtje van het GBA en dat leidt om te beginnen tot het afvuren van het F-formulier naar de emigrant. Het duurt dan enige tijd voordat de laatste aangifte via het aangiftebiljet M (voor de periode van het jaar dat men nog in Nederland woonde én de tijd dat men al in het buitenland was) is geregeld en je definitief schoon schip kunt maken. Op dat formulier M moeten ook eventuele opgebouwde pensioenrechten worden opgegeven met het oog op de mogelijkse conserverende aanslag die kan worden opgelegd. Over dat recht is lange tijd gebakkeleid, de meeste belastingjuristen achtten een dergelijke aanslag in strijd met het vedrag en er zijn inmiddels rechterlijke uitspraken dat Nederland onjuist handelt. De staat is in hoger beroep gegaan en heeft dat proces verloren. De Hoge Raad heeft op 19 juni 2009 beslist dat de belastingheffing bij emigratie over opgebouwde pensioenaanspraken van de emigrant in strijd is met het belastingverdrag met Frankrijk. Dit verdrag bepaalt dat alle inkomsten die uit een pensioenaanspraak voortvloeien uitsluitend belastbaar zijn in het woonland van de belastingplichtige, in dit geval Frankrijk. Nederland moet daarom in dit geval van de heffing bij emigratie afzien. Maar de overheid heeft snel ingegrepen en voor reparatiewetgeving gezorgd. De minister van Financiën vreeesde dat mensen tijdelijk zouden verhuizen naar landen met lage belasting op afkoopsommen. De reparatiewet werd rap aangenomen en is op 29 juni 2009 in werking getreden. De bevoegheid om de belasting over opgebouwde pensioen- en lijfrenteaanspraken blijft dus bij Nederland. Er is nog wel een verschil: de belastingheffing gebeurt niet meer naar de (contante) waarde in het economische verkeer van de pensioen- of lijfrenteaanspraken, maar naar het oorspronkelijke bedrag waarop de premieaftrek werd toegestaan.
Het dossier verhuist vervolgens naar 'Heerlen', de belastingdienst voor particulieren in het buitenland (adres: Belastingdienst Limburg, kantoor Buitenland, Postbus 2865, 6401 DJ Heerlen. Tel. 045 56 03 111. Bezoekadres: Schakelweg 5, 6411 NX Heerlen. BelastingTelefoon Buitenland (voor Nederlanders in het buitenland die Nederlands belastingplichtig zijn): telefoon: (055) 5 385 385, vanuit het buitenland: +31 55 5 385 385. Bereikbaar van maandag tot en met donderdag: 8.00 - 20.00 uur en vrijdag: 8.00 - 17.00 uur. E-mailverkeer is officieel niet mogelijk met 'Heerlen'. Wie in het verleden in Nederland elektronisch aangifte voor de Nederlandse inkomstenbelasting heeft gedaan, kan in Frankrijk nog niet werken met de persoonlijke DigiD-inlogcode. Invoering voor de buitenlanders blijkt technisch nog niet mogelijk.
Pensioenen uit het bedrijfsleven worden bruto overgemaakt. Overheidspensioenen blijven echter belast in Nederland.
Geen DigiD aan Nederlanders in het buitenland De ongeveer 700.000 personen met een Nederlands paspoort in het buitenland kunnen nog steeds niet beschikken over een DigiD om digitaal belastingaangifte te doen. Een DigiD wordt alleen toegekend aan personen met een adres in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). Niet-inwoners staan daarin niet meer ingeschreven. Hoeveel van deze mensen nog belastingplichtig zijn in Nederland is niet bekend omdat nationaliteit bij de uitvoering van de belastingwetgeving geen rol speelt. Een mogelijke oplossing hiervoor ligt in de toekomst bij de invoering van RNI (registratie niet ingezetenen), aldus Staatssecretaris De Jager van Financiën. Hij geeft daarmee antwoord op Tweede Kamervragen over de belastingaangifte van zogenaamde expats. Uit het antwoord volgt ook nog dat één op de drie Nederlanders die zijn verhuisd naar het buitenland het sindsdien lastiger vindt om een belastingaangifte te doen. Zij ergeren zich aan het feit dat ze niet over een DigiD-code beschikken, om op die manier snel via internet hun aangifte te kunnen doen. (06.04.09) DigiD voor AOW-ers in het buitenland Blijkens een mededeling op de website van de Sociale Verzekeringsbank is het voor Nederlanders in het buitenland beperkt mogelijk om een DigiD aan te vragen om daarmee via internet te communiceren met de Belastingdienst en andere instellingen. Met een dergelijke code kan men bijvoorbeeld bij de SVB wijzigingen doorgeven van adres, rekeningnummer, inkomen partner e.d. Ook is er de keuze om een document over bijvoorbeeld inkomen als digitaal bewijsstuk mee te sturen. Eveneens is het mogelijk voor een Nederlander in het buitenland om de eigen gegevens te raadplegen, de maandelijkse specificatie van de AOW in te zien en te printen en de eigen jaaropgave te bekijken en eventueel te printen voor de administratie. Om toegang tot deze webdiensten te krijgen, moet men eerst een DigiD aanvragen. De SVB hierover: 1. U beantwoordt eerst een aantal vragen op de website van de SVB. 2. Uw gegevens worden direct in de administratie van de SVB gecontroleerd. 3. Bij goedkeuring wordt u doorgeleid naar de website van DigiD. U geeft hier een gebruikersnaam en een wachtwoord op. (U kunt hier ook SMS-authenticatie aanvragen. U heeft dit voor de SVB niet nodig. We adviseren deze authenticatie over te slaan.) 4. Van DigiD ontvangt u per post een brief met uw activeringscode. Hiermee kunt u via www.digid.nl uw DigiD activeren. Vanaf dan kunt u bij de SVB gebruikmaken van de webdiensten. Voorlopig zijn de SVB-webdiensten alleen nog in het Nederlands, maar de bedoeling is dat deze ook in andere talen beschikbaar komen. De website van DigiD is vooralsnog alleen in het Nederlands. (13.05.09) |
Print dit artikel
Het 'kiezen' van de fiscale woonplaats
Bij verhuizing naar Frankrijk zal moeten worden vastgesteld waar de fiscale woonplaats zal komen, dat wil zeggen: het centrum van het maatschappelijk en cultureel leven van de belastingplichtige. Een veelgehoord misverstand is dat je bij het opmaken van de aangifte zelf kunt kiezen waar de fiscale woonplaats ligt. De belastingdienst spreekt op zijn website over dit onderwerp verwarrend genoeg nadrukkelijk over een keuzerecht.
Formeel: mensen die in Frankrijk wonen en Nederlands inkomen genieten, zijn namelijk ook belastingplichtig in Nederland en dan heet het ‘buitenlandse belastingplicht’. Van het recht maken vooral Nederlanders gebruik die in de grensgebieden van Duitsland en België wonen. In de meeste andere gevallen is er echter geen daadwerkelijke belasting verschuldigd, aangezien het verdrag tussen Nederland en Frankrijk de belastingheffing over de meeste inkomsten toewijst aan het woonland, Frankrijk. Er hoeft dan ook geen aangifte te worden gedaan in Nederland. In theorie bestaat dat keuze recht wel, maar in de praktijk is het vrijwel ondoenlijk om aan te tonen dat je Nederlands belastingplichtig bent (leuk om de hypotheekrente van je vaste verblijf in Frankrijk af te trekken) en toch je hoofdverblijf en centrum van levensbelangen in Frankrijk te hebben. Dat kan dus niet. In Frankrijk wonende genieters van een overheidspensioen zoals van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds ABP bijven belastingplichtig in Nederland. Maar als deze ABP’ers niet in overheidsdienst werkten, maar toch bij deze dienst pensioen opbouwden, kunnen zij belastingplichtig worden in Frankrijk met het voor gepensioneerden vriendelijke tarief. Of pro rata, een deel overheid, een deel bij instellingen.
Men is in Frankrijk in elk geval inkomstenbelasting verschuldigd als men aan een van de volgende voorwaarden voldoet: • het huishouden (foyer) is in Frankrijk (de plaats waar men permanent verblijft); • de hoofdverblijfplaats (lieu de séjour principale) is in Frankrijk (langer dan 6 maanden per jaar); • men oefent in Frankrijk een beroepsactiviteit uit (kan zowel in loondienst zijn, als free-lancer of via een in Frankrijk ingeschreven eigen bedrijf); • het centrum van de economische belangen ligt in Frankrijk. Het begrip fiscaal ingezetene wordt steeds scherper getoetst. Papieren constructies waarbij men leeft in Frankrijk, maar in Nederland belastingplichtig wil blijven, worden steeds minder getolereerd.
Enkele van de belangrijkste verschillen en mogelijke varianten NL/FR: • De 'liggingsstaat' – hier dus Frankrijk - mag heffen over inkomsten uit onroerend goed, ook al ben je fiscaal inwoner in Nederland. Salarissen worden belast in de 'werkstaat'. • Wie in Frankrijk werkt, betaalt geen loonheffing zoals de inhoudingen op het loon. Arbeidskosten zijn aftrekbaar. Het algemeen forfait is 10% met een maximum van € 13.501 of de werkelijke kosten. De minimum aftrek is € 401. • Wie uit Nederland pensioen ontvangt kan eventuele kosten aftrekken en geniet een forfait van 10% met een maximum van € 3491. Voor de sociale belasting mag de in Nederland verplichte bijdrage Zvw worden afgetrokken; dit is aan te tonen met een kopie van de jaaropgave. • Wie in Frankrijk inkomstenbelasting betaalt, moet zijn totale wereldinkomen opgeven, inclusief eventuele onroerendgoedinkomsten uit Nederland. Deze onroerendgoedkomsten zijn niet belast in Frankrijk, maar voor de bepaling van het tarief moeten ze wel worden meegenomen. • ABP'ers betalen in principe in Nederland belasting, maar moeten wel aangifte doen in Frankrijk omdat ze inwoner zijn van Frankrijk. Vervolgens dienen ook de vrijgestelde bedragen te worden aangegeven, ter bepaling van het tarief. • Aanmelden doe je in het jaar dat volgt op de vestiging in Frankrijk, vóór 31 mei het jaar daar op. Uitstel van aangifte kent men niet in Frankrijk.
SCHOON SCHIP MAKEN MET DE BELASTINGDIENST
De Belastingdienst in Nederland doet onderzoek naar fiscaal onbekend buitenlands vermogen, waaronder buitenlands onroerend goed. Volgens de Belastingdienst hebben vele duizenden Nederlanders, al dan niet bewust, hun buitenlandse woning niet opgegeven. Wanneer u de Belastingdienst verzoekt om uw belastingaangiften met terugwerkende kracht te corrigeren dan komt u er zonder boete vanaf. Wanneer u dit niet doet dan loopt u de kans op 50 tot 100 procent boete! Door de steeds verder gaande Europese fiscale samenwerking zal het steeds moeilijker worden om uw buitenlands bezit buiten het zicht van de Nederlandse fiscus te houden.
Als voormalig projectleider van de Belastingdienst (thans met vervroegd pensioen) ben ik de initiatiefnemer van de inkeerregeling van de Belastingdienst. Via mij kunt u gebruik maken van deze inkeerregeling. Ik kan u hierover informeren en adviseren en gezamenlijk kunnen wij bekijken of het noodzakelijk is om schoon schip te maken. Ik kan ook de consequenties voor u doorrekenen, zodat u niet voor verrassingen komt te staan. Ik kan u begeleiden bij de inkeer en daarbij zorg dragen voor alle bijkomende administratieve rompslomp. Informatie bij Ton Apeldoorn, tel. 072 - 534 7915, e-mail: info@inkeer.nl, website: www.inkeer.nl
|
Print dit artikel
Belasting betalen in Frankrijk
Hoewel algemeen bekend is dat de inkomstenbelasting in Frankrijk tamelijk mild is te noemen, blijken alle belastingen bij elkaar (directe belastingen, indirecte belastingen, sociale belastingen, lokale belastingen, heffingen enzovoort) te zorgen voor een belastingdruk die een van de hoogste ter wereld is.
De regering-Fillon onder leiding van president Sarkozy is het bestuur over het land begonnen met het verstrekken van enkele fiscale tegemoetkomingen, in het jargon van Parijs omschreven als pacquet fiscal, verwoord in de TEPA (travail, emploi, pouvoir d'achat - werk, werkgelegenheid, koopkracht). Deze wet bevat een tiental maatregelen, die door de oppositie steevast worden bestempeld als fiscale cadeautjes voor een kleine groep burgers die het toch al goed hebben. Enkele van de maatregelen: gemaakte overuren worden niet meer belast, studenten tot 26 jaar mogen belastingvrij driemaal het minimumloon verdienen en betaalde rente op onroerendezaakleningen voor de hoofdbewoning kan van de belasting worden afgetrokken of worden terugbetaald aan inwoners die geen inkomstenbelasting betalen: tot 40% over het eerste jaar gerekend vanaf 6 mei 2007 en de volgende vier jaren tot 20% tot een maximum van € 1500 betaalde jaarlijkse rente per koppel. Dit plafond wordt met € 500 verhoogd voor elk inwonend kind. De regeling geldt nadrukkelijk niet voor tweede huizen.
Frankrijk kent geen loonheffing, zoals in Nederland. Elk jaar dient aangifte te worden gedaan. Tegenwoordig sturen werkgevers de salarisgegevens rechtstreeks naar de belastingdienst en ontvangen de belastingplichtigen een al ingevuld aangiftebiljet thuis.
De schijven voor de IR (impôt sur le revenu) dit jaar zijn:
Voorbeeld: een getrouwd stel – er zijn geen kinderen – heeft over 2009 een belastbaar inkomen van € 70.000. Het aantal parts is hier dus 2, per part was het inkomen € 35.000 en dat bedrag wordt gebruikt om te bepalen in welke schijf men valt, in dit voorbeeld in de vierde schijf. Het marginaal belastingpercentage is hier 30. Bij meer parts wordt de tweede tabel toegepast. N voor het aantal parts en R geeft het belastbare inkomen aan. De bruto belasting (zonder aftrekposten) is dan (70.000 x 0,3) – (5484,13 x 2) = 21.000 – 10.968,24 = 10.031,76, afgerond € 10.032, zeg rond 15% bruto inkomstenbelasting. Daarna komen nog zonodig de sociale premies.
| Schijven voor 1 part: |
|
| Inkomen lager dan 5.875 |
0% |
| van 5.875 tot 11.720 |
5,50% |
| van 11.720 tot 26.030 |
14,00% |
| van 26.030 tot 69.783 |
30,00% |
boven 69.783
|
40,00% |
| Schijven voor meer parts: |
|
| Inkomen lager dan 5.875 |
0% |
| van 5.875 tot 11.720 |
(R x 0,055) – (323,13 x N) |
van 11.720 tot 26.030
|
(R x 0,14) – (1.319,33 x N) |
| van 26.030 tot 69.783 |
(R x 0,3) – (5484,13 x N) |
| boven 69.783 |
(R x 0,4) – (12.462,43 x N) |
|
Inkomstenbelasting 2009, op papier en via het net

De Franse belastingdienst is begonnen met het verzenden van de 36 miljoen aangiftebiljetten voor de inkomstenbelasting (déclaration de revenus) 2009. Belastingbetalers die nog met papier werken, hebben tot 31 mei de tijd om het formulier in te vullen, voor zover dat al niet door de belastingdienst zelf is gedaan op basis van salaris- en pensioensgegevens.
Nieuw dit jaar is dat de inleverdatum voor belastingplichtigen die de aangifte via internet doen, nu afhankelijk is gesteld van het departementsnummer en niet meer van de zones A, B en C van de schoolvakanties. Bewoners van de departementen 1 tot en met 19 kunnen elektronisch hun aangifte doen vanaf 26 april en hebben de tijd tot en met 10 juni. Belastingbetalers die wonen in de departementen 20 tot en met 49 hebben de tijd tot 17 juni en de overige departementen vanaf nummer 50 tot 24 juni.
De nieuwe minister van Begrotingszaken François Baroin wil de procedure nog verder vereenvoudigen. Het opereren via internet is sinds vorig jaar versimpeld door het afschaffen van het certificaat waardoor nu vanaf elke computer kan worden gewerkt. Dit jaar zal 90% van de huishoudens een vooringevuld aangifteformulier ontvangen. Men behoeft alleen nog te corrigeren of aan te vullen. Via de website impots.gouv.fr hoopt de minister nog meer télédéclarations binnen te krijgen (het waren er vorig jaar 9,7 miljoen), mede doordat een nieuwe dienst is toegevoegd: na het elektronisch invullen van het formulier kunnen de internautes direct een schatting zien van de te betalen belasting. Het telefonisch doen van aangifte is stopgezet. Vorig jaar maakten slechts 5000 belastingbetalers gebruik van deze dienst.
Nieuw dit jaar is de verschijning van het vakje RSA (de werkloosheidsuitkering Revenu de solidarité active, de vroegere RMI), waarbij aanvullende inkomsten uit een beroepsactiviteit kunnen worden vermeld. Deze opgave van inkomsten uit vrije beroepen is aangepast voor de nieuwe groep van auto-entrepreneurs.
Dit jaar zullen de papieren formulieren niet meer in tweevoud worden verstrekt: besparing 360 ton papier en € 1,7 miljoen. Ook zal worden gevraagd de bankgegevens (RIB) op te geven, zodat terugbetalingen via bankoverschrijvingen zullen gaan lopen in plaats van de 8 miljoen cheques van de plaatselijke Trésorerie.
Frankrijk kent als enige land niet de loonheffing, waarbij de belasting en de sociale premies op het inkomen al bij de bron (salaris e.d.) worden ingehouden. Dank zij de overvloed aan aftrekposten (arbeidskostenforfait, zorg voor de kinderen, alimentatie, isolatie eigen woning enz.) en het systeem dat niet een persoon maar een huishouden wordt aangeslagen, betaalt 43% van de Fransen geen inkomstenbelasting.
|
Schrappen van aftrekposten

François Baroin heeft aangekondigd verder te willen gaan met het schrappen van een aantal aftrekposten, waardoor volgend jaar € 4 miljard in de staatskas blijft. De 470 verschillende regelingen van deze niches fiscales kosten de Franse staat dit jaar € 75 miljard. Een aantal zeer grote ondernemingen kan nog steeds gebruik maken van de regeling waarbij geen winstbelasting is verschuldigd als dochterondernemingen worden verkocht. De staat loopt hierbij honderden miljoenen euro's mis. Het ministerie van Financiën studeert op de zaak, maar heeft al laten weten dat bij afschaffing van deze vrijstellingen de grote ondernemingen fiscaal zullen uitwijken naar landen als België en Nederland, op dit punt bekende belastingparadijzen. |
Fransen moeten broekriem aanhalen

De tamelijke royale steunmaatregelen van de Franse overheid om ernst en haast te maken met de verduurzaming van de Franse samenleving, zullen de komende tijd voor een deel weer worden teruggedraaid. Het kost allemaal te veel geld in een tijd waarin de overheid vele tientallen miljarden moet bezuinigen om de huishoudkas van de staat weer op orde te krijgen. Het gaat er in het Frankrijk van president Sarkozy nog niet zo aan toe als in de andere mediterrane landen zoals het onverantwoord zorgeloze Griekenland of Portugal of Spanje. Maar het besef is zonneklaar, dat er veel moet gebeuren om in 2013 het tekort van 8% van het binnenlands product terug te brengen tot de afgesproken 3%. Het is de Franse overheid ernst.
Zo zal er via de kaasschaafmethode krachtig worden ingegrepen in de talrijk fiscale aftrekposten, de niches fiscales. Nieuw is ook dat milieu- en energiebesparende investeringen door particulieren last krijgen van bezuinigigen. Het plaatsen van zonnecellen zal minder rijkelijk worden gesusbsideerd, het lage btw-tarief bij het opknappen van je Franse huis staat onder discussie en de vele regelingen rond de (eigen) woning worden kritisch tegen het licht gehouden. Ze vergen jaarlijks € 2 miljard.
Al deze en andere financiële en fiscale tegemoetkomingen aan de investerende burger kosten de staat jaarlijks € 15 miljard. Daarom moet op het geheel van de fiscale aftrekposten tot 2010 voor € 8,5 miljard à € 10 miljard (ongeveer 10%) worden bespaard. Daarbij denkt minister van begrotingszaken François Baroin aan het beperken van de jonge (2007) beperkte 'hypotheekrente-aftrek', een belastingteruggave, crédit d'impôt (zie kader hiernaast). Verder wil Jean-Louis Borloo, minister van Milieu, de hulp bij het installeren van fotovoltaïsche zonnepanelen halveren. Ook kijken de ministeries naar de lage btw van 5,5% op woningverbetering. Alleen de verbouwingen die ecologisch nut afwerpen zouden nog voor het lage tarief in aanmerking komen. Dus nieuwe tegels in de badkamer voor 19,6% en een energiezuinige cv-ketel voor 5,5%. Voorts zal er worden gesneden in de fiscale steun bij de thuishulp en de studentenhuisvesting en komt er een versobering van de hulp aan gehandicapten.
Naast deze vormen van besparingen moet er nog € 10 miljard gevonden worden bij de overheid zelf, die verwacht in drie jaar 100.000 ambtenarenposten te kunnen opheffen. De historische operatie, samen met de groei van de economie, moet leiden tot een terugdringen van het tekort met € 100 miljard in drie jaar. De economische groei is daarbij de belangrijkste aanjager. De Franse overheid rekent op 2,5% dit jaar, maar economen en economisten van talrijke internationale instituten achten deze verwachting te optimistisch. Minister Christine Lagarde van Economische Zaken zal het groeicijfer in de loop van het jaar - vermoedelijk naar beneden - bijstellen. Zij wenst ook niet dat alle fiscale aftrekposten door de kaasschaaf worden gemutileerd: zo moet de thuishulp niet worden getroffen. Ook moet de belastingteruggave voor investeringen in onderzoek en ontwikkeling door ondernemingen gehandhaafd blijven, vindt de minister.
|
Leenbedragen renteloze lening lager

Het duwtje in de rug voor Franse inwoners die voor de eerste keer een huis kopen, is wat afgezwakt. Het te lenen bedrag voor de renteloze lening (prêt à taux zéro (PTZ) is per 1 juli verlaagd van de maximale € 65.100 tot € 48.750 en zal op 1 januari 2011 verder zijn gedaald tot € 32.550. De hoogte van het leenbedrag is afhankelijk van inkomen en gezinssamenstelling. De gratis lening, te voegen bij andere leningen, is een groot succes gebleken. De groep kopers die voor de eerste keer een huis kopen, de primo-accédants, maakt nu 30% uit van de huizenkopers. Het is te verwachten dat de overheid binnenkort met een wijziging komt van de maatregelen die het kopen van een huis stimuleren. De beperkte hypotheekrente-aftrek voor de toetreders (kost de staat dit jaar € 1,5 miljard) zou plaats moeten maken voor een renteloze lening die meetelt bij de bepaling van de inbreng van het eigen geld. Met deze opgehoogde apport personnel moet het gemakkelijker worden om een hoofdlening bij de bank te krijgen. Ook hier gaat het om voorzieningen waarvan alleen de primo-accédants gebruik kunnen maken bij de koop van de hoofdwoning. Deze grote groep bestaat uit toetreders van gemiddeld 35 jaar oud met bescheiden inkomens en minder vaste loopbaanvooruitzichten dan 20 of 30 jaar geleden. Het zijn vrijwel altijd tweeverdieners.
|
Valse mailberichten over belastingteruggave Het Franse ministerie van Financiën waarschuwt de Franse belastingbetalers voor valse mailberichten die worden verstuurd met de mededeling dat een belastingteruggave zal worden gedaan. Men verzoekt daarbij tal van persoonlijke gegeven op te geven, waaronder bankrekeningnummer en pincode. Het ministerie wijst er op dat het om frauduleuze mailberichten gaat en meldt dat de belastingdienst nooit om rekeningnummers vraagt bij het doen van terugbetalingen of uitbetalingen van de crédits d'impôts. Het ministerie beveelt aan nooit te reageren op deze berichten. Men zou ze wel kunnen doorsturen naar de belastingdiensten in de omgeving (centre des impôts, service des impôts des particuliers of trésorerie) zodat eventueel actie kan worden ondergenomen tegen de fraudeurs, veelal actief in landen als Nigeria. Ten slotte wordt geadviseerd het bericht geheel te verwijderen uit de mailbox.
Sarkozy wil dat zijn onderdanen meer te besteden hebben en heeft zijn lang gekoesterde wens om de successiebelasting te verlichten direct tot uitvoering gebracht. Zo zijn de successierechten voor de overblijvende partner (getrouwd of gepacseerd) afgeschaft en de rechten voor erfgenamen en ontvangers van schenkingen aanzienlijk verlaagd door het fors ophogen van de vrijstellingen. Het belastingplafond (bouclier fiscal) is weer verlaagd en wel van 60 naar 50%. Het totaal aan te betalen belastingen (inkomstenbelasting, vermogensbelasting, lokale belastingen, sociale belastingen) kan
niet meer dan 50% van het inkomen zijn waarbij nu ook de sociale heffingen van 11% worden meegerekend. Kijkbelasting en lokale belastingen op tweede huizen tellen niet
mee in deze berekening.
De grondslag voor de vermogensbelasting zal kunnen worden verlaagd met maximaal € 50.000 bij aandelenparticipaties in het midden- en kleinbedrijf of in organisaties van algemeen belang. De bouclier fiscal blijkt vooral te worden aangevraagd door mensen met lage tot zeer lage inkomens die in het bezit zijn van een eigen woning. De twee lokale belastingen zorgen er voor dat deze categorieën al snel meer dan 50% van hun inkomen aan directe belastingen betalen.
Wil/moet men belasting gaan betalen in Frankrijk, dan zal men zich moeten wenden tot het regionale belastingkantoor (Centre des Impôts – CDI), waar een meestal hulpvaardige meneer of mevrouw helpt bij het zo nodig invullen van het zeer ingewikkeld ogende, maar in feite zeer simpele aangiftebiljet (déclaration des revenus). Wie uit Nederland een pensioen ontvangt, hoeft slechts één hokje in te vullen met het jaarinkomen. Aftrekposten zijn er meestal niet, soms kan een voorziening aan het huis voor een belastingteruggave zorgen. Echte aftrekposten (abattements) liggen meer in de sfeer van alimentatie en onderhoud van familieleden en ouders.
Het CDI is het kantoor waar de aanslagen worden voorbereid; de overal in het land verspreide kantoren en kantoortjes van La Trésorie of Le Trésor public zijn er alleen om betalingen te doen voor alle vormen van belastingen: de inkomstenbelasting, de onroerendgoedbelasting, enzovoort. Op termijn zullen die twee instellingen fuseren. Het Centre des impôts berekent de belastingen en is de instelling die de bezwaren afwikkelt. Voor de eerste keer zul je zelf een aangiftebiljet moeten aanvragen voor de inkomstenbelasting (l’impôt sur le revenu), dat krijg je niet 'automatisch'. Buitenlanders die zich voor het eerst melden, krijgen folders mee om zich te verdiepen in het
ingewikkeld ogende systeem. Doe je helemaal niets en de Franse fiscus ontdekt dat er belasting had moeten worden betaald, dan kunnen er fikse boetes volgen. Het formulier is ook te downloaden. Veel propaganda maakt de Franse belastingdienst voor het elektronisch insturen van de aangifte, niet via een belastingdiskette maar via internet. Wie op deze manier zijn déclaration de revenus inlevert, krijgt wat meer tijd om die aangifte op te sturen dan de vastgestelde datum voor de mensen die nog met papier werken.
Wie het niet eens is met een aanslag kan dat in der minne proberen te regelen bij de lokale belastingdienst. Lukt dat niet, dan kan men nog een poging wagen bij de
departementale bemiddelaar in fiscale zaken, le conciliateur départementale. Ten langen leste is nog een verzoek mogelijk aan de landelijke belastingombudsman, le médiateur du ministère des Finances (Télédoc 215, 139 rue de Bercy, 75572, Paris, Cedex 12, mediateur@finances.gouv.fr). Problemen met de plaatselijke belastingen kunnen tot 31 december van het jaar volgend op de aanslag nog ter bemiddeling worden voorgelegd; kwesties met inkomstenbelasting, overdrachtsbelasting, successiebelasting zelfs tot 31 december van het tweede jaar.
Voorbeeldbrief om de ombudsman fiscale zaken (médiateur des impôts) in te schakelen bij een conflict met de belastingdienst.
Bij een conflict met het plaatselijke Centre d'Impôts dat niet oplosbaar lijkt, kan men een beroep doen op deze in Parijs zetelende médiateur. Deze dienstverlening is gratis. Het inschakelen van deze ombudsman schort de betalingsverplichting aan de fiscus niet op.
|
Naam, voornaam adres
Recommandée avec avis de réception Monsieur le Médiateur,
Un litige me sépare du Centre des Impôts de ........ (plaatsnaam invullen.) En effect, ce CDI (uitleggen wat het conflict inhoudt, bijvoorbeeld refuse la déduction des mes frais de repas enz.) J'ai adressé une réclamation au chef de ce centre, mais celle-ci a été rejetée le ....... (datum van afwijzende beschikking opgeven), comme le montre la copie jointe.
En conséquence, je sollicite votre aide et vous demande de bien vouloir intervenir auprès de ce CDI que ce dossier évolue rapidement.
Vous remerciant, je vous prie de croire, Monsieur le Médiateur, à l'expression de mes respectueux sentiments.
|
Plaatsnaam, le ..... 20..
Médiateur du ministère de l'économie et des finances
Télédoc 125
139, rue de Bercy
5572 Parix Cedex 12
Handtekening
|
Voor meer voorbeeldbrieven aan Franse instanties, schrijf een mail naar info@infofrankrijk.com
Wie geen inkomstenbelasting hoeft te betalen, doet er verstandig aan toch een aangifteformulier op te halen, in te vullen en op te sturen. Men kan aldus geregistreerd toch aanspraak maken op kortingen en uitkeringen die elders in het systeem worden gehanteerd, zoals geen of lagere lokale belastingen, geen kijkgeld en belastingteruggaven (crédits d’impôt). Investeringen in en aan het huis waarop subsidies worden verleend in de belastingsfeer, kunnen bij het bezit van een statut de non-imposable worden uitbetaald. Bij anderen gebeurt dat via het vaststellen van het uiteindelijk te betalen belastingbedrag.
De Franse belastingdienst hanteert twee begrippen bij het opvoeren van kosten of gedane uitkeringen. De hoogte van het belastbaar inkomen kan worden verlaagd door aftrekposten toe te staan. Dat gaat dan hoofdzakelijk om het opvoeren van bijdragen die aan familieleden zijn gedaan – kinderen bij echtscheiding (alimentatie), behoeftige ouders en/of grootouders. Daarnaast hanteert de fisc steeds meer het systeem van belastingteruggave, bekend onder de naam crédit d’impôt. Het betreft hier uitgaven die in het algemeen belang zijn gedaan (giften aan liefdadigheidsinstellingen) maar ook voor milieuvriendelijke investeringen aan het eigen huis.
Nederlands 'homohuwelijk' nu ten volle erkend Namens de minister van Economische Zaken van Frankrijk heeft het departement twee Nederlandse getrouwde mannen bericht dat hun in Nederland gesloten huwelijk in Frankrijk rechtsgeldig is. Dit is een nieuwe - fiscale - uitspraak, waarmee Frankrijk erkent dat de in het buitenland gesloten huwelijken, ook die van echtelieden van gelijk geslacht, in alle opzichten rechtsgeldig zijn. In december 2006 hebben de twee problemen ondervonden met de Franse fiscus, die het in Nederland rechtsgeldig gesloten huwelijk niet wenste te erkennen, met als argument dat in Frankrijk geen 'homohuwelijk' bestaat en dat zij derhalve als twee vrijgezellen voor de inkomstenbelasting werden aangeslagen. Later is zelfs door de Franse belastingdienst gesuggereerd om de huwelijkse staat voor de Franse wet om te zetten in een samenlevingsovereenkomst, de Pacs. De twee mannen hebben deze uitspraken van de Franse overheid tot op het niveau van de Minister van Economische Zaken (waaronder de belastingdienst valt) aangekaart. Dankzij de inzet van hun advocaten en met een lawine aan argumenten, die met name teruggrijpen naar de verdragen van Nice en Amsterdam, waarin in artikel 12 iedere discriminatie op grond van nationaliteit wordt verboden, is het gelukt om de positieve uitspraak te krijgen. Op 11 juli, drie dagen voor het aflopen van de gestelde termijn om de zaak aan te kaarten bij het Tribunal Administratif, ontving één van de advocaten een antwoord namens de Minister van Economische zaken, waarin de zaak werd beklonken. Er wordt verwezen naar de antwoorden van de Minister van Justitie aan het kamerlid Mariani en aan senator Masson uit 2005 en 2006: het Franse recht erkent de in het buitenland gesloten huwelijken, ook van echtelieden van gelijk geslacht, onder voorwaarde dat de wet van het betreffende land, waar het huwelijk gesloten is, dergelijke huwelijken erkent én dat de wet die geldt voor een ieder van de echtelieden (de wet van het land waar zij vandaan komen) een dergelijk huwelijk erkent.
|
Print dit artikel
De nieuwe bonus/malusregeling voor auto's

Per 1 januari zijn nieuwe bedragen vastgesteld voor de bonus écologique (de premie) en de malus écologique (belasting). De premies zijn hierbij niet onbelangrijk verlaagd. Bij de malus zijn de heffingen gelijk gebleven, maar zijn de emissies per schijf verlaagd. Om te weten te komen hoeveel de nieuwe auto uitstoot, is de site te raadplegen van Ademe, Agence de l’environnement et de la maîtrise de l’énergie.
De bonus
€ 0 (€ 200 in 2009) voor auto's die een uitstoot hebben tussen 126 en 130 gram CO2/km € 100 (€ 200 in 2009) voor auto's met een uitstoot tussen 121 en 125 gram
€ 100 (€ 700 in 2009) voor auto's met een uitstoot tussen 116 en 120 gram
€ 500 (€ 700 in 2009) voor auto's met een uitstoot tussen 101 en 115 gram
€ 500 (€ 1000 in 2009) voor auto's met een uitstoot tussen 96 en 100 gram
Bij een emissie tussen 61 en 95 gram CO2/km blijft de bonus € 1000 en het maximumbedrag, minder dan 61 gram, blijft € 5000.
De malus
€ 200 voor auto's met een uitstoot tussen 156 et 160 gram CO2/km € 750 voor auto's met een uitstoot tussen 161 et 195 gram € 1600 voor auto's met een uitstoot tussen 196 et 245 gram
€ 2600 voor auto's met een uitstoot boven 246 gram
Bij de verkoop van tweedehands auto die na 1 juni in circulatie zijn gekomen, geldt de belasting op het kentekenbewijs, de surtaxe CO2 kortweg. Deze bedraagt € 2 voor elke gram uitstoot boven de 200 tot 250 gram per kilometer en € 4 per gram boven de 250 gram emissie. Voorbeeld: bij een tweedehands auto die een emissie heeft van 320 gram, moet men eerst € 2 betalen voor de eerste tranche van 201 tot 250 gram, ofwel 50 x € 2 is € 100. Daarnaast nog voor de tranche van 251 tot 320, ofwel 70 x € 4 is € 280. De taxe additionnelle à la immatriculation wordt dan € 380. Mensen die op superethanol E85 rijden, behoeven maar de helft van deze taxe te betalen. De algemene surtaxe komt bij de 'normale' vergoeding bij het verkrijgen van de carte grise die per departement verschilt. Erg vervuilende auto's - meer dan 250 gram kooldioxyde per kilometer - worden belast met een jaarlijkse heffing. Eigenaren van dergelijke voertuigen moeten deze zelf melden voor 31 januari bij de plaatselijke belastingdienst.
Print dit artikel
Sociale premies en sociale belasting
Naast de fiscale heffingen kent Frankrijk ook de inhouding van sociale belastingen, de beruchte CSG, Contribution Sociale Generalisée, de PS, Prélèvement Sociale over opbrengsten uit sparen en beleggen, CAPS, Contribution Additionnelle au Prélèvement Social en de CRDS, Contribution au Remboursement de la Dette Sociale. De laatste is te beschouwen als een soort solidariteitsheffing om de tekorten (la dette) bij de sociale zekerheid Sécu aan te vullen.
De percentages van deze heffingen: steeds oplopende CSG voor huuropbrengsten en beleggingen 8,2% (voor andere inkomens gelden iets andere percentages). De CSG is gedeeltelijk aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. CRDS stabiel op 0,5% en PS met 2% ook stabiel plus nog een aanvullende bijdrage van 0,3% voor de CAPS. Dit jaar is er 1,1% bijgekomen in de vorm van een heffing op beleggingsinkomsten van 1,1%. Samen 12,1% derhalve aan sociale heffingen. De drie voorheffingen worden geheven op alle verkregen inkomsten; bij inkomen uit arbeid en op de uitkeringen worden alleen de CSG en CRDS ingehouden over 97% van de bruto betalingen. Inkomsten uit sparen en beleggen (dividenden) worden in totaal met 12,1% belast, direct al bij de bron ingehouden of via de inkomstenbelasting bij Nederlanders die hun rente-inkomsten uit Nederland opgeven.
Winsten over beleggingen (plus-values) bij de verkoop van aandelen, obligaties en dergelijke kennen sinds 2010 geen vrijstelling meer bij de heffing van sociale premies. Verkopen van effecten tot € 25.830 (2010) zijn vrij van inkomstenbelasting. Voor hogere transacties gelden de belasting (18%) en wel vanaf de eerste euro. In de oude situatie gold het systeem dat pas belasting moest worden betaald over het meerdere van het drempelbedrag. Beleggingsverliezen, de moins-values, mogen worden verrekend.
Overigens geldt voor de Fransen de bevrijdende voorheffing, PFL, prélèvement forfaitaire libératoire. Dit forfait wordt bij de bron ingehouden: voor de Fransen 18% belasting en 12,1 cotisations sociales).
Mensen die in loondienst zijn, moeten ook nog andere premies betalen.
Meer controle op afdracht sociale premies
Bij een verhoogde controle door de Urssaf op het afdragen van sociale premies door het bedrijfsleven, is vorig jaar € 781 miljoen opgehaald, een verhoging met 70%. Werkgevers die te veel premie betaalden kregen € 213 miljoen uitgekeerd (- 15%). Het saldo van € 568 miljoen is teruggestort in de kas van de Sécurité sociale. De hogere opbrengst wordt voor het grootste deel verklaard uit het opvoeren van de controles: van één op de tien ondernemingen met 10 tot 200 werknemers naar één op de vijf met meer dan 200 personeelsleden. Ook is meer gekeken naar bedrijven waarvan algemeen bekend is dat de personeelsadministratie te wensen overlaat. Het onderzoek van de Urssaf is uitgebreid met het raadplegen van bankgegevens en die van EDF en telefoonmaatschappijen. In totaal moest 63% van de gecontroleerde bedrijven niet voldoende afgedragen premies bijbetalen. Dat percentage was tien jaar geleden nog 40. Het niet afdragen van de cotisations sociales gebeurt meestal over bijzondere beloningen, zoals premies, betalingen in natura, winstdelingsregelingen. Ook blijken er administratieve fouten te worden gemaakt bij de berekening van premies en gemaakte arbeidskosten. Vorig jaar is ook gecontroleerd op zwart werken. Bij 9000 controles blijkt voor € 130 miljoen niet aan premies te zijn afgedragen, 20% meer dan over 2008. Hierbij gaat het om eenvoudige administratieve laksheid tot een bewuste strategie om fraude te plegen. (12.08.10)
Ook na de invoering van de Zorgverzekeringswet per 1 januari 2006 kan een Nederlander die in Frankrijk inkomstenbelasting betaalt de in Nederland ingehouden bijdragen voor de ziektekostenverzekering aftrekken van de opgegeven inkomsten. Men moet het inkomen invullen in de vakjes AP of BP voor vroeg gepensioneerden of in de vakjes AS of BS voor pensioenen, WAO-uitkeringen en dergelijke. Wie die aftrekmogelijkheid niet heeft benut, zou aan zijn lokale belastingdienst kunnen vragen de aftrekmogelijkheden nog voor eerdere aanslagen te laten gelden. Gemakkelijker is de toegelaten praktijk om de inkomens netto te vermelden op het Franse aangiftebiljet, dus met aftrek van de in Nederland ingehouden bijdragen voor de Zorgverzekeringswet en AWBZ. Uit een bescheiden enquête onder Nederlanders in het buitenland blijkt dat in België, Duitsland en Frankrijk de CVZ-inhoudingen op de Nederlandse pensioenen en dergelijke door de belastingdienst als aftrekpost van de inkomstenbelasting worden geaccepteerd. De vrijstelling geldt weer niet voor lijfrente en uitkeringen uit kapitaal. Als daarop ook zorgpremie is ingehouden, zou wellicht met succes toch een beroep gedaan kunnen worden op het vermijden van dubbele heffing.
Goed om te weten voor de Nederlanders die een lijfrente ontvangen uit Nederland en in Frankrijk belasting betalen: deze betalingen vallen onder Rentes Viagères à Titre Onéreux en kunnen voor een aardige belastingbesparing zorgen al naar gelang de leeftijd. Men betaalt over 70% van de lijfrente inkomstenbelasting als men jonger is dan 50 jaar. Deze percentages dalen tot 50 bij een leeftijd van 50 tot 59 jaar, 40 bij een leeftijd van 60-69 jaar en nog maar 30 als je ouder bent dan 70 jaar. Over deze uitkeringen moeten wel sociale belastingen worden afgedragen.
Print dit artikel
De fiscus en de Franse onroerende zaak
Bezitters van tweede huizen in Frankrijk hoeven geen huurwaardeforfait hun inkomen bij te tellen, hoeven geen huurinkomsten op te geven aan de Nederlandse fiscus en kunnen onderhoudskosten dan ook niet meer aftrekken. De huurinkomsten van de steeds talrijker uitgebate gîtes moeten aan de Franse belastingdienst worden opgegeven. Een gîte en zelfs een stacaravan verhuren valt voor deze dienst onder de activiteit BIC (bénéfices industriels et commerciaux).
De hypotheekrente voor tweede huizen is al sinds enkele jaren niet meer aftrekbaar. Bij de huidige Nederlandse belastingwetgeving valt zo’n tweede huis in het buitenland wat de inkomstenbelasting betreft in box 3. Dit betekent dat 1,2% inkomstenbelasting wordt geheven over de waarde van dat Franse bezit. Een deel van tweedehuizenbezit is gefinancierd met een hypothecaire lening. Tot voor kort konden deze eigenaren de volledige waarde van dat Franse huis in mindering brengen, maar de Hoge Raad heeft hiervoor een stokje gestoken. Al sinds 1973 is vastgelegd (belastingverdrag Nederland en Frankrijk) dat Frankrijk mag heffen over het onroerend goed in Frankrijk. Het gaat dan om de vermogensbelasting die verschuldigd is bij een bezit van meer dan € 770.000. Maar ook Nederland mag heffen en ter voorkoming van dubbele belasting, kan de tweedehuizenbezitter de waarde van het Franse onderkomen in Nederland aftrekken. Deze aftrek is door de uitspraak van de Hoge Raad echter beperkt tot de waarde minus de hypotheek. Er kan dus minder worden afgetrokken, zodat de rendementsheffing (box 3) hoger uitvalt.
Voor de bepaling van de waarde van het Franse huis moet men kijken naar de waarde ervan in het economische verkeer en moet een gemiddelde zijn van de waarde die is gemeten op 1 januari en 31 december. Deze waarde kan blijken uit een taxatierapport, maar dat zullen weinig mensen laten opstellen, het wordt meer een kwestie van schatten en de marktprijzen in je omgeving in de gaten houden. Op grond van de aftrek ter voorkoming van dubbele belasting mag dit bedrag gelijk weer in mindering worden gebracht. Dit betekent dat geen inkomstenbelasting is verschuldigd over de buitenlandse woning.
Door de werking van het arrest-De Groot is het voor de Belastingdienst niet zo interessant meer om te weten of er in het buitenland nog onroerende zaken worden aangehouden. Men is veel meer geïnteresseerd in de vraag naar de herkomst van de gelden waarmee dat buitenlandse huis is betaald. Is het onroerend goed gefinancierd met zwart geld of met geld dat is opgenomen van een bij de fiscus onbekende buitenlandse bankrekening? Is dat het geval, dan kan een navorderingsaanslag worden opgelegd. Wie zijn buitenlandse woning in het verleden nooit heeft vermeld in de belastingaangifte en gebruik maakt van de inkeerregeling, zal geen aanslag ontvangen van de Belastingdienst.
Print dit artikel
Belasting winst verkoop woning, de plus-value
In Frankrijk moet in principe belasting worden betaald over de winst die particulieren behalen bij de verkoop van hun tweede woning. Dit is bedoeld om speculatie te ontmoedigen. De belasting moet dus worden betaald over het verschil tussen de aankoop- en verkoopprijs, de zogenoemde plus-value. Er geldt een vrijstelling als het gaat om de verkoop van de hoofdverblijfplaats.
De winstbelasting geldt niet voor onroerendgoedtransacties lager dan € 15.000. Bij de overige huizen, dus vrijwel altijd vakantiehuizen, wordt de soep overigens niet zo heet gegeten als zij wordt opgediend: de aankoopprijs kan fors worden verhoogd doordat kosten kunnen worden opgevoerd. En gepensioneerden die van een karig pensioentje moeten leven en daarom zijn vrijgesteld van de betaling van de taxe d’habitation, hoeven bij de verkoop van hun huis geen plus-value te betalen. Zij moeten dan wel buiten de vermogensbelasting vallen.
De Franse overheid heeft de berekening van de plus-value aanzienlijk vereenvoudigd. Er is een bronheffing van 28,1% (voor verkopers die onder het Franse belastingregime vallen) en een groot deel van de administratieve wirwar is van de baan. In de oude situatie was men pas na 22 jaar vrij van het betalen van de belasting op de verkoopwinst. Dat is veranderd in 15 jaar via een aftrek van 10% per jaar vanaf het vijfde jaar. Punten die de plus-value beïnvloeden zijn: • De aankoopkosten (makelaar, notaris) mogen bij de aanschafprijs worden opgeteld: 7,5% of de werkelijke kosten als deze de 7,5% te boven gaan. • Kosten van reparaties en verbeteringen mogen, als het huis vijf jaar in bezit is, eveneens bij de aankoopprijs worden opgeteld; wie de facturen niet meer heeft, kan een algemeen forfait van 15% opvoeren. • Dan hebben we de gecorrigeerde aanschafprijs en is de ‘winst’ te berekenen. • De overwinst, de plus-value, mag jaarlijks met 10% worden verlaagd, gerekend vanaf het zesde jaar dat het huis in bezit is; dat betekent dat na vijftien jaar geen belasting meer is verschuldigd. Wie zijn huis na 8 jaar bezit verkoopt, mag dus driemaal (8 jaar min vijf jaar) 10% aftrekken, dus 30%. • Na berekening van de winst wordt nog een algemene korting van € 1000 toegepast. • Het tarief van de belasting is voor personen en een niet-commerciële SCI 28,1% (16% voor buitenlanders die geen sociale premies hoeven af te dragen) en wordt voortaan direct bij de notaris afgehouden van de verkoopprijs (wordt voor belastingplichtigen niet meer verrekend met de inkomstenbelasting).
Vrijgesteld van de belasting op de plus-value van onroerend goed zijn mensen geen wegens leeftijd/laag inkomen geen taxe d'habitation behoeven te betalen en personen die in het bezit zijn van een carte d'invalidité van de 2e of 3e categorie, onder twee voorwaarden: niet onderworpen zijn aan de vermogensbelasting en een bescheiden inkomen genieten. Uitgegaan wordt van een belastbaar inkomen van twee jaar eerder: in 2010 geldt dan het belastbaar inkomen over 2008 dat voor een koppel niet hoger mag zijn dan circa € 15.000 (€ 14.666 in 2009).
Een rekenvoorbeeld:
|
Aankoopprijs
|
Ffr 750.000
|
| Aankoopkosten |
Ffr 67.500 |
|
Nieuw dak (forfait 15%)
|
Ffr 112.500
|
| Totaal 'aankoopprijs' |
Ffr 930.000 ofwel € 141.777 |
| Bruto winst € 200.000 - € 141.777 |
€ 58.223 |
| Aftrek voor periode in bezit (4 jaar vanaf het zesde jaar) 40% |
€ 23.289 |
| Algemene aftrek |
€ 1000 |
| Belastbare plus-value € 58.223 - (€23.289 + € 1000) |
€ 33.934 |
Te betalen 28,1% van € 33.934* 16% voor buitenlandse ingezetenen
*de percentages worden vermoedelijk 29,1 en 17 |
€ 9162 € 5429 |
Eigenaren van een Frans huis die emigreren en hun huis, langer dan vijf jaar in hun bezit, als tweede woning achterlaten, behoeven bij de verkoop van dat onderkomen de winstbelasting niet te betalen. Geen plus-value is, onder zekere voorwaarden, verschuldigd als gepacseerden of samenwonenden bij het uitelkaar gaan het huis moeten verkopen, ook al gaat het om het tweede huis.
De belasting op de winst bij een SCI: de maatschap verkoopt het huis en verdeelt de overwinst onder de aandeelhouders pro rata. Voor de deelnemers die het huis als hoofdbewoning hebben is er een vrijstelling, maar alleen voor hun aandeel in de SCI. Een aandeelhouder die 60% van de aandelen bezit in de SCI is dus voor 60% van de behaalde verkoopwinst van deze hoofdbewoning de taxe verschuldigd. Als de SCI eigenaar is van een vakantiehuis geldt de 'gewone' regeling (vrij van belasting na 15 jaar).
Bij nieuwe woningen (jonger dan vijf jaar) geldt ook het regime van de belasting op de meerwaarde, maar pas na verrekening van de omzetbelasting TVA. Men zal bij verkoop TVA moeten betalen over de behaalde winst, je wordt dan min of meer als een handelaar beschouwd. Als de belastingdienst bij de verbouwing van ruïnes en bouwvallen meent dat bij het opknappen ervan sprake is van feitelijke nieuwbouw, kan ook TVA worden geheven. Maar dan moet de bouwer van dat opknappen wel zijn beroep hebben bemaakt en wordt hij beschouwd als marchand de biens. De betaalde TVA kan in dergelijke gevallen dan uiteraard ook worden opgevoerd.
Terug naar de verkoop van bestaande huizen, ouder dan vijf jaar: De op te voeren kosten moeten wel echte verbouwingskosten zijn. Bij aankopen van bouwmateriaal door de aannemer zal men expliciet om een factuur moeten vragen waarop naam en woonplaats staan vermeld; alleen een kassabon is niet voldoende om later bij de verkoop van het huis de waardestijging door de verbouwing te kunnen aantonen. Facturen van vloerbedekkingen en binnenschilderwerk bijvoorbeeld worden niet als bewijzen van verbouwingskosten aangemerkt. Ook rekeningen van Nederlandse aannemingsbedrijven worden niet geaccepteerd. Heeft men zelf veel geklust, dan kunnen de materiaalkosten en de zelf verrichte arbeid niet meer worden opgevoerd. Verbouwingen moeten geen luxevoorzieningen zijn, de kosten ervan mogen niet meer in de berekeningen worden opgenomen.
De notaris taxeert al met al de waarde van het huis, maar sinds 2004 beoordeelt bij huizen van meer dan € 150.000 een représentant fiscal, ook wel représentant accrédité genoemd, de winstbelasting. Dat kan een toegelaten bank zijn of een speciale instelling. Bij de bepaling van de plus-value van huizen van buitenlanders wil deze fiscaal vertegenwoordiger nogal eens moeilijk doen bij het accepteren van aftrekposten en ergerlijk talmen bij de overdracht van de koopsom of bovendien soms zelfs waarborgsommen vragen, bevreesd als hij is door de Franse fiscus op de vingers te worden getikt wanneer de belasting op de plus-value niet kan worden geïncasseerd. Zo’n fiscaal vertegenwoordiger kan bij kleine transacties een aangewezen en toegelaten persoon zijn, maar bij hogere bedragen treedt vaak een organisatie op. Tamelijk berucht is de SARF in Parijs (Société Accréditée de Représentation Fiscale), die strenge rapporten maakt en de nieuwe regels strikt uitvoert.
Er geldt een vrijstelling voor deze belasting bij invaliditeit en voor gepensioneerden waarbij het inkomen niet hoger is dan € 9876 voor een alleenstaande + € 2637 voor elk halve part, dus per koppel bedraagt het plafond € 12.513.
Print dit artikel
De vier plaatselijke belastingen: taxe d’habitation, twee taxes foncières en gewijzigde taxe professionnelle
Huizen- en grondbezitters betalen in Frankrijk ook vormen van 'onroerendezaakbelasting': de taxe d'habitation, de taxe foncière bâtie en de taxe foncière non bâtie, bebouwd en onbebouwd dus. Huurders betalen alleen de taxe d'habitation. Beide belastingen zijn gebaseerd op de kadastrale huurwaarde (valeur locative cadastrale brut), waarna er nog tal van toeslagen volgenen jaarlijks prijsaanpassingen plaatsvinden.
Op het aanslagbiljet is de kadastrale waarde van je huis niet te vinden, wel staan de grondslagen vermeld: voor de taxe foncière is die 50% van de valeur locative cadstrale voor het bebouwde deel en 80% voor het onbebouwde deel. Voor de taxe d’habitation is de belasting 50% van de huurwaarde. Op het gemeentehuis is een kopie verkrijgbaar met alle bedragen en kengetallen. Met die bedragen is de waarde tot de 100% terug te rekenen. Het gaat bij deze lokale belastingen om fors uitgegroeide bedragen. Bij elke verbetering aan het huis door verbouwingen, uitbreidingen, aanleg zwembad, gaan de tarieven verder omhoog. Maar als je binnen 90 dagen na de definitieve voltooiing van het werk zulks meldt aan het belastingkantoor, krijg je twee jaar vrijstelling van de verhoging van de taxe foncière. Bij nieuwbouw en grote restauraties geldt so wie so een uitstel van betaling van de taxe foncière voor twee jaar. Als je een (gedeelte van het) huis verhuurt als gîte, dan hoef je over dat deel geen taxe d’habitation te betalen.
Voorbeeldbrief om de berekening van de taxe d'habitation te bestrijden.
De vaststelling van de grondslag waarop de taxe d'habitation wordt berekend is ingewikkeld en ondoorzichtig. Uitgangspunt is de vooral theoretische huurwaarde (valeur locative). Wie meent dat de hoogte van de aanslag erg verschilt met vergelijkbare woningen in de omgeving of bij het kadaster het fiche d'évaluation cadastrale heeft ingezien, kan in het geweer komen. Er kunnen fouten zijn gemaakt. Bedenk wel dat de fiscus bij een dergelijk verzoek ook de andere belastingzaken nakijkt, zoals de inkomstenbelasting.
|
Naam, voornaam adres
Recommandée avec avis de réception
Madame, Monsieur,
La lecture de la fiche d'évaluation cadastrale de mon logement laisse apparaître (bijvoorbeeld) l 'existence d'un chauffage centrale alors que le logement est cahuffé par un poêle à feu continu.
La valeur locatieve retenue pour mon logement iest donc erronée.
Je vous saurais gré de bien vouloir la modifier en conséquence et recalculer le montant de mon imposition.
Vous en remerciant, je vous prie de croire, Madame, Monsieur à l'expression de mes respectueux sentiments.
(Bijlage) PC: copie de l'avis de taxe d'habitation
|
Plaatsnaam, le ..... 20..
Centre des impôts foncier de
...............
(plaatsnaam en adres)
Handtekening
|
Voor meer voorbeeldbrieven aan Franse instanties, schrijf een mail naar info@infofrankrijk.com
|
Taxe foncière en taxe d'habitation en de vrijstellingen Genieters van ouderdomsuitkeringen of van aanvullende invaliditeitsuitkeringen behoeven geen grondbelasting te betalen als het om hun hoofdbewoning gaat. Ook ouderen boven de 75 jaar en personen die een uitkering voor gehandicapten ontvangen (belastbaar inkomen over 2010 niet hoger dan € 9876 voor één part) zijn vrijgesteld van de taxe foncière. Het plafond voor de taxe d'habitation is € 28.650. Vrijstellingen worden niet automatisch verleend, maar moeten worden aangevraagd. Mensen tussen de 65 en 75 jaar oud die aan de vrijstellingseisen voldoen, ontvangen een korting van € 100. Woningbezitters die een huis willen verhuren, maar daarin niet slagen, kunnen vermindering van de belasting krijgen als de leegstand langer dan drie maanden heeft geduurd. De basis voor de berekening van de aanslag is de lokale huurwaarde per vierkante meter. Maar niet alle vierkante meters worden volledige meegerekend. Kelders, terrassen en zolders tellen voor 20 tot 50% mee, berghokken en garages voor 60%, schuren voor 20%. Het aldus verkregen totaal aantal vierkante meters wordt weer gecorrigeerd voor de staat van onderhoud, zijn bijzondere ligging, de mate van comfort e.d. en uitgedrukt in nieuwe vierkante meters. Zo wordt voor stromend water 4 m² bijgeteld en voor een bad 5 m². Het is altijd lastig om de berekening van de aanslag te achterhalen. De belasting is een percentage van de theoretische huurwaarde in 1970, uitgedrukt per vierkante meter (€ 8,65 per m² bijvoorbeeld). Voor de aanslag van 2008 is die waarde met 2,732 vermenigvuldigd. De huurwaarde van een huis van 150 m² is dan 150 x € 8,65 = € 1297,50. Voor 2008: € 1297,50 x 2,732 = € 3544,77. Op het aanslagbiljet zijn deze gegevens niet terug te vinden. Men zal naar het kadaster moeten en vragen om een kopie van dossier nr. 6675. In dat document zijn alle afzonderlijke gegevens te vinden. De vrijstellingen voor de taxe d'habitation zijn niet veranderd in 2010: men moet ouder zijn dan 60 jaar, bijstandsuitkering genieten, weduwe zijn of gehandicapt. Het inkomen mag niet hoger zijn dan het hiervoor geldende plafond, hetzelfde als bij de taxe foncière. De vrijstelling geldt dan ook voor het betalen van de 'kijkbelasting', de redevance audiovisuelle.
Vrijstelling van betaling van de taxe foncière is mogelijk voor particulieren die een huis laten bouwen volgens de hoge energiezuinige normen van BBC (bâtiment basse consommation.) Als de lokale overheid ermee instemt kan een korting van 50 of 100% worden verleend voor een periode van ten minste vijf jaar. De vrijstelling kan worden gegeven in het jaar na de voltooiing van het huis.
|
De vierde lokale belasting is de alom verfoeide taxe professionnelle, een instituut dat steeds wordt hervormd. De belasting wordt geheven op bedrijfsonroerend goed en komt ten goede aan gemeenten, intergemeentelijke samenwerkingsverbanden en dergelijke. In 2010 komt er een geheel nieuw stelsel voor in de plaats.
Alternatief voor de taxe professionnelle In januari gaat het ministerie zich buigen over alternatieven voor de per 2010 af te schaffen taxe professionnelle. Deze bedrijfsbelasting, waarvan de opbrengsten ten goede komen aan de lagere overheden, was president Sarkozy een doorn in het oog. Lange tijd geleden noemde ook president François Mitterrand deze belasting 'imbeciel', omdat zij heffingen op productieve bedrijfsinvesteringen legt. Slecht voor het bedrijfsleven. Het parlement heeft besloten tot afschaffing, maar er moeten wel andere middelen worden gevonden om de gemiste opbrengsten te compenseren. Daarom zal worden gewerkt aan een herziening van de huurwaarden. Deze huurwaarden vormen de basis waarop de plaatselijke belastingen zijn gebaseerd. Het zijn vooral fictieve huurwaarden, die geen enkele economische realiteit vertegenwoordigen. De waarden dateren van 1970. Daarom wil de overheid dat de huurwaarden voor woningen en bedrijfspanden worden herzien en aangepast. Zij gaat beginnen met de bedrijven, dat ligt politiek wat gemakkelijker. Ondernemingen doen niet mee aan verkiezingen. Het gaat hierbij om ongeveer 4 miljoen commerciële instellingen (winkels vooral). Daarna komt de grote klap, als ook de 32 miljoen huizen aan de beurt komen bij de herziening. Het is nog niet bekend of de huurwaarden aan de economische werkelijkheid worden aangepast of dat zal worden gekozen voor een administratieve vaststelling door de belastingdient. Evenmin is zeker op welk moment de herziening moet ingaan: gelijktijdig voor alle panden, of afzonderlijk, bijvoorbeeld bij de verkoop. Vast staat in ieder geval wel dat de herzieningen zullen leiden tot nieuwe verhogingen van de plaatselijke belastingen, de taxe foncière (eigenaren) en de taxe d'habitation (bewoners). |
Een algehele vrijstelling is mogelijk als men een sociale uitkering ontvangt: De Aspa, allocation de solidarité aux personnes agées, een aanvullende uitkering of een bijstandsuitkering (RMI). Inwoners die ouder zijn dan 60 jaar (of weduwe of weduwnaar zijn) betalen evenmin taxe d'habitation als het belastbaar inkomen (revenu fiscal de référence) niet hoger is dan € 9837 voor het eerste deel (part) van het familiequotiënt, vermeerderd met € 2627 voor het halve deel (demi-part - situatie waarbij men bijvoorbeeld samenwoont met een invalide). Om in aanmerking te komen voor de vrijstelling moet ook nog aan enkele andere voorwaarden worden voldaan, zoals de bijtelling van inkomsten van een medebewoner. Wat betreft de taxe d'habitation moet men behalve het lage inkomen ook een aanvullende ouderdoms- of invaliditeitsuitkering genieten, of een bijstandsuitkering ontvangen, of arbeidsongeschikt zijn, óf weduwe óf weduwnaar zijn, of ouder dan 60 jaar en niet vallen onder de vermogensbelasting ISF (impôt de solidarité sur la fortune). De aanvullende voorwaarden voor de taxe foncière zijn het hebben van een aanvullende ouderdoms- of invaliditeitsuitkering, of ouder zijn dan 75 jaar. Lokale overheden mogen vrijstelling geven van betaling van de taxe foncière voor ten minste vijf jaar als het gaat om een huis BBC 2005, bâtiment base consommation.
Er zijn ook gedeeltelijke vrijstellingen mogelijk van de te betalen belasting voor jongere bewoners met een niet al te hoog inkomen: wie over 2008 een belastbaar inkomen had dat lager was dan € 23.133 (voor het eerste part) kon voor belastingvermindering in aanmerking komen. Daarop wordt dan nog wel een aftrek toegepast van € 5018 voor de eerste part. De verlaging van de te betalen belasting is vervolgens het deel van de taxe dat hoger is dan 3,44% van het belastbaar inkomen minus de aftrek. Makkelijker kunnen ze het niet maken in Frankrijk.
Voorbeeldbrief om vrijstelling te ontvangen voor de betaling van de taxe foncière
In Frankrijk kent men de lokale 'onroerendgoedbelastingen' taxe foncière voor de eigenaren van grond en huis en de taxe foncière voor de bewoners. Ouderen met lage inkomens, gehandicapten e.a. komen in aanmerking voor een gehele of gedeeltelijke vrijstelling (zie hierboven in dit hoofdstuk). Het verlenen van die vrijstellingen gebeurt niet altijd automatisch.
|
Naam, voornaam adres
Recommandée avec avis de réception
Madame, Monsieur,
J'ai reçu un avis d'imposition à la taxe foncière pour le logement qui constitue mon habitation principale (voeg een kopie bij van de aanslag.)
Or, je suis exonéré de cet impôt au motif suivant: je suis âgé de plus de 75 ans en mon revenu imposable est inférieur aux limites fixées par la loi fiscale.
En conséquence, je vous prie de bien vouloir m'accorder le dégrèvement de la taxe foncière.
Vous trouverez ci-joint tous les justificatifs de ma situatien (kopieën van aanslag 'niet belastbaar' - non imposition, pensioenopgave enz.)
Je vous prie d'agréer, Madame, Monsieur, l'expression de ma considération distinguée.
P.J.:
(bijlagen noemen)
|
laatsnaam, le ..... 20..
Centrum des impôts Adres
Handtekening
|
Voorbeeldbrief om vrijstelling te ontvangen voor de betaling van de taxe d'habitation
|
Naam, voornaam adres
Madame, Monsieur,
Agé de plus de 60 ans, mon revenu net imposable s';elève à € .
A ce titre, je suis donc totalement exonéré de taxe d'habitation.
En conséquence, je vous prie de bien vouloir m'accorder un dégrèvement correspondant au montant de ladite taxe.
Vous trouverez ci-joint tous les justificatifs de ma situation (in bijlage bewijsstukken meesturen)
Je vous prie d'agréer, Madame, Monsieur, l'expression de ma considération disintguée.
P.J.:
(bijlagen noemen)
|
Plaatsnaam, le ..... 20..
Centrum des impôts Adres
Handtekening
|
Voor meer voorbeeldbrieven aan Franse instanties, schrijf een mail naar info@infofrankrijk.com
De plaatselijke belastingen lopen flink uiteen. Een flink huis met gastenverblijven, schuren, garage, zwembad kost aan woonbelasting en grondbelasting toch al gauw € 1500 per jaar. In de Provence is het niet ongewoon dat deze sommen tot de € 5000 oplopen. Daar komen de jaarlijkse ook stijgende kosten bij van de TEOM, taxe d’enlèvement des ordures ménagères, het ophalen van het huisvuil derhalve. Zes op de tien gemeenten vragen deze steeds duurdere belasting voor het ophalen en verwerken van het huisvuil. Belasting moet ook worden betaald als je niet in je vakanthuis verblijft, maar waar geen vuilcontainers, de poubelles staan, zal geen TEOM worden gevraagd. Over het algemeen wordt hiervoor een afstand genomen van 200 meter.
Lokale belastingen aan herziening toe
De heffingen die lokale overheden (departementen, gemeenten) opleggen aan de burgers zijn moeilijk te ontcijferen, vormen een onzekere economische doelmatigheid en missen de beginselen van gelijke behandeling. Aldus het oordeel van een raad van de Algemene Rekenkamer, de CPO (Conseil des prélèvements obligatoires). Het rapport verscheen op de dag dat de regering drastische beperkingen van de overheidsuitgaven aankondigde en daarbij ook belangrijke inspanningen verwacht van de collectivités territoriales, de plaatselijke overheden. De uitgaven van deze lagere besturen zijn de afgelopen 30 jaar zonder ophouden gegroeid en kwamen in 2008 uit op de som van € 203 miljard, 21,5% van het bruto nationaal product (17% in 1982). Een belangrijk deel van de financiering van de toenemende taken van deze overheden komt uit vijftig verschillende vormen van belastingen en heffingen, opgebracht door de huishoudens en de ondernemingen: € 98 miljard in 2008. De rest komt van de staat. Twee derde van de belastingheffingen van de lagere overheden komt uit de vier belangrijkste taxes, waarvan er één imiddels is afgeschaft, de taxe professionnelle. De drie andere zijn de overdrachtsbelasting (les droits de mutation), de taxe d'habitation (woonbelasting) en de taxes foncières (grondbelastingen, bebouwd en onbebouwd). De CPO meldt dat in de loop van de tijd de onroerendezaakbelastingen voor veel ongelijkheid zijn gaan zorgen. De manier van innen van deze belastingen past niet meer bij de huidige economische en sociale situatie. Zo is de taxe d'habitation slechts gedeeltelijk progressief. Dat betekent dat mensen met modale inkomens aan woonbelasting gemiddeld 2% van hun belastbaar inkomen kwijt zijn, terwijl deze druk slechts 0,75% is voor de meest welgestelden. De CPO pleit daarom voor een ander berekeningssysteem. Bij de taxe foncière is de ongelijkheid nog scherper. De belasting is gebaseerd op de lokale huurwaarde, gedefinieerd volgens de kadastrale gegevens van 1970. In die tijd werden nieuwe woningen wat betreft wooncomfort hoger gewaardeerd dan bestaande huizen. Maar in de laatste veertig jaar zijn die oudere huizen vaak gerenoveerd en uitgerust met de moderne woongemakken. Dat heeft ertoe geleid dat bijvoorbeeld een appartement in de betere arrondissementen van Parijs, appartement hausmannien, twee keer lager wordt belast dan een goedkope flat uit 1970. Een poging in 1990 om de grondslagen te herzien leden schipbreuk. De CPO pleit nu voor een nieuwe benadering door een voorzichtige weg te bewandelen en de herziening periodiek uit te voeren, eenmaal per vijf jaar bijvoorbeeld. Het ministerie van Financiën moet nog reageren op het rapport, maar was zelf enkele weken geleden al begonnen om na te denken over wijzigingen in de lokale huurwaarden, te beginnen bij winkelbedrijven. (07.05.10)
Lokale belastingen in steden hoger
Om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen en investeringen te kunnen blijven doen, zijn de meeste lokale overheden verplicht geweest om hun belastingen verder te verhogen. Nogal wat inkomsten zijn weggevallen door de teruglopende huizenverkoop waardoor minder overdrachtsbelasting werd ontvangen. Ook de kosten van de nieuwe werkloosheidsuitkeringen RSA en die van de Franse AWBZ de APA. zijn flink omhoog gegaan voor de departementen. Vooral in de grote steden gaan de twee onroerendgoedbelastingen - taxe d'habitation en taxe foncière - omhoog. Meer dan driekwart van de departementen en twee derde van de steden met meer dan 100.000 inwoners hebben voor flinke verhogingen gestemd. Alle lokale belastingen bij elkaar genomen komen de verhogingen gemiddeld uit op 6,8% voor de departementen en 3,8% voor de grote steden. Het is de sterkste stijging van de afgelopen tien jaar. Kleine plaatsen wisten het dit jaar aanzienlijk meer bescheiden te houden. Ruim de helft heeft de belastingen in het geheel niet verhoogd en ook de 22 regio's behoefden niet verder te gaan dan een verhoging van 0,7%. Het zijn gemiddelden, waarbij de verschillen aanzienlijk kunnen uiteenlopen. De manier van berekenen van de onroerendgoedbelastingen is daarbij vrijwel niemand duidelijk. Een tweekamerflat in een wat ouder complex van 40 m² kan € 512 kosten aan de woonbelasting. Wie vervolgens verhuist in dezelfde gemeente naar een nieuwe, kleinere flat van 33 m² moet € 689 aan taxe d'habitation betalen. De belasting wordt namelijk niet in de eerste plaats berekend over de werkelijke oppervlakte maar over een fictieve lokale huurwaarde. Elk huis is daarbij geklasseerd in gradaties van welstand, op een schaal van 1 tot 8. De werkelijke oppervlakte wordt vervolgens herberekend en gecorrigeerd naar de mate waarin het huis voorzieningen heeft, hoe de ligging is, of het vrijstaand is, hoe het uitzicht is en hoe het met het comfort is gesteld (centrale verwarming, lift). De lokale waarde van nieuwbouwwoningen is vastgesteld op die van het bouwjaar. Ander voorbeeld: een nieuwe flat van 70 m² met lift in het centrum van Rennes, gelegen in de nabijheid van groene ruimte, wordt met meeweging van de welstandsfactoren voor de berekening van de belasting omschreven als een woonruimte van 131 m². Deze aldus verkregen oppervlakte wordt vervolgens nog eens vermenigvuldigd met een factor voor de gestegen huurwaarde sinds 1970. De laatste herziening stamt van 1980, maar deze is nooit uitgevoerd uit vrees voor te veel protesten. Sindsdien wordt de coëfficiënt jaarlijks opnieuw gewaardeerd. (30.09.09)
Plaatselijke belastingen worden fors hoger
De laatste jaren zijn de twee belangrijkste plaatselijke belastingen al flink omhoog gegaan en blijken pas de eerste signalen te zijn van nieuwe verhogingen die huurders en huiseigenaren te wachten staan.
De hoogte van de taxe d’ habitation (woonbelasting) en de taxe foncière (grondbelasting) zijn gebaseerd op de lokale huurwaarde. Daarboven op komen talrijke toeslagen die ten goede komen aan de lokale overheden (gemeenten, departementen, regio’s. De lokale huurwaarden zijn schattingen van de waarde van het onroerend goed en dateren uit de jaren zeventig van de vorige eeuw. De regering is nu bezig om te beginnen voor sommige categorieën onroerend goed deze valeur locative aan te passen. In de eerste plaats komen de ongeveer drie miljoen winkelpanden aan de beurt, waarbij de huurwaarde ook wordt gebruikt voor de berekening van de af te schaffen taxe professionnelle, een derde lokale belasting die opgebracht wordt door de plaatselijke ondernemingen. Een verhoging van de huurwaarde leidt tot hogere opbrengsten uit de onroerendgoedbelasting, waarmee de afschaffing van de taxe professionnelle gedeeltelijk wordt gecompenseerd. Later komen de 40 miljoen woningen aan de beurt, om met hogere lokale belastingen de stijgende lasten van de overheden te kunnen financieren. Vooral de sociale uitkeringen die voor een deel ten laste komen van gemeenten en departementen rijzen de pan uit en een belangrijke inkomstenbron, een deel van de overdrachtsbelasting, is met 30% gedaald dit jaar. Dit is een gevolg van de sterk gedaalde huizenmarkt, waarbij veel minder transacties werden afgesloten. Ook het aandeel in de brandstofaccijns is bij departementen en regio’s hard aangekomen. (03.11.09)
Print dit artikel
Vermogensbelasting bij € 790.000
De vermogensbelasting begint te tellen bij een vermogen (patrimoine) vanaf € 790.000 per huishouden (foyer). Het vermogen van meerderjarige kinderen wordt niet meegeteld. Maar bij 'huwelijkse voorwaarden' worden de echtelieden afzonderlijk aangeslagen.
Het aantal inwoners dat deze belasting moet betalen stijgt fors als gevolg van de sterke stijging van de onroerendgoedprijzen. Als inwoner van Frankrijk ben je verplicht aangifte vermogenbelasting te doen, dus zelf een aangiftebiljet aan te vragen. De peildatum is 1 januari van ieder jaar. Tegelijkertijd met het indienen van de aangifte – tot uiterlijk medio juni voor nieuwe gevallen - dient de verschuldigde vermogensbelasting te worden betaald. Wie niets opgeeft in de hoop dat de belastingdienst niet is geïnteresseerd, kan bij controle rekenen op een termijn van zes jaar die zal worden onderzocht.
Wie voor de eerste keer aangifte moet doen, vraagt formulier 2725 aan. De huizen worden gewaardeerd tegen marktwaarde (valeur vénale) plus geïndexeerde kosten van verbouwingen, en als het om de hoofdbewoning gaat (résidence principale), bepaalt de Franse fiscus 70% van deze waarde als behorend tot het vermogen. Die aftrek van 30% geldt niet als de woning is ondergebracht in een SCI. Of de woning verhuurd wordt of niet (de verkoopwaarde wordt wel met 25 tot 40% verminderd), maakt voor de vermogensbelasting geen verschil.
Tot het vermogen worden niet gerekend de spullen die bij de beroepsbeoefening nodig zijn, antieke voorwerpen van meer dan 100 jaar oud, kunstvoorwerpen en verzamelingen. Uitdrukkelijk wél meegeteld zijn onroerend goed, auto’s, meubelen (dat alles tegen marktwaarde), de meeste beleggingen en bankrekeningen. Ook buitenlandse bankrekeningen tellen mee. Bezittingen in het buitenland worden worden in de eerste vijf jaar vrijgesteld. Een tweede huis in Nederland wordt echter niet belast. Sinds 2007 is het ook mogelijk om te investeren in het midden- en kleinbedrijf om daarmee de vermogensbelasting te verminderen. Jaarlijks mag hiertoe maximaal € 50.000 worden geïnvesteerde en 75% daarvan mag worden afgetrokken van het op te geven vermogen.
De berekening van de ISF geldt voor een koppel, getrouwd of niet getrouwd; bezittingen van de minderjarige kinderen moeten worden meegeteld. Vrijstellingen zijn er nog voor o.a. aandelen in de eigen ondernemingen (ten minste 25% van het kapitaal). Ook de aandelen in een SCI behoeven niet volledig te worden meegerekend tot het vermogen als de SCI ook aan een SARL verhuurt, waarvan je aandelen bezit. De ervaring leert dat de fisc de afgelopen jaren wat strenger wordt bij het controleren van de belastbare vermogens, ook bij buitenlanders. Het schijventarief van de ISF is progressief en loopt van 0,55% tot een vermogen van € 1,290 miljoen naar maximaal 1,8% bij vermogens van € 16.540.000 en hoger. Per persoon die ten laste komst van de ISF-plichtige kan € 150 worden afgetrokken van de te betalen vermogensbelasting.
Nederlandse Franse ingezetenen behoeven in hun ISF-aangifte niet hun onroerende goederen in Nederland op te nemen. Frankrijk en Nederland hebben namelijk een verdrag afgesloten voor de gevallen dat iemand in beide landen bezittingen heeft. Een vermogensbestanddeel kan daarmee niet tweemaal door dezelfde belasting worden getroffen. Wie naar Frankrijk is geëmigreerd en nog een pied à terre in Nederland bezit, zal over dat Nederlandse huis in Nederland worden belast. Bij onroerend goed bepaalt de liggingsstaat waar de belasting wordt geheven. Voor roerende zaken (geld, aandelen bijvoorbeeld) geldt dat niet, zodat daarover in Frankrijk de ISF moeten worden betaald.
De tarieven (in €)
| tussen 790.000 en 1.290 000 |
0,55 % |
tussen 1.290.000 en 2.530.000
|
0,75 % |
| tussen 2.530.000 en 3.980.000 |
1,00 % |
| tussen 3.980.000 en 7.600.000 |
1,30 % |
| tussen 7.600.000 en 16.540.000 |
1,65 % |
| boven 16.540.000 |
1,80 % |
Controle op vermogensbelasting
Tot 15 juni hebben de meer vermogenden onder de Franse inwoners de tijd om hun aangifte voor de Franse vermogensbelasting in te dienen. Deze ISF (impôt de solidarité sur la fortune) moet zijn berekend voor de situatie op 1 januari van elk jaar en omvat alle vermogensbestanddelen. Het niet doen van aangifte of het verzwijgen van onderdelen levert het risico van forse boetes op. De Franse belastingdienst wordt op dit punt wat actiever, evenals bij de controle op het bezit van bankrekeningen in het buitenland. Gebleken is dat nogal wat belastingdiensten aan Nederlanders in Frankrijk om een - verplichte - opgave vragen van de in Nederland nog aangehouden bankrekeningen. Nederland geeft ook aan Frankrijk in het kader van het rente-renseignement de op Nederlandse (spaar)rekeningen uitbetaalde rente op. Daarover moet dan in Frankrijk belasting worden betaald. Normaal gesproken is een Nederlander die permanent in Frankrijk woont, belastingplichtig in Frankrijk. De in Frankrijk nog toegepaste vermogensbelasting begint bij een netto vermogen van € 790.000.
Minder vermogensbelasting opgehaald Geen crisis nog bij het innen van de Franse vermogensbelasting, de impôt de solidarité sur la fortune (ISF). Het aantal gezinnen dat moet betalen aan deze belasting voor bezittingen van meer dan € 770.000 in 2008 (€ 790.000 voor het belastingjaar 2009) is met bijna 40.000 toegenomen tot een totaal van 566.000. In 2003 waren dat er nog 300.000. De hausse valt toe te schrijven aan de enorme waardestijgingen van onroerend goed en een toen nog winst brengende effectenbeurs. Daardoor passeerden steeds meer gezinnen de vermogensgrens. Dat is nu wel afgelopen, maar de berekening van de ISF gebeurt op basis van het bezit op 1 januari 2008 en de belastingen worden op 15 juni van elk jaar betaald. De beurscrisis en de daling van de onroerengoedmarkt hadden nog geen invloed op de grondslag van de heffing, integendeel. De waarde van effecten steeg in 2007 met 6,6% en die van onroerend goed met 12,3%. Wel is vastgesteld dat het totaal van de vermogens die belast worden, minder sterk is gestegen (8,6%) dan in voorafgaande jaren, toen percentages van 18 werden genoteerd. In 2008 was de opbrengst € 3,810 miljard en in 2007 nog € 4,031 miljard. Vorig jaar werd gemiddeld € 6732 aan ISF betaald tegen € 7637 in 2007. Dat verschijnsel valt te verklaren uit een belastingmaatregel die het voor vermogenden aantrekkelijk maakt om te investeren in het midden- en kleinbedrijf. Deze investerigen zijn aftrekbaar voor de ISF. Ongeveer 73.000 vermogenden hebben van deze aftrekmogelijkheid gebruik gemaakt, waardoor € 660 miljoen minder belasting werd opgehaald. Ook de mogelijkheid om meer belastingaftrek (30%) toe te staan bij de waardebepalingt van een huis dat als hoofdbewoning geldt, bracht minder geld in het laatje. (23.02.09) |
Gemorrel aan belastingplafond
Binnen de regeringspartij UMP van president Nicolas Sarkozy en zijn premier François Fillon gaan steeds meer stemmen op om het belastingplafond van 50% te herzien, op te schorten of zelfs geheel af te schaffen . Dit bouclier fiscal (belastingschild) werd in 2007 van 60% naar 50% verlaagd na het aantreden van Sarkozy als nieuw staatshoofd.
Het betekent dat niemand meer dan 50% van zijn inkomen kan betalen aan belastingen, inclusief lokale belastingen en de twee belangrijkste sociale premies. Ook sommige rechtse politici menen dat het in deze tijd van economische crisis niet meer past om de rijken deze bescherming te bieden. Voor fractieleider Jean-François Copé van de UMP in de Tweede Kamer (Assemblée nationale) is het geen heilige zaak meer om onder alle omstandigheden te blijven vasthouden aan dat fiscale schild. Ook oud-premier Alain Juppé, weer in het nieuws wegens zijn mogelijke presidentiële ambities, meent dat een herziening van het bouclier fiscal niet verkeerd zou zijn. 'Het schokt me niet als we aan de zeer rijken een extra poging tot solidariteit vragen voor de mensen die het moeilijk hebben', aldus de burgemeester van Bordeaux. Ook oud-premier Raffarin onder Chirac heeft twijfels over het nut van het belastingplafond voor de welgestelde landgenoten.
Binnen de UMP-fractie is inmiddels luidop gevraagd om de maatregel tijdelijk buiten werking te stellen, gezien de slechte financiële situatie van het land. Tot nu was het taboe binnen deze groep om de kwestie uit te spreken. Nu doen varianten de ronde over deze kwestie, zoals het afschaffen van de vermogenbelasting (ISF), invoering van een nieuwe belastingschijf voor de inkomstenbelasting of weglating van de sociale premies uit het pakket. Maar premier Fillon voelt niets voor een wijziging en betitelt de bepleite afschaffing van het belastingschild als demagogie. Ook de nieuwe minister van Begrotingszaken François Baroin wil het bestaande instrument handhaven om Frankrijk internationaal een imago van fiscale vriendelijkheid te bieden en wegvluchten van Franse familiekapitaal te voorkomen. Tegenstanders van de fiscale tegemoetkoming melden dat hiervan vrijwel geen statistieken worden bijgehouden. Het aantal Fransen dat om fiscale redenen het land heeft verlaten zou sinds 2000 beperkt gebleven zijn tot 0,12% van de mensen die vermogensbelasting moeten betalen. Cijfers over het aantal rijke buitenlanders die zich wegens het fiscale klimaat in Frankrijk hebben gevestigd, zijn er niet. Ook gegevens over het de vermogende Fransen die naar het vaderland zijn teruggekeerd ontbreken.
De fractie van de socialisten in het parlement heeft aangekondigd met een wetsvoorstel te komen om de maatregel af te schaffen. En oud-premier De Villepin die het in 2012 tegen Sarkozy wil opnemen, mengde zich nog in het koor: 'als van de mensen meer inspanningen worden gevraagd, hebben zij ook recht op een eerlijke verdeling van die inspanningen'. Het maximeren van de belastingafdracht tot 50% van het inkomen vindt bij tweederde van de bevolking geen genade, zo wijst een enquête voor Le Parisien uit.
President Sarkozy heeft dat allemaal aangehoord en in een peptalk na de voor zijn partij desastreus afgelopen regionale verkiezingen, zijn partijgenoten laten weten er niet over te piekeren om het bouclier fiscal af te schaffen. Het gaat bij dit alles om 16.350 gezinnen bij wie de plafonnering van de belastingbetaling werd toegepast. De kosten voor de staat: € 585 miljoen.
Print dit artikel
CESU, werkster , kinderoppas en tuinman betalen
Om het zwart werken in de huishoudelijke sfeer tegen te gaan bestaat in Frankrijk het systeem van de cheques, CESU (chèque emploi-service universelle). Bijna 60% van de Franse particuliere 'werkgevers' werkt via dit gemakkelijke en papierloze stelsel bij huishoudelijke hulp, tuinverzorger, kinderoppas en anderen.
Wie met CESU werkt (aanmelding kan via internet), hoeft geen salarisstroken in te vullen, geen arbeidscontract op te stellen en geen kwartaalopgaven te doen aan de inner van de sociale heffingen. Het gratis chequeboekje is te krijgen bij de bank waar men een rekening heeft. De verleende diensten gelden voor Franse fiscale ingezetenen die het werk laten doen in en rond hun hoofdbewoning. Wekelijks mag niet meer dan 8 uur worden gewerkt bij één gezin of vier weken per jaar. Wie maandelijks 60 uur via CESU werkt, dus bij meerdere 'werkgevers' komt in aanmerking voor het hele pakket sociale voorzieningen (ruim 42% voor rekening van de werkgever en ruim 23% ten laste van de werknemer). Het precies berekenen kan gebeuren op de websites www.fepem.fr en www.particulier-emploi.fr.
De 'werkgever' kan de helft van de uitgekeerde som met een maximum van € 15.000 voor belastingvermindering in aanmerking laten komen, crédit d’impôt. Per kind of oudere boven de 65 jaar die te zijnen laste komt, kan hij nog eens € 1500 toevoegen. De hoogte van de belastingreductie is afhankelijk van het tarief waarbinnen men valt en is gemaximeerd tot € 5000. Niet-actieven, zoals gepensioneerden die geen inkomstenbelasting betalen, komen niet in aanmerking voor de belastingreductie. Het loon dat wordt betaald moet minimaal de Smic zijn, het Franse minimumloon van ruim € 8,50 per uur. Kleine klusjes komen voor kleine jaarlijkse teruggaven in aanmerking: € 500 voor kleine karweitjes van maximaal 2 uur per keer, € 1000 voor hulp bij de computer en € 3000 voor tuinkarweitjes. Informatie ook bij www.cesu.urssaf.fr, www.federation-adessa.org of www.pajemploi.urssaf.fr.
| Uitvoerige informatie over deze onderwerpen is te vinden in La Maison, uitg. Het Spectrum. |
Print dit artikel
|

het weer in Frankrijk
02 sep 2010
Uit de fora:
'Basisregel is, dat het land waar je je inkomen geniet daarover belasting mag heffen. Bij inkomen uit Nederland ben je dus belastingplichtig in Nederland. Echter, als je een beschikking tot vrijstelling van inhoudingen vraagt en deze krijgt, dan maak je impliciet de keuze in Frankrijk je belastingen te willen betalen. Zijn er belastingverdragen gesloten, dan wordt deze vrijstelling doorgaans gegeven. In dit geval tussen Nederland en Frankrijk. Nederland gaat er van uit dat je aangifte doet in Frankrijk en laat het recht van heffen aan Frankrijk. Als je geen vrijstelling vraagt, dan wordt door de uitkerende instantie maandelijks inhoudingen op het pensioen ingehouden. Door deze inhoudingen betaal feitelijk belasting in Nederland. Om misverstanden te voorkomen tussen belastingdiensten en de keuze van de belastingbetaler duidelijk te maken, geef je op het aangiftebiljet aan wat je keuze is.'
'In de Provence en ook andere regio's wordt elke drie jaar alles gefotografeerd uit de lucht. Vervolgens worden oude en nieuwe foto's elektronisch vergeleken. Niet gedeclareerde zwembaden, illegale aanbouwsels en huizen die er ineens heel anders - groter - uitzien, komen er dan vanzelf uit. Bij de overdracht van een huis moet de feitelijke situatie worden beschreven, dus niet simpelweg overnemen uit de vorige compromis de vente. Elke acte authentique wordt door de fiscus geregistreerd en bestudeerd en daar komen o.a. zaken uit die van belang zijn voor de taxe foncière, voorr de plus-value en de overdrachtsbelasting. Als een van die dingetjes niet klopt, dan wil de fiscus nog wel eens een kijkje komen nemen.'
'Een 'contrat de travail' hoeft zelfs niet op schrift te staan, kan een 'contrat moral' zijn. Maar als er herrie in de tent komt, beschouwen de prud'hommes of de Chambre Sociale een CESU zonder contract automatisch als een CDI (volledig contract), met alle rechten en plichten van werkgevers en werknemers. Wij hebben dit mogen ondervinden met een femme de ménage, die voor ons 6 uur per week werkte. Die eiste een 'contrat de travail'. Wij kijken op de site van de CESU-URSSAF, jawel kan. Dus gedaan. De dame in kwestie gooide er evenwel na enige tijd zwaar met de pet naar en we hebben haar volgens de regels, inclusief de 'lettres recommandées' en het 'entretien préalable au licenciement' met 'indemnités de licenciement' netjes ontslagen.'
|