|
|
De briefwisseling van Vijverberg en Cornelissen
Geachte heer Vijverberg, Inderdaad, Verordening 1408/71 harmoniseert nationale sociale zekerheidstelsels niet, maar coördineert enkel deze stelsels met het doel ervoor te zorgen dat personen, wanneer zij hun recht op vrij verkeer uitoefenen, geen (of zo weinig mogelijk) sociale zekerheidsrechten verliezen. Elke Lidstaat blijft dus bevoegd om naar eigen goeddunken zijn sociale zekerheidstelsel te organiseren en te financieren, daarbij rekening houdend met de algemene principes en regels van het gemeenschapsrecht. Verordening 1408/71 bepaalt namelijk dat een persoon maar onder de sociale zekerheidsstelsel van één Lidstaat kan/mag vallen en stelt tevens een aantal regels vast om te bepalen welke Lidstaat de bevoegde staat is. Wat actieve personen betreft, is de algemene regel dat een persoon valt onder de wetgeving van de Lidstaat op wiens grondgebied hij zijn beroepsactiviteit uitoefent. Dit betekent dat een Nederlander die in België werkt, onderworpen is aan de Belgische sociale zekerheidswetgeving. De Verordening bevat een reeks uitzonderingen op deze algemene regel, bijvoorbeeld detachering, maar die worden hier niet in beschouwing genomen omdat ze geen invloed hebben op de in uw brief aangehaalde problematiek.
De situatie van gepensioneerden is ingewikkelder. Verordening 1408/71 bevat een reeks bepalingen om de Lidstaat die bevoegd is voor de ziekteverzekering van een gepensioneerde vast te stellen (artikel 27 tot 34). Het stelt dat een gepensioneerde die woont in een andere Lidstaat dan de Lidstaat die het pensioen betaalt, recht heeft uitkeringen en verstrekkingen bij ziekte ten laste van het bevoegde orgaan van de Lidstaat die het pensioen betaalt. Wat verstrekkingen bij ziekte betreft, worden deze verstrekt in het woonland volgens de wetgeving van het woonland maar ten laste van het bevoegde orgaan van de Lidstaat die het pensioen betaalt. Verordening 1408/71 bepaalt verder dat het orgaan van de Lidstaat dat het pensioen betaalt, bijdragen of premies kan inhouden om de kosten van de uitkeringen en verstrekkingen bij ziekte te dekken. Deze bijdragen of premies worden berekend overeenkomstig de wettelijke regeling van de Lidstaat dat het pensioen betaalt. Dit betekent dat een in België wonende Nederlandse gepensioneerde die enkel een pensioen ten laste van Nederland ontvangt, in zijn woonland - België - recht heeft op verstrekkingen bij ziekte volgens de Belgische wetgeving - het woonlandpakket - maar ten laste van Nederland. Het Nederlandse bevoegde orgaan zal hiervoor jaarlijks een forfaitaire vergoeding aan het Belgische orgaan betalen en de gepensioneerde zal volgens de Nederlandse wetgeving berekende premies in Nederland betalen. Het kan dus gebeuren dat een gepensioneerde in verhouding hoge premies dient te betalen in de bevoegde Lidstaat om recht te hebben op een relatief beperkt woonlandpakket in de Lidstaat waar hij woont. Omgekeerd kan ook. Dit is het gevolg van het feit dat verordening 1408/71 enkel voorziet in een coördinatie en niet in een harmonisatie van de nationale sociale zekerheidstelsels. Wat betreft uw opmerking dat deze migrerende personen zijn toegetreden tot het ziekteverzekeringstelsel van het woonland, zou ik willen verwijzen naar mijn bovenvermelde uiteenzetting over de regels van Verordening 1408/71 inzake de bevoegde Lidstaat. Tot op heden is in Nederland de ziekteverzekering op een bijzondere wijze georganiseerd. Enerzijds zijn er de ziekenfondsverzekerden en anderzijds de particulier verzekerden. De situatie van gepensioneerden die ziekenfonds verzekerd zijn, wijzigt niet door de invoering van de nieuwe zorgverzekeringswet. Zij vielen onder de toepassingsveld van Verordening 1408/71 en de hierboven vermelde principes werden reeds toegepast wanneer ze zich vestigden in een andere Lidstaat. De situatie van particulier verzekerden is verschillend. Daar de particuliere ziekteverzekering een private verzekering is die buiten het toepassingsveld van Verordening 1408/71 valt, kunnen gepensioneerden die particulier verzekerd zijn, zich niet beroepen op de regels van de verordening wanneer ze gebruik maken van hun recht op vrij verkeer en zich in een andere Lidstaat vestigen. Zij moeten ofwel een private verzekering afsluiten die de kosten van medische zorgen in het buitenland dekt ofwel zich aansluiten bij het wettelijk ziektekostenverzekeringstelsel van het nieuwe woonland. Naar wat ik uit uw brief en vele andere brieven van die ik van in Frankrijk wonende Nederlandse gepensioneerden heb ontvangen, kan afleiden, kunnen gepensioneerden die zich niet kunnen beroepen op de regels van Verordening 1408/71 zich vrijwillig aansluiten bij het wettelijk Franse ziekteverzekeringstelsel. Vanaf 1 januari 2006 verdwijnt het verschil tussen ziekenfonds en particuliere verzekering. Er komt één wettelijke zorgverzekering voor iedereen. Dit nieuwe stelsel valt onder de toepassingsfeer van Verordening 1408/71. Bijgevolg kan Frankrijk niet langer gepensioneerden met een Nederlands pensioen, verzekeren onder zijn ziekteverzekeringstelsel. Frankrijk dient immers de bepalingen van de verordening inzake de aanwijzing van de toepasselijke wetgeving toe te passen. Deze bepalingen wijzen, zoals ik hierboven reeds heb aangegeven, de Nederlandse wetgeving aan als de bevoegde Lidstaat in het geval van gepensioneerden met uitsluitend een Nederlands pensioen. U stelt dat de Nederlandse zorgverzekeringswet niet verplicht kan worden opgelegd aan duizenden in het buitenland wonende gepensioneerden met een Nederlands pensioen. Zoals ik hierboven reeds heb uitgelegd, voorziet Verordening 1408/71 enkel in een coördinatie van de wettelijke sociale zekerheidstelsels van de Lidstaten. De Lidstaten blijven dus vrij om hun eigen regime naar goeddunken te organiseren en te financieren. Het staat dus de Nederlandse autoriteiten vrij om hun wetgeving zodanig te wijzigen dat een groep personen die voorheen buiten het wettelijke stelsel vielen, onder de toepassingsfeer van het wettelijk stelsel en daardoor ook onder de toepassingsfeer van Verordening 1408/71 komen. Door de toepassing van de regels van Verordening 1408/71 inzake toepasselijke wetgeving, worden in sommige situaties de sociale zekerheidswetten van de Lidstaten extraterritoriaal toegepast, zoals bijvoorbeeld in het geval van grensarbeiders of andere categorieën van verzekerden die in een andere Lidstaat dan de bevoegde staat wonen. Ik ben van mening dat de nieuwe Nederlandse zorgverzekeringswet wat de door u aangehaalde punten betreft, niet strijdig met het gemeenschapsrecht, en in het bijzonder Verordening 1408/71, is. Hoogachtend, Rob Cornelissen
Deze pagina is laatst gewijzigd op 30-01-2008 om 16:24.
|
|