De apotheek

Er zijn veel apotheken in Frankrijk: het geneesmiddelengebruik is enorm, veruit het hoogste in Europa. Per 2500 inwoners is een officine in de buurt, in Nederland 1 apotheek op de 10.000 inwoners. Een bezoek aan de huisarts leidt in 90% van de gevallen tot het uitschrijven van een recept. Overheid en ziekenfondsen proberen dat voorschrijfgedrag te veranderen door generieke geneesmiddelen te propageren en merkartikelen minder te vergoeden.

De Franse apotheker beschouwt het niet echt als zijn taak om te letten op een mogelijk ongewenst samengaan van verschillende soorten medicijnen. Meer dan 2,5 miljard flesjes en doosjes met pillen gaan bij de Franse apotheker, die zelf zijn prijzen bepaalt van de niet door het ziekenfonds vergoede middelen, over de toonbank. Het ziekenfonds keert jaarlijks ruim € 17 miljard uit aan geneesmiddelenvergoeding. En van het slikken van antibiotica krijgen de Fransen geen genoeg: 80 miljoen recepten voor de bestrijding van keelpijn, angina en zelfs kleine griepjes worden jaarlijks uitgeschreven, ruim drie keer zoveel als in Nederland.


Nog steeds te dure medicijnen en te dure medische ingrepen

pillen

De prijzen van geneesmiddelen zijn in Frankrijk drie keer zo hoog als in Nederland. Weliswaar begint Frankrijk op grote schaal over te stappen van de dure merkmedicijnen naar de veel goedkopere generieke pillen met dezelfde werking, maar de kosten blijven exorbitant: € 23,1 miljard vorig jaar aan medicijnen. In dat jaar werd € 1,3 bespaard door het gebruik van de goedkopere medicijnen, waarmee de groei van de kosten van het medicijnengebruik beperkt bleef tot 2,2%.

 

Maar diezelfde generieke geneesmiddelen zijn veel duurder dan in de meeste andere Europese landen. Per standaardeenheid bedraagt de verkoopprijs 15 centimes. In Duitsland is dat 12 centimes, 10 in Spanje, 7 in Engeland en 5 in Nederland. Alleen in Zwitserland zijn de prijzen met 30 centimes het allerhoogst. De Franse anti-cholesterolpillen kosten 28 centimes per eenheid, in Nederland 5 centimes. Pillen tegen hoge bloeddruk worden voor 27 centimes per eenheid verkocht, vier keer zo hoog als in Duitsland en Nederland.

De verschillen in de zeven onderzochte landen (Duitsland, Italië, Frankrijk, Nederland, Zwitserland, Engeland en Spanje) vallen te verklaren uit de verschillende vormen van prijspolitiek. Zo worden de prijzen van de generieke geneesmiddelen in Nederland en Duitsland bepaald door de ziekenfondsen die rechtstreeks onderhandelen met de fabrikanten. In Engeland worden de fabrikanten door apothekers onder druk gezet om zo goedkoop mogelijk te leveren. De besparingen die worden bereikt, worden verdeeld onder die apothekers en de ziekenfondsen. De baas van het Franse ziekenfondswezen wil dat Frankrijk het Britse voorbeeld gaat volgen. De vervanging van de dure merkmedicijnen door generieke middelen geldt nog lang niet voor alle middelen en de prijsverschillen zijn vaak niet groot genoeg om de voorschrijvende artsen aan te sporen tot het uitschrijven van de goedkopere recepten. De fabrikanten zullen derhalve veel steviger moeten worden aangepakt, zoals in Duitsland, Nederland en Engeland al gebeurt.

Een ander vraagstuk waarmee het Franse ziekenfondssysteem kampt, zijn de grote regionale verschillen in kosten van de meest voorkomende ziekenhuisingrepen, zoals het weghalen van de blinde darm en het toepassen van de keizersnede. Per departement kunnen de prijsverschillen 100% zijn en lopen ook het aantal ingrepen sterk uiteen. Vooral op het platteland is de kans dat je blinde darm wordt weggehaald voor je 20e verjaardag veel groter dan als je in Parijs woont. In de hoofdstad werken overigens veel meer chirurgen. De departementen Hautes-Pyrénées, Charente en Aveyron lopen aan kop met een aantal appendix-operaties van 18 op 10.000 inwoners. Frankrijk neemt op dit punt de derde plaats in van de 13 belangrijkste landen van de OESO, na Oostenrijk en Duitsland. Vorig jaar werden in Frankrijk 83.000 van deze operaties uitgevoerd en kwam de ingreep op de 15e plaats van de meest toegepaste chirurgische ingrepen.

Bij het toepassen van de keizersnede bij bevallingen staat Frankrijk niet bovenaan de lijst, maar het aantal neemt toe tot 7,4% van de bevallingen. De departementale verschillen zijn vrij opmerkelijk en kunnen een factor drie uiteenlopen. 17 departementen kennen een percentage van minder dan 6 (Les Landes zelfs slechts 2,7%.) In 14 departementen stijgt het percentage keizersnedebevallingen tot boven de 8,5 (La Loire zelfs 9,7%.) De ingrepen vinden met meest plaats in de privé klinieken (9,4% tegen 6,6% in de publieke hospitalen.) De Franse medische stand is niet opgetogen over het groeiende aantal keizersnedebevallingen, waarbij het risico groter heet dan bij normale bevallingen, zowel voor het kind als zeker ook de moeder. Bovendien zijn de kosten ten minste 20% hoger dan bij een normaal verlopen bevalling.


Minder medicijnen: apothekers gaan door met zeuren

apotheek3Tal van Franse apothekers - er zijn er maar liefst 22.500 in Frankrijk - zouden in financiële moeilijkheden gekomen zijn en zullen in september opnieuw spreken met minister Roselyne Bachelot van Volksgezondheid. Bezuinigingsmaatregelen van de overheid op het medicijnengebruik - het hoogste in Europa - zouden vorig jaar 101 apotheken hebben doen sluiten; 111 andere verkeerden in de problemen of zouden failliet gaan. De aantallen zijn vergeleken met overige winkelbedrijven erg laag, maar het verschijnsel is nieuw in de branche van de apotheken. Geklaagd wordt verder over het kleinere aantal medicijnen - meestal de pillen zonder enig gezondheidseffect - dat wordt vergoed door de Sécu, gemopperd wordt over de prijsverlagingen van medicijnen en het teruglopende aantal recepten voor geneesmiddelen. Deze maatregelen zijn juist bedoeld om het overvloedige en vaak onzinnige gebruik van pillen een poeders terug te dringen en daarmee de kosten te verlagen. De apothekers zijn bovendien niet blij met de verlaging van de winstmarges op de steeds meer voorgeschreven en toegepaste generieke geneesmiddelen. De drie brancheorganisaties willen praten over een verbetering van hun marges en afschaffing van de plicht tot het leveren van geneesmiddelen in grootverpakking (drie maanden) voor chronisch zieken. Verspilling van niet gebruikte medicijnen zou hiermee worden tegengegaan, maar de patiënt moet dan wel elke maand € 0,50 per doosje zelf betalen. De apothekers willen hun takenpakket en daarmee hun beloningen uitbreiden met lichte medische handelingen (bloeddruk opmeten), adviezen bij verkoudheid e.d., zodat minder doktersbezoek nodig is. Dat kan volgens de beroepsgroep vooral nuttig zijn in streken waar steeds minder huisartsen gevestigd zijn. In die gebieden blijven de groen flikkerende neon-gevelreclames nog altijd zeer talrijk.
(09.08.10)

Fransen gebruiken nog steeds te veel antibiotica

antibiotica3Het gebruik van antibiotica is in Frankrijk de laatste tien jaar met 16% gedaald, maar het land blijft nog altijd - op Griekenland na - de grootste consument van deze geneesmiddelen tegen bacteriële aandoeningen. Dankzij voorlichtingsacties van de overheid is vooral de laatste vijf jaar het verbruik van de middelen belangrijker gedaald. In 2005 en 2009 was nog sprake van een lichte stijging bij griepepidemieën, zoals die van de H1N1. Artsen schreven toen meer antibiotica voor, hoewel deze geen enkel effect hebben op virale aandoeningen, zoals griep. Volgens een onderzoek van Afssaps (Agence des produits de la santé), neemt het gebruik van de middelen toe bij oudere mensen en vrouwen zijn vaker geneigd om antibiotica te vragen dan mannen. In het noorden van Frankrijk wordt relatief meer geslikt. De campagne onder de slogan 'Les antibiotiques, c'est pas automatique' van 2002 heeft de Fransen wat meer bewust gemaakt van de risico's van het steeds resistenter worden van ziekmakende bacteriën. In 2010 was er de campagne onder de titel 'si on les utilise à tort, ils deviendront moins forts', vooral bedoeld om te waarschuwen tegen het gebruik van antibiotica bij virale ziekten. In de laatste tien jaar zijn 25 vormen van antibiotische geneesmiddelen uit de markt genomen, omdat ze niet meer of nauwelijks werkzaam bleken. In die periode zijn er slechts tien nieuwe bij gekomen. Volgens de Afssaps is deze situatie zeer zorgwekkend, omdat de geleidelijke beperking van nieuwe varianten van antibiotica genezing kan beperken. Artsen worden geconfronteerd met infectieziekten die levensbedreigend kunnen zijn wegens het ontbreken van effectieve antibiotica. Volgens Europees onderzoek zouden in 2007 als gevolg van aandoeningen door multiresistente bacteriën 25.000 patiënten zijn gestorven. Het ministerie van Gezondheid werkt inmiddels aan een plan om een nieuwe voorlichtingscampagne te starten.
(21.06.11)



 Lijst van weinig vergoede medicijnen

apotheek3Op de Franse doosjes met medicijnen kende men al het witte gestreepte etiketje (100% vergoed door de Sécu), het witte ongestreepte etiketje (65%) en het blauwe (35%). Zoals gemeld komt er een vierde bij, het oranje vignet, duidend op een nieuw vergoedingspercentage van 15. De overheid heeft een lijst geproduceerd van 150 producten die niet meer voor 35%, maar voor nog slechts 15% zijn te claimen bij de ziekenkassen. De overheid verwacht hiermee een besparing van € 145 miljoen te bereiken. Voor Fransen gaat het om een lijst zeer bekende, vrij onschuldige geneesmiddelen en middeltjes die nauwelijks een heilzaam effect hebben: Débridat, Eryfluid, Gelox, Hexomedine, Myolastan, Rhynotrophyl, Tanakan, Zovirax, Toplexil. Verzekerden onder de CMU blijven overigens het recht behouden om deze middelen voor 100% vergoed te krijgen. De aanvullende verzekeringen zouden het niet vergoede deel voor hun rekening nemen, maar blijken daarvoor nog niet veel te voelen. Deze mutuelles zijn tegenstander van de nieuwe maatregel en menen dat het beter zou zijn om de vergoedingen op de nauwelijks werkzame producten geheel achterwege te laten. Maar de overheid wil niet al te impopulaire maatregelen nemen en kijkt ook met een schuin oog naar de farmaceutische industrie die niet blij is met een totale afschaffing van de vergoedingen op de voor veel Fransen vertrouwde pilletjes, poeders, drankjes en zalfjes.
(18.04.10)


Recepten voor drie maanden
Om minder eigen bijdragen te betalen (€ 0,50 per doosje medicijnen), kan een patiënt die aan een langdurige ziekte lijdt zijn apotheker vragen om de medicijnen voor drie maanden te verkopen. Dat kan dus een klein voordeel bieden. Daarnaast zijn sinds 1 maart de prijzen van 'gewone' medicijnen in grootverpakking met 5% gedaald. Deze prijsverlaging zal geleidelijk tot september worden doorgevoerd voor geneesmiddelen als cholesterolverlagers en die voor lijders aan suikerziekte en hoge bloeddruk. Het gaat bij deze grootverpakkingen om merkmedicijnen en generieke. Inmiddels zijn 350 geneesmiddelen in verpakkingen voor drie maanden verkrijgbaar. De apothekers staan niet te springen om de verkoop van deze medicijnen te promoten, want zij verliezen heel wat marge. De Franse consumentenorganisatie Que Choisir raadt het publiek aan om toch vooral aan te dringen bij deze apothekers, de best betaalde middenstanders van Frankrijk.


Apothekers willen nieuwe taken


Apotheek 2

De Franse apothekers zien voor zichzelf een nieuwe rol weggelegd in de gezondheidszorg. Niet alleen pillen en zalfjes verkopen, maar taken overnemen van de steeds schaarse wordende plattelandsdokter. Met de beloning die zij daarvoor zullen ontvangen van ziekenfonds en mutuelles zouden de marges op de geneesmiddelen iets kunnen dalen. Dus twee vliegen in één klap.

Minister Bachelot van Volksgezondheid gaat studeren op het voorstel van de pharmaciens. Deze beroepsgroep ziet een taak voor zich weggelegd bij het volgen en controleren van chronisch zieken in de tussenperiode van de doktersconsulten. Te denken valt aan de zorg voor patiënten die lijden aan suikerziekte of hoge bloeddruk, aan het helpen van tabaksverslaafden, het doen van bacteriologisch onderzoek om te oordelen of het voorschrijven van antibiotica nodig is, of juist niet. Ook personen die net uit het ziekenhuis komen, zouden door de apothekers kunnen worden begeleid. In gebieden waar het aantal huisartsen daalt, zouden de diensten uitkomst kunnen bieden. Want de apothekers zijn evenwichtiger over het Franse grondgebied verdeeld dan de cabinet medicaux. Apothekers kennen geen vrij vestigingsbeleid. Er kan een apotheek zijn per bevolkingsgroep van 2500 tot 3000 inwoners.

Als de Franse apothekers inderdaad deze kant van advies en begeleiding opgaan, ontstaat er een nieuw beloningssysteem. Zij zullen hun inkomen niet alleen meer krijgen uit de winstmarge van de medicijnenverkoop, maar zullen ook honoraria ontvangen voor hun diensten. Gevolg: lagere winstmarge op de geneesmiddelen. En dat zou dan weer een antwoord zijn op het vrijgeven van receptloze medicijnen, waardoor sterke concurrentie te duchten is van de supermarkten. Leclerc is deze concurrentieslag al uitbundig begonnen met het openen van de parapharmacies die een antwoord bieden op de vraag van de consument naar meer vrije middelen.

Print Print dit artikel

 

De tandarts

De gewone tandarts heet chirurgien-dentiste en werkt in grote lijnen zoals de Nederlandse tandarts. Via aanbevelingen van plaatsgenoten of andere Nederlanders uit de omgeving is snel een betrouwbare tandarts te vinden. Ook op dit terrein is de zorg uitstekend geregeld in Frankrijk: de tandartsen beschikken over moderne apparatuur en rekenen het tot hun professie om de patiënten geen pijn te doen. De Fransen zelf zijn nogal huiverig,
Te veel Fransen gaan te weinig naar de tandarts: 55% komt niet vaak omdat er geen klachten zijn, 35% stelt bezoek uit wegens angst voor pijn. Bij jongeren zijn deze percentages hoger.

Financieel zijn bezoeken aan tandartsen vergelijkbaar met die in Nederland. Voor bijzondere ingrepen, zoals het aanbrengen van kronen, bruggen en prothesen, zijn er talloze verzekeringsvormen mogelijk. Het ziekenfonds vergoedt de 'normale' tandartskosten en hanteert bij de berekening van deze remboursements voor bijzondere tandheelkundige ingrepen tal van lijstjes met percentages. Wat de Sécu niet vergoedt, kan meestal bij de aanvullende verzekering worden geclaimd, afhankelijk van de polis die is afgesloten en al dan niet met inachtneming van sommige wachttijden na de inschrijving voor bijzondere ingrepen, zoals kronen of prothesen. De vergoeding door de Sécu van gebitscontrole (le bilan bucco-dentaire) bij jeugdigen bedraagt 100%. De groep die voor deze vergoedbare vorm van preventieve aandacht in aanmerking komt, bestaat uit de zes- tot achttienjarigen.

Er zijn nogal wat verschillen in tarieven en remboursements doordat er drie categorieën dentistes hun werk doen: conventionné assurance maladie (de overgrote meerderheid), conventionné avec droit à dépassement (mogen meer berekenen) en non conventionné, geheel vrij in het berekenen van de honoraria. Wie voor de eerste keer de Franse tandarts bezoekt, moet zich er wel van gewissen tot welke categorie de tandarts behoort.

Het honorariumformulier bevat een flink aantal afkortingen, een soort geheimtaal van de Sécu en de arts. Een voorbeeld van de vergoedingen. Een kroon kost SPR 50. Om te weten te komen hoeveel het bedrag is en hoeveel daarvan als basis wordt vergoed, moet de SPR (waarde € 2,15) met 50 worden vermenigvuldigd en je komt dan uit op € 107,50. Daar krijg je dan de meeste simpele kroon voor die denkbaar is. De Sécu vergoedt vervolgens 70% daarvan ofwel € 75,25, Grote ingrepen behoeven eerste de goedkeuring van de Sécu alvorens de tandarts aan de klus begint. Wil men een goede kroon of een behoorlijke behandeling, dan zal uit eigen zak moeten worden bijbetaald of een beroep worden gedaan op de mutuelle. Door de economische crisis stellen steeds meer Fransen een bezoek aan de tandarts uit voor het uitvoeren van gebitsreparaties of het plaatsen van prothesen. De lage vergoedingen door de Sécu, de overschrijdingen van de honoraria van de tandartsen en de terughoudendheid bij de aanvullende verzekeraars leiden er toe dat veel mensen met slechte gebitten rondlopen. Tweederde van de gevallen waarin Fransen uit kostenoverwegingen geen beroep doen op de medische zorg, betreft de tandheelkundige verzorging.

Vanaf 2012 moeten tandartsen bij het plaatsen van prothesen in hun offerte vermelden, waar deze kronen en kunstgebitten zijn vervaardigd.


Leegloop artsenpraktijken: tandartsen verlaten steeds meer het platteland


tandarts4Het zijn niet alleen de huisartsen die de dunbevolkte regio's voor gezien houden. Bij pensionering worden tal van deze toubibs niet opgevolgd door jonge artsen, die de stedelijke gebieden verkiezen boven La France profonde. De beweging is nu ook waarneembaar bij de ruim 40.000 tandartsen en zelfs in nog versterkte mate. Ook de onevenwichtigheid van de verdeling over het land van de dentistes-chirurgiens is opmerkelijk. In Parijs zijn 152 tandartsen per 100.000 inwoners, in het departement Orne zijn dat er slechts 34. Het nationale gemiddelde ligt op 66. Sinds 2000 is de dichtheid van tandartsen aan het dalen, gemiddeld met 1% per jaar. De beroepsgroep veroudert, de gemiddelde leeftijd is 48 jaar. Bij vertrek wegens pensionering is het opvullen van de vrijkomende plaats steeds moeilijker. Grote schuldige: de numerus clausus, waarbij het aantal studieplaatsen wordt beperkt. In de zeventiger jaren lag het aantal toegestane studieplaatsen voor tandheelkunde op 1930 per jaar, nu zijn dat er ruim 1100. In de jaren negentig was de numerus clausus zelfs voor een periode van tien jaar gedaald tot 800. Sinds enige jaren blijkt het wegvallen van twee cabinets dentaires te worden gecompenseerd door één nieuwe vestiging. Naast het geringe aantal afgestudeerden blijkt ook de aantrekkelijkheid van het vak voor een uitoefening in de banlieues en op het platteland oorzaak van het tekort. In die gebieden komen de mensen vooral naar een tandarts voor de routine-zorg, maar ontbreekt het hun aan de financiële middelen om de winstgevende bruggen en kronen te laten plaatsen. Een aspect dat ook nog telt: lang niet alle echtgenoten van de tandartsen hebben zin om in de provincie te gaan wonen; zij hebben een baan in de stad en wensen dat hun kinderen goede scholen in de nabijheid kunnen bezoeken. Ook de pas afgestudeerden in de 16 faculteiten blijken zich het liefst in de buurt van de universiteitssteden te vestigen, Toulouse, Bordeaux, Straatsburg, Lyon e.a.) De tandartsenorganisatie pleit voor ficale en sociale maatregelen of extra premies om jonge artsen over te halen zich in gebieden te vestigen waar een tandartsentekort heerst.
(22.03.12)



Tandartsentekort wordt nijpend


tandarts3In sommige delen van Frankrijk zoals de Dordogne met zijn vele Britten, Parijzenaars en Nederlanders, begint het tandartsentekort nijpend te worden. Het aantal tandartsen in Frankrijk zal in 2030 zijn gedaald van de huidige 41.000 tot 27.000. Belangrijkste oorzaken van de terugloop: de massale pensionering van de dentistes en een onvoldoende aantal studenten tandheelkunde. In de Dordoge is één tandarts op 2000 bewoners te vinden. Het Franse gemiddelde is 1700. Van de 211 tandartsen in de Dordogne is meer dan de helft ouder dan 50 jaar. In 2020 zal een derde met pensioen zijn, waarvan 40% zal zijn opgevuld door nieuwe dentistes. De lokale voorzitter van de Tandartsenfederatie voorspelt dat de situatie dramatisch wordt, niet alleen in de Dordogne, maar ook in overig Frankrijk. De invoering van de 35-urige werkweek heeft volgens hem geleid tot een wijziging van de mentaliteit en tandartsen werken geen 50 uur per week meer. De Fransen beginnen in te zien dat een oplossing kan zijn het stichten van gezondheidscentra waarbij meerdere medische disciplines worden gehuisvest. Deze maisons de santé rurales beginnen hier en daar te verschijnen. Ook de ziektekostenverzekeraar MSA (Mutualité Sociale Agricole) ontwikkelt initiatieven om dergelijke centra op het platteland van de grond te krijgen.
(05.02.11)

Print Print dit artikel

 

Links

Ameli
Tandartszorg jeugdigen

Print Print dit artikel

Deze pagina is laatst gewijzigd op 30-03-2012 om 22:18.


het weer in Frankrijk
het weer in Frankrijk
29 mei 2012