|
|
Nieuws
|
Proefproject om buitenlanders in de Auvergne te verwelkomen
 In de Auvergne, om precies te zijn in de Pays des Combrailles, is een proefproject opgezet met de naam Welcombrailles: een informatie- en adviesdienst om recent - of niet zo recent - gearriveerde buitenlanders een handje te helpen bij het nemen van de onvermijdelijke hobbels van de Franse bureaucratie.
Naast het raadplegen van deze website Wonen en leven in Frankrijk en het lezen van een goed boek over het (gaan) wonen in Frankrijk, kan het geen kwaad om nog extra persoonlijke detailinformatie te verwerven. In de Auvergne, waar relatief veel Nederlanders zijn neergestreken, beijvert de overheid zich om meer bedrijvigheid aan te trekken, als het moet ook van buitenlanders. Wie vragen heeft over allerhande overheid-gerelateerde zaken, van de formulieren-in-zesvoud voor een bouwvergunning tot gedoe met de Sécurité Sociale, kan terecht op spreekuren van 'Welcombrailles' die verspreid door het gebied worden georganiseerd. Daar zit dan iemand van Franse afkomst die ook Nederlands en Engels spreekt, en desnoods namens de 'klant' in rad Frans een weerbarstige ambtenaar kan bellen om iets te vragen of uit te leggen. Eerste hulp bij het doorgronden van ambtelijke oekazes door iemand die er zelf ook mee zit of heeft gezeten en die vooral helpt de taalbarriëre te nemen. Het programma Welcombrailles zal behalve de spreekuren ook informatiebijeenkomsten en workshops gaan omvatten. Binnenkort zal daarover te lezen zijn op de website van de SMAD des Combrailles (www.combrailles.com). Deze Société Mixte pour l'Aménagement et le Développement des Combrailles is ook de lokale instantie die (door)startende ondernemers helpt bij het aanvragen van subsidies en dergelijke, dus als men een bedrijfje wil beginnen is het zeker een club om ook mee te praten. De hulpverlening van Welcombrailles is gratis voor zover het kwesties betreft die in de ruimere zin des woords te maken hebben met de overheid. Nutsvoorzieningen als stroom en water vallen er bijvoorbeeld ook onder. De spreekuren vinden plaats volgens onderstaand schema: 1 - Giat: in het Maison de service van de Communauté de communes de Haute Combraille - Grande rue; eerste en derde dinsdag van de maand van 14.30 tot 16.30 uur. 2 - Saint Gervais d'Auvergne: in de Halle van de Communauté de communes Coeur de Combrailles (tegenover de Shopi supermarkt); eerste en derde woensdag van de maand, van 10.00 tot 12.00 uur. 3 - Manzat: in de Mairie (tegenover de kerk); eerste en derde woensdag van de maand, van 14.00 tot 16.00 uur. 4 - Buxières-sous-Montaigut: in de Mairie; eerste en derde donderdag van de maand, van 10.00 tot 12.00 uur. 5 - Pionsat: bij de Communauté de Communes van Pionsat; eerste en derde donderdag van de maand, van 14.30 tot 16.30 uur. Later dit jaar komen er zeer waarschijnlijk nog maximaal 5 spreekuurlocaties bij, in de 'even' weken. Blijkt het in een behoefte te voorzien, dan kunnen soortgelijke projecten ook in andere delen van de Auvergne worden opgezet.
|
Nog een gratis cursus 'Ondernemen in de Auvergne'
Elk jaar biedt Ondernemen-Frankrijk een cursus aan voor toekomstige ondernemers in Frankrijk. Op 25 en 26 juni 2010 komt er een speciale versie van deze cursus: 'Ondernemen in de Auvergne' Ook in deze cursus komen aan de orde: regels voor inschrijving en start van een bedrijf, de belastingen, sociale lasten en de ondersteuning waarop men recht op heeft, met name in de Auvergne. In stappen wordt uitgelegd hoe het proces verloopt bij oprichting van een nieuw bedrijf, de aankoop van een bestaand bedrijf of het verplaatsen van een bedrijf van Nederland naar de Auvergne. De cursus is gratis voor Nederlanders en Belgen die serieuze plannen hebben om in de Auvergne een bedrijf te starten of over te nemen. Toelating gebeurt op basis van een intake-gesprek.
|
Succes statuut auto-entrepreneur leidt tot aanpassingen

Dit jaar zullen er waarschijnlijk al aanpassingen komen op het vorig jaar gestarte statuut van de auto-entrepreneur. Het fiscaal vriendelijke en eenvoudige regime voor inwoners die een bescheiden bedrijfsactiviteit willen ondernemen, moet op een aantal punten op de helling. Inmiddels zijn 340.000 personen min of meer werkzaam onder dat nieuwe regime.
Ondanks het succes blijken er toch constructiefouten in het systeem te zitten. Zo klagen kleine middenstandsbedrijven (de artisans) over oneerlijke concurrentie en wordt hier en daar een verkeerd gebruik gemaakt van het statuut. De financiële commissie van de Senaat (de Franse Eerste Kamer) heeft de wens neergelegd om het regime bij hoge omzetten tot drie jaar te beperken.
De artisans zeggen oneerlijke concurrentie te hebben ondervonden van auto-entrepreneurs (studenten, werklozen, gepensioneerden of mensen met een baan) die hetzelfde beroep uitoefenen, maar profiteren van een fiscaal aanzienlijk vriendelijker systeem. Volgens cijfers van het Insee (statistiekenbureau) is een derde van de auto-entrepreneurs inderdaad artisan (ambachtsman, zoals loodgieter, elektricien, timmerman, kapper). Volgens de senaatscommissie zou een verkorting van het statuut tot drie jaar het mogelijk maken om misbruik te voorkomen. Ondernemers die een omzet behalen die hoger is dan toegestaan binnen het statuut, zouden het statuut verliezen. Die grenzen zijn voor dit jaar € 80.300 voor handelsactiviteiten en € 32.100 voor de dienstverlening. Deze categorie van auto-entrepreneurs zou na drie jaar moeten gaan werken onder de normale regels en duidelijk moeten maken hoe zij de omzetoverschrijding administratief en fiscaal hebben verwerkt. Het woord zwart werken is hierbij al gevallen.
De maatregel, samen met de verplichting om de totale omzetcijfers bekend te maken, moet duidelijk maken of deze auto-entrepreneurs niet zijn veranderd in gewone bedrijfsdirecteuren. En daar is de regeling niet voor bedoeld. Het statuut is ontworpen voor mensen die een bescheiden activiteit willen uitoefenen om hun inkomen aan te vullen. Deze belangrijkste categorie zal volgens het voorstel van de commissie niet aan de driejarentermijn worden gebonden. Vorig jaar heeft 60% van de ingeschreven auto-entrepreneurs verklaard dat zij (nog) geen omzet hebben gedraaid. Wel komen zij in aanmerking voor alle zegeningen van het Franse sociale systeem, zoals aansluiting bij een ziekenfonds. Beheerders van pensioenfondsen voor de vrije beroepers vrezen al een toestroom van auto-entrepreneurs met lage inkomens, die kan zorgen voor financiële onevenwichtigheden. Het Observatoire des auto-entrepreneurs ziet echter al een opleving van de omzetten in de laatste maanden.
De nieuwe maatregelen zouden ook een einde moeten maken aan het fenomeen van oneigenlijke onderaannemerschap: een onderneming dwingt daarbij personeel en in het bijzonder stagiaires en illegale werknemers, om te gaan werken onder het regime van de auto-entrepreneur om daarmee aanzienlijk te besparen op de hoge sociale lasten. Dergelijk misbruik zou vooral voorkomen in de bouw, waarin 12% van de auto-entrepreneurs werkzaam zijn.
De uitvinder van het instituut, staatssecretaris Hervé Novelli voor het midden- en kleinbedrijf, voelt niet veel voor die nieuwe maatregelen die het statuut ingewikkelder maken. Het was juist de bedoeling om de zaak zo eenvoudig mogelijk te houden. De bewindsman relativeert bovendien het misbruik dat zou worden gemaakt en zegt dat misschien om enkele honderden gevallen gaat. Volgens Novelli houden de URSSAF (incasseerder sociale premies) en de arbeidsinspectie de regels goed in de gaten. De kritiek is volgens hem in een tijd van crisis niet geheel onbegrijpelijk, maar van een oneerlijke concurrentie is volgens hem geens sprake. De sociale en fiscale lasten van een auto-entrepreneur zijn volgens een onderzoek van de Ordre des experts-comptables gelijk aan die van andere werkers die niet in loondienst zijn. De staatssecretaris doelt hier op het traditionele régime microfiscale. De waarde van het auto-entrepreneurschap is vooral de administratieve eenvoud ervan.
De artisans blijven echter verstoord; juist in 2009, het jaar van de economische crisis, kwam er nieuwe concurrentie. De boosheid van de vrije artisans kon enigszins worden getemperd door het besluit dat vanaf 1 april enkele categorieën van auto-entrepreneurs hun vakbekwaam moeten gaan aantonen (diploma's, werkervaring). De staatssecretaris werkt nog aan een decreet om het ook ambtenaren mogelijk te maken iets binnen het statuut te ondernemen. Dat zou ook moeten gelden voor militairen die de dienst verlaten en zich voorbereiden op een baan in de burgermaatschappij. Ook 9000 artsen die een omzet van minder dan € 32.100 boeken, hebben gevraagd om als auto-entrepreneur te mogen gaan werken.
Wijzigingen in regels rond de auto-entrepreneur

Na de invoering van het nieuwe statuut van de auto-entrepreneur vorig jaar, is gebleken dat er nogal wat schoonheidsfoutjes en rommeligheden kleefden aan de zo succesvolle ondernemingsvorm, waar administratieve eenvoud en gemakkelijke toegankelijkheid de sleutelbegrippen zijn. Sinds januari van 2010 zijn hier en daar wat aanpassingen gekomen, die nogal te pas en te onpas werden gelanceerd. Men heeft nu geprobeerd de sindsdien opgetreden wijzigingen en aanpassingen op een rijtje te zetten.
Beoefenaren van een ambacht (de artisans) die kiezen voor het statuut van de auto-entrepreneur moeten zich verplicht inschrijven in het Répertoire des Métiers. Maar zij blijven vrijgesteld van de inschrijvingskosten en van het volgen van de stage voor nieuwe ondernemers, de stage de préparation à l’installation. Hun inschrijving moet bovendien vergezeld gaan van bewijsstukken dat zij in het bezit zijn van de vereiste vakbekwaamheid (ten minste een CAP - certificat d'aptitude professionnelle, een vorm van 'middenstandsdiploma' - of een beroepservaring van drie jaar in het vak).
Een andere maatregel is dat beoefenaren van vrije beroepen die werken onder het regime van de micro-entreprise (of beter: entreprise individuelle onder het micro-regime) tot 23 februari 2010 de tijd hebben om te kiezen voor het statuut auto-entrepreneur. Mensen die onder de pensioenkas Cipav vallen (Caisse interprofessionnelle de Prévoyance et d'Assurance Vieilesse, bedoeld voor de niet gereglementeerde vrije beroepen) kunnen opteren voor het nieuwe statuut.
Wim van Teeffelen van Ondernemen-Frankrijk die zich in deze zaak heeft verdiept, licht toe: iemand die 'normaal' is ingeschreven onder het micro-regime betaalt achteraf, in het volgende jaar, zijn premies (cotisations) voor sociale lasten en de opvolger van de gemeentelijke taxe professionnelle en daarna nog een voorschot gedurende de eerste twee jaar van bedrijfsvoering. Deze persoon heeft nu de kans om te kiezen voor het regime social/fiscal, waarbij hij op precies dezelfde manier als een auto-entrepreneur zal worden belast, namelijk met 18% van de omzet op basis van een kwartaalaangifte van de omzet (en geen voorschotten meer). De cotisations voor de pensioenbijdrage komen daar overigens bovenop en die worden nog op de ouderwetse manier achteraf bepaald. Verder verandert er niets voor deze personen. Ten overvloede is nog gemeld dat wie opteert voor deze mogelijkheid, die per 1 januari 2010 kan ingaan, nog wel de cotisations over 2009 moet betalen die nog op de andere manier achteraf worden berekend.
De auto-entrepreneur is vrijgesteld van enkele belastingen, waaronder de BTW (TVA), de CET (contribution économique territoriale), de opvolger van de taxe professionnelle, die per 1 januari 2010 is afgeschaft. Verder nog van de belasting voor opleiding van werknemers en de contribution foncière.
Ten slotte zijn de grenzen van de omzetbedragen iets opgehoogd: € 32.100 voor dienstverlening en € 80.300 voor commerciële activiteiten. De periode waarin een auto-entrepreneur kan profiteren van het regime micro-social zonder omzet te hebben gemaakt, is verlengd van één tot drie jaar.
Diploma's voor sommige beroepen
Om een inschrijving te krijgen bij één van de Kamers van Koophandel is het bij sommige beroepen voortaan nodig een diploma of bewijs van kwalificatie over te leggen. Dat geldt ook voor de inschrijvingen als auto-entrepreneur. Als geen diploma kan worden overgelegd, moet een professionele werkervaring in het betreffende beroep worden aangetoond. Het gaat om de volgende beroepen: automonteur (ook carrosserie), alle beroepsvormen in de bouw, loodgieter, verwarmingsmonteur, elektricien, monteur air-conditioning, installateur waterleidingen en van gas en elektriciteit, schoorsteenveger, schoonheidsspecialiste, tandtechniker, bakker, banketbakker, slager, vishandelaar, ijsverkoper, hoefsmid en kapper. (22.03.10)
Illegalen werken als auto-entrepreneur
De Franse vakbond CGT heeft geconstateerd dat in Parijse restaurants en in de bouw buitenlanders zonder papieren werkzaam zijn onder het nieuwe statuut van auto-entrepreneur. Deze illegalen leveren hun diensten tegen uiterst lage vergoedingen. De informatie is inmiddels bevestigd door het ministerie van Immigratiezaken, dat verklaart snel een einde te willen maken aan deze praktijken. Het statuut van auto-entrepreneur is bedoeld als stimulans om op een eenvoudige manier een bedrijfje te starten onder gunstige fiscale voorwaarden. Hier en daar is ook in andere bedrijfstakken al sprake van misbruik, waarbij werkgevers personeel ontslaan en dat vervolgens via het auto-entrepreneurschap weer 'in dienst nemen'. Minister Besson van Immigratiezaken heeft de Parijse politie gevraagd met spoed in te grijpen in de zaak van de illegalen. Bovendien komt hij met een wetsvoorstel om harder te kunnen optreden tegen ondernemingen die de sans papiers aan het werk zetten. Verenigingen voor de bescherming van vreemdelingen en politici uit het linkse kamp uiten ernstige kritiek op het overheidsbeleid in deze zaak en spreken van hypocrisie. Immers, een belangrijk deel van de Franse economie zou niet kunnen functioneren zonder de goedkope arbeidskrachten van illegale buitenlanders. Het is al jaren algemeen bekend dat in de horeca en de bouw tal van zeer laag betaalden arbeid verrichten. (18.03.10)
Digitaal ondernemersloket
Ook Frankrijk kent sinds dit jaar een digitaal loket voor ondernemers. Het wordt gepresenteerd als een nieuwe Franse dienstverlening voor starters, die niet mogen worden afgeschrikt door de paperassenwinkel. Maar het was de EU die alle lidstaten heeft verplicht gesteld om zo'n onlineloket te openen. Het loket www.guichet-entreprises.fr is gericht op regelgeving voor ondernemers en op bedrijfsvestiging. Ondernemers kunnen via Guichet-Entreprises voldoen aan de formaliteiten die voor hun specifieke bedrijfsactiviteit worden voorgeschreven. Dit geldt voor alle ondernemingsvormen, van agrarisch en ambachtelijk, handel en industrie tot dienstverlening. Zo moeten bijvoorbeeld bepaalde vergunningen in Frankrijk stapsgewijs aangevraagd worden. Dat kan nu in één keer via het nieuwe ditigale loket. Er zijn verder 100 bestanden beschikbaar met informatie over de rijke regelgeving bij het uitoefenen van bedrijfsactiviteiten. Als men eenmaal is ingeschreven bij het CFE (Centre de formalités des entreprises) is het ook mogelijk het eigen dossier te volgen en de voortgang van de administratieve afhandeling te volgen. (25.02.10)
Veel nieuwe ondernemingen, ook meer faillissementen
Crisis of niet, de Fransen hebben vorig jaar 580.193 nieuwe 'bedrijven' gesticht, hoofdzakelijk als gevolg van het nieuwe statuut van de auto-entrepreneur (320.000). In 2008 kwamen er, toen het statuut nog niet bestond, 327.000 ondernemingen en onderneminkjes bij. De meeste bedrijven die in 2009 werden ingeschreven of het statuut van auto-entrepreneur ontvingen, zijn te vinden in de de kunst, podiumkunst, opleiding, persoonlijke dienstverlening, informatie en communicatie. Volgens het Agence pour la création d'entreprises (APCE) zijn deze sectoren spectaculair gestegen (135% in de eerste tien maanden), terwijl activiteiten als de groothandel, restaurantwezen en vervoer slechts met 15% groeiden. Nogal wat beginnende ondernemers blijken te worden aangemoedigd door de financiële overheidssteun bij het doen van duurzame investeringen in de woonomgeving. Huizenbezitters en bedrijven laten daardoor veel meer werk uitvoeren bij het doen van isolatiewerkzaamheden, het plaatsen van zonnecollectoren e.d. Ook de fiscale tegemoetkomingen bij het laten werken van hulp in ouderenzorg, kinderopvang e.d. stimuleert meer mensen om in deze sector te gaan werken. In trek zijn verder kleine 'winkels' op internet. De economisch crisis heeft in 2009 ook geleid tot een toeneming van het aantal faillissementen (11,4%). Er ging ruim 61.500 ondernemingen op de fles, een record sinds 1993. Ook in 2008 legden veel bedrijven het loodje, 11% meer dan het jaar ervoor. Vorig jaar stopte de groei van het aantal déconfitures vrij onverwacht in het vierde kwartaal. Het zijn vooral ondernemingen in het midden- en kleinbedrijf die moesten ophouden, maar de eenmansbedrijven vormden vorig jaar een uitzondering. Het aantal faillissementen daalde daar met 6%. Niet verrassend is ook dat de meeste slachtoffers vielen bij jonge, kwetsbare bedrijven. (25.01.10)
Helft van auto-entrepreneurs bestaat uit werklozen
De helft van de Fransen die zich hebben laten registreren onder het nieuwe statuut van de auto-entrepreneur is werkzoekende of oefent geen activiteit uit. De inmiddels opgerichte Union des auto-entrepreneurs (UAE) heeft uitgezocht dat 10% van de ingeschrevenen werklozen is, 13% leeft van de bijstand en 26% heeft nog geen werk verricht. Bij de andere groep is 17% gepensioneerd, 2% student, 29% werknemer en 3% ambtenaar. Zeven van de tien auto-entrepreneurs hebben wel eens betaald werk gedaan en behaalde daarbij een gemiddelde omzet van € 775 per maand. Niet meer dan 15% van de nieuwe 'patrons' meldt dat de activeit voor 100% voor hun inkomen zorgt. Pas over 2010 zal een goed beeld kunnen ontstaan over het succes van het statuut. De ondervraagden melden dat zij verwachten dan een gemiddelde omzet van € 18.400 zullen behalen. De meeste auto-entrepreneurs (gemiddeld 44 jaar oud, 40% is vrouw) werken in de dienstensector: 39% werkt voor particulieren, 28% voor ondernemingen en 16% in de handel. 12% werkt in de bouw. Volgens cijfers van eind november hebben zich 263.400 personen ingeschreven; 47.500 van hen heeft ook daadwerkelijk iets ondernomen met een gezamenlijke omzet van € 383 miljoen. (12.12.09)
Bezorgdheid over de auto-entrepreneurs De reguliere Franse artisans (ambachtslieden zoals timmerman, aannemer, loodgieter, elektricien) maken zich enige zorgen over het succes van het nieuwe statuut van de auto-entrepreneur. Het is booming business geworden met deze nieuwe vorm van ondernemerschap door individuen die een bescheiden activiteit uitoefenen: eenmansbedrijfjes, maar ook werklozen, studenten en gepensioneerden. De artisans klagen over zeer ongewenste effecten en concurrentievervalsing bij het nieuwe statuut. Volgens de Union professionnelle artisanale (UPA) moeten de activiteiten van artisans worden uitgesloten van het regime van het auto-entrepreneurschap. Men vreest een tweede economie van activiteiten door mensen die onvoldoende gekwalificeerd zijn en het werk alleen doen om uit de zorgen te komen. Maar president Sarkozy, warm pleitbezorger van het nieuwe statuut, meent dat de nieuwe auto-entrepreneurs heel andere zaken doen: advies, persoonlijke dienstverlening, winkeltje spelen, verkopen via internet en computerhulp. Het staatshoofd ziet daarom geen bedreiging voor de het reguliere artisanat. Het zijn nieuwe activiteiten, aldus de president tijdens een ontmoeting met de georganiseerde artisans. (22.05.09)
Print dit artikel
Nieuw werkstatuut: auto-entrepreneur
Om de economische groei een stimulans te geven en ook zwart werken te ontmoedigen, heeft het Franse parlement in de zomer van 2008 de wet op de modernisering van de Franse economie aangenomen die onder meer voorziet in de vorming van nieuwe regels waarbij werknemers, werklozen en anderen gemakkelijker betaalde activiteiten kunnen gaan uitvoeren. Het nieuwe statuut voor individuele personen (werknemers, studenten, werklozen, gepensioneerden e.a.), dus niet voor vennootschappen, is op 1 januari 2009 ingegaan.
Hervé Novelli, de staatssecretaris voor het midden- en kleinbedrijf, verwacht dat met het nieuwe systeem ten minste 400.000 nieuwe activiteiten zullen kunnen worden opgezet. En dat alles via een simpele klik op internet. Ook ingewikkelde inschrijvingen bij Kamers van Koophandel, wachtrijen en documenten in zoveel-voud zijn voor deze activiteiten niet nodig. Het gaat om een nieuw stelsel van vereenvoudigde regels voor bedrijfsactiviteiten die zich tot nu toe buiten het zicht van de overheid afspeelden, of die mensen niet wilden opstarten wegens al het gedoe van een bedrijfsinschrijving, op een zo simpel mogelijke manier binnen het stelsel te brengen. Het doel is mensen aan te zetten tot commerciële activiteiten en hen te ontlasten van de taaie inschrijfprocedure of om mensen aan te moedigen tot het legaliseren van wat tot nu toe zwart gebeurde.
Een simpele inschrijving bij het CFE volstaat (Centre de formalités des entreprises). Het nieuwe regime is bedoeld voor bescheiden activiteiten door Franse ingezetenen waarvan de jaaromzet kleiner is dan € 80.300 voor handelsactiviteiten (aan- en verkoop, verkoop van consumpties ter plaatse en verzorging van onderdak) en lager is dan € 32.100 voor overige vormen van dienstverlening. Bij dergelijke activiteiten is het voeren van een BTW-administratie niet nodig: de auto-entrepreneur betaalt gewoon TVA, maar kan betaalde TVA niet aftrekken.
Het werken onder het statuut van de auto-entrepreneur kan flink wat voordelen opleveren. De premie- en belastingbetaling gebeurt via het forfait van 13% voor handelsactiviteiten, 23% voor de commerciële dienstverlening en 20,5% voor vrije beroepen. Wie geen omzet heeft gedraaid, betaalt ook geen forfait, maar blijft wel verzekerd via zijn bestaande statuut (werknemer, werkloze, gepensioneerde.) Zelfs al is er geen statuut, bijvoorbeeld de verse immigrant uit Nederland, dan nog is hij volledig verzekerd, ook al heeft hij geen of weinig omzet.
De termijn waarin een auto-entrepreneur de voordelen van aansluiting bij het régime micro-social kan genieten zonder dat hij omzet heeft gemaakt, is van één tot drie jaar verlengd. Ook is de procedure om onder het regime te vallen eenvoudig en behoeft er geen stage te worden gevolgd.
Belasting betalen kan op twee manieren: berekening en betaling van de belasting gebeuren in het jaar na het bereiken van een resultaat (régime de droit commun) of via het nieuwe regime van micro-fiscal simplifié. De laatste mogelijkheid geldt voor ondernemers die in het voorafgaande jaar een inkomen hadden dat lager was dan € 25.926 voor één persoon (inkomen van 2009 voor de activiteit van 2010). Het betalen van belasting uit inkomsten/omzet gebeurt gelijktijdig met de betaling van de sociale premies, per maand of per kwartaal. Ook hier, wie in een periode geen omzet heeft, betaalt niets.
De cijfers op een rij: de omzetten zijn aan een maximum gebonden: € 80.300 voor handelsactiviteiten waarover de ondernemer 13% (12% sociale premies en 1% belasting) betaalt. De cijfers voor een dienstverlenende activiteit zijn 23% (21,3% sociale premies en 1,7% belasting) met een maximale omzet van € 32.100 en voor vrije beroepen gelden de percentages 20,5 (18,3 premies en 2,2 belasting). Wim van Teeffelen van Ondernemen-Frankrijk tekent hierbij aan dat 'het nieuwe regime alleen maar kijkt naar dat gedeelte van je leven dat met de bedrijfsactiviteit te maken heeft. Iedereen die een onderneming start in een van deze regimes, heeft al een leven buiten de onderneming. Dat blijft in tact. Iemand die met pensioen is, betaalt al ziekenfondspremie en belasting en als hij een bedrijfje begint betaalt hij 13% of 23% van de omzet aan de overheid en de rest is voor hemzelf. Iemand die werkloos is, blijft in het ziekenfonds voor werklozen, iemand die van zijn vermogen leeft, betaalt al sociale lasten, ziektekostenverzekering. Dit is dus het grote verschil met het oprichten en inschrijven van een bedrijf onder een van de andere belastingregimes: die veranderen je status. Als je tot nu toe in een particuliere verzekering zat, maar je richt een bedrijf op dat je ook inschrijft onder het klassieke micro-regime of het regime réel, dan verandert je status: je wordt o.a. toegelaten in het ziekenfonds en het pensioenfonds voor ondernemers. De auto-entreprise verandert je status niet.' Wie geen status heeft, kan zich wel inschrijven als auto-entrepreneur, zelfs met een hoofdactiviteit
Voorbeeld: een huishouden bestaat uit een koppel zonder kinderen. Meneer beschikt over een netto salaris van € 16.005. Mevrouw behaalt uit een micro BIC een omzet van € 65.500, ofwel een belastbare opbrengst van € 18.995 na de bekende vrijstelling van 71% (die is 50% voor de commerciële dienstverlening en 34% voor de overige niet-commerciële activiteiten). Het belastbare inkomen van het stel (in Frankrijk worden de huishoudens aangeslagen) is dan € 35.000 (de € 16.005 van meneer en de € 18.995 van mevrouw. Belasting vóór de nieuwe wet: € 2346 volgens het gewone schijventarief. Belasting met de nieuwe wet als mevrouw de activiteiten als auto-entrepreneuse gaat uitvoeren: de heffing voor haar is € 655 (1% van € 65.500). Op het inkomen van meneer wordt het gewone schijventarief losgelaten (€ 1072), zodat de totale belasting van het gezin uitkomt op € 1727 (€ 655 + € 1072), een besparing derhalve van € 619. Wel komen er nog de - hoge - sociale premies bij.
Voor hen die al een micro-entreprise hebben, wordt ook de mogelijkheid geboden die de auto-entrepreneur heeft om sociale lasten en belasting in een vast percentage per maand of kwartaal af te rekenen (de genoemde 13% van de omzet voor verhuur en commerce, 23% voor diensten). Als je al een micro hebt, heeft oprichting van een auto-entreprise totaal geen zin, tenzij je in een nieuwe bedrijfsactiviteit stapt.
Informatie in het Frans op www.lautoentrepreneur.fr. Op deze site kunnen de nieuwe auto-entrepreneurs online hun activiteiten melden en maandelijks of per kwartaal hun omzetten doorgeven.
Vaak gesteld vragen:
Alain Bosetti, voorzitter van de organisatie Planète auto-entrepreneur biedt hulp aan mensen die onder dat nieuwe statuut willen gaan werken.
Vraag: mijn baas vraag mij ontslag te nemen en terug te komen als auto-entrepreneur. Ik krijg dan € 400 meer voor hetzelfde werk. Heeft hij daartoe het recht? Nee, de werkgever overschrijdt daarmee een grens. De werknemer stapt over van een arbeidscontract naar een commercieel contrat. De baas loopt dan het risico bij geschillen door de werknemer voor de arbeidsrechter te worden gesleept (juge de prud'hommes) en de werknemer die dat niet durft, loopt het risico dat het geen enkele sociale dekking meer heeft als de werkgever het commerciële contract opzegt.
Vraag: Is het nodig om je baas te informeren als je nog een activiteit als auto-entrepreneur hebt? De auto-entrepreneur moet in principe zijn werkgever informeren over zijn wens om auto-entrepreneur te worden. In sommige gevallen zal zelfs toestemming nodig zijn als de auto-entrepreneur in dezelfde sector gaat werken als die van het bedrijf. In de praktijk wordt het meestal niet gemeld. Toch is het goed de baas te informeren om mogelijke problemen later te voorkomen; bovendien is het raadzaam om in het arbeidscontract na te zien of niet ergens een concurrentiebeding is opgenomen.
Vraag: kan men de uitkeringen van de Assedic (particuliere uitkeringen) blijven ontvangen als men onder een auto-entreprise werkt? Het is mogelijk om die schadeloosstellingen van de Assedic te blijven ontvangen, als men aan de Pôle emploi (arbeidsbureau) laat weten op zoek te blijven zijn naar een baan. De Assedic zal dan op basis van de omzetten bij de auto-entrepreneur de uitkeringen herberekenen. Men kan dus niet de uitkeringen gewoon optellen bij de omzet van zijn auto-entreprise.
Vraag: kan men werknemer zijn en ook auto-entrepreneur? En welk sociaal regime geldt dan? Ja, je kunt tegelijk werknemer en auto-entrepreneur zijn. Dat geldt trouwens voor 40% van de huidige auto-entrepreneurs. In die gevallen geldt het régime social van de werknemer.
Vraag: hoe maak je onderscheid tussen een dienstverlenende en commerciële activiteit als je die twee verschillende activieiten uitoefent als auto-entrepreneur? Veel auto-entrepreneurs in die situatie worden afgeschrikt omdat zij niet weten in welk vakje zijn dan passen. In het geval van een dubbele activiteit, moeten beide omzetplafonds in acht worden genomen. Concreet: een auto-entrepreneur kan een omzet hebben van € 32.100 voor dienstverlening en € 48.200 voor een commerciële omzet.
Vraag: men betaalt ook premie voor pensioenopbouw? Ja, het aantal kwartalen dat geldt voor de premieopbouw hangt af van de behaalde omzet. Als je in het restaurantvak bijvoorbeeld een omzet hebt van € 6007, heb je een geldig omzetkwartaal gehaald. In de dienstverlening is dat € 2640.
Meer eigen baas Een op de drie Fransen zou zijn huidige baan in loondienst willen verruilen voor het vrije ondernemerschap. Aanleiding en oorzaak van dat stijgende verlangen: de door de banken veroorzaakte financiële en economische crisis, de toenemende stress om met collega's en onder een chef te werken, het uitblijven van salarisverhogingen. Volgens directeur Philippe Mathot van APCE (Agence pour la création d'entreprises) wordt het starten van een onderneming gezien als een beschermingsmiddel in deze onzekere tijd. Profiel van de nieuwe ondernemer: een man van 35 tot 45 jaar met een middelbare beroepsopleiding. Studenten van de Franse elitescholen zitten er nauwelijks bij. Vorig jaar werden 580.000 bedrijven en bedrijfjes opgericht, tegen 335.000 in 2008. De grote sprong valt te verklaren uit het succes van het nieuwe werkregime van de auto-entrepreneur, 320.000 van dergelijke inschrijvingen in 2009. Meestal wordt het werken onder dat nieuwe statuut gedaan om wat extra inkomsten te verwerven als werknemers, werkloze of gepensioneerde. Het auto-entrepreneurschap kan ook worden gezien als een opstap naar een heuse onderneming. Van de 320.000 inschrijvingen hebben 80.000 tot 100.000 de potentie om uit te groeien tot een normale onderneming. (23.06.10)
| Voor verhuurders van vakantiehuizen verandert er niets. Even leek het erop dat de huurpenningen op een andere manier zouden worden belast via de micro-entreprise en de forfaitaire aftrek van 71% zou dalen naar 50%. Besloten is echter om de verhuur van dergelijke huizen te blijven beschouwen als 'commerce' en niet als 'service', zoals even leek te worden overwogen. Over de 29% overblijvende winst wordt een Nederlandse verhuurder die in Frankrijk belastingplichtig is belast volgens het schijventarief van de Franse inkomstenbelasting. Het tarief is 20% voor een Nederlandse verhuurder die in Nederland belasting moet betalen. |
Print dit artikel
Een Frans bedrijf(je) oprichten
Erg vlot is de Franse regelgeving niet voor startende ondernemers. De bureaucratie tiert welig en de betrokken ambtenaren houden zichzelf en hun talrijke collega’s bezig met het toesturen van formulieren en het zetten van stempels. Je moet over een ijzeren uithoudingsvermogen beschikken om zaken van de grond te krijgen.
Om de persoonlijke aansprakelijkheid bij een bedrijf(je) te beperken, kan men vrij eenvoudig een BV oprichten (een SARL, Société à Responsabilité Limitée) en zelf werknemer worden. Bij het oprichten van zo'n vennootschap - de bekende création d’entreprise - was de minimumstorting slechts € 750 (10% van het minimumkapitaal). Enkele regeringen geleden is besloten om het oprichten van een SARL aantrekkelijker maken door de storting op het vereiste minimumkapitaal terug te brengen tot € 1. De vennootschapsbelasting (IS, impôt sur les sociétés) bedraagt in Frankrijk 33,3% (15% voor zeer kleine ondernemingen met minder dan vijf man personeel). Naast de NV (SA – Société Anonyme) en de SARL kennen we in Frankrijk ook nog de eenpersoons BV, de EURL (Entreprise Unipersonnelle à Responsabilité Limitée), vergelijkbaar met een Nederlandse BV met Directeur-Grootaandeelhouder (DGA). En sinds kort de EIRL (Entreprise Individuelle à Responsabilité Limitée.) Activiteiten op het gebied van de gezondheidszorg of juridische advisering mogen niet onder het regime van een EURL worden uitgevoerd. De oprichter/eigenaar van deze bedrijfsvormen is alleen aansprakelijk voor het kapitaal (eigen geld of in natura) dat hij heeft ingebracht.
Zoals ook al in 2003 was besloten met de SARL, zeg de Franse BV, kan nu ook gebeuren met de SAS (société par actions simplifiée): een vennootschap starten met een maatschappelijk kapitaal van € 1. Dat kan ook met de SASU (société par actions simplifiée unipersonnelle). Deze vormen passen in het plan van de modernisering van de Franse economie en zijn op 1 januari van dit jaar van kracht geworden. Gewoontegetrouw heeft het maatschappelijk kapitaal als doel om schuldeisers te beschermen, wetende dat het kapitaal een zekere garantie biedt voor de verplichtingen die de onderneming is aangegaan. Maar in de praktijk blijkt het kapitaal al snel door de - kleine - ondernemer te zijn gebruikt en vormt het geen echte garantie meer. Daarom wilde de wetgever de eis laten vervallen om een minimum kapitaal voor te schrijven voor naamloze vennootschappen. De aandeelhouders mogen besluiten tot een kapitaal van € 1, maar kunnen uiteraard ook voor hogere inbreng zorgen. Het zal in het laatste geval gemakkelijker en geloofwaardiger zijn te onderhandelen met bijvoorbeeld de banken of afnemers. Een nadeel van een zeer klein maatschappelijk kapitaal - weinig risico voor de storters derhalve - kan zijn dat buitenstaanders, leveranciers en banken niet erg worden bemoedigd. Banken willen pas lenen bij voldoende kapitaal is of bij gebrek daaraan, krachtige garanties vragen.
Bij de inmiddels ook veelgebruikte auto-entrepreneur en entreprise individuelle (ook genoemd entreprise en nom of entreprise en nom personnel) of de status van travailleur indépendant is geen eigen kapitaal nodig en evenmin is het noodzakelijk om een oprichtingspublicatie te laten verschijnen. Hier binnen zijn drie beroepsvormen te onderscheiden: de commerçant (vooral winkeliers en ook campingeigenaren vallen onder deze categorie), de artisan (bijvoorbeeld de timmerman of de klusjesman) en de libéral (degenen met een vrij beroep zoals de journalist). Er is nog een vierde categorie: de verhuurder (locateur), in de meeste gevallen gelijkgesteld met een commerçant, maar er gelden enkele afzonderlijke regeltjes. De eigenaar blijft persoonlijk aansprakelijk voor het wel en wee van zijn kleine onderneming.
Winkeliers en artisans beter beschermd
Kleine zelfstandigen die onder eigen naam een bedrijfje runnen, zullen bij een faillissement niet meer hun persoonlijke bezittingen kwijtraken. De hoofdelijke aansprakelijkheid wordt voor deze categorie werkers beperkt, zo wil een wetsontwerp dat naar het parlement wordt gestuurd. Het nieuwe regime moet in 2011 van kracht worden. Alleen de bedrijfsmiddelen (machines, bestelauto's, kantoor e.d.) worden als garantie beschouwd en niet meer het geheel aan bezittingen van de ondernemer. Spaargeld en hoofdwoningen blijven, als de wet er is, buiten schot. Ambachtsmensen en winkeliers zullen in een nieuw regime gaan werken, de entreprise individuelle avec responsabilité limitée (EIRL). Er bestaat al ongeveer 25 jaar de EURL (entreprise unipersonnelle à responsabilité limitée), maar deze vorm die ook de persoonlijke aansprakelijkheid beperkt, is te ingewikkeld gebleken. Er is veel administratie nodig, een verplichte boekhouder e.d. Eigenaren van een SARL (de Franse BV) profiteren van een bescherming van hun persoonlijke bezittingen tijdens een déconfiture, terwijl de beheerders van een entreprise individuelle altijd de dupe waren. De ondernemer in de nieuwe EIRL moet een lijst opstellen van de bedrijfsmiddelen, die zal worden gepubliceerd. Die lijst dient ertoe om schuldeisers (banken en leveranciers) te informeren over de financiële risico's die zij nemen. De banken kijken namelijk nog wat huiverig aan tegen de EIRL, omdat hun garanties afnemen. De staatssecretaris van Economische Zaken werkt aan een oplossing voor dit aspect. De ondernemers in de nieuwe constructie kunnen kiezen voor twee fiscale behandelingen: via de inkomstenbelasting of via de vennootschapsbelasting, te weten 15% over de inkomsten tot € 38.120 en 33,3% over het meerdere. (07.02.10)
Extra hulp voor zeer kleine bedrijfjes
Met ingang van dit jaar zijn twee nieuwe maatregelen van kracht geworden om kleine tot zeer kleine ondernemingen (minder dan 10 man personeel) financieel te ondersteunen bij het in dienst nemen van jong personeel. Er kan een vergoeding van € 3000 worden verstrekt voor ondernemers die een jongere van minder dan 26 jaar in vaste dienst neemt via de CDI (contrat de travail à durée indéterminée). Een afzonderlijke steun voor de zeer kleine ondernemingen wordt voortgezet: voor elke werknemer in vaste dienst of tijdelijke dienst CDD (contrat de travail à durée déterminée) behoeft de wergever 12 maanden lang geen sociale lasten af te dragen. Ook is er een regeling gekomen voor het 'in dienst nemen' van stagiaires, een mogelijkheid waarvan nogal wat campinghouders in de zomermaanden gebruik maken. Stagiaires die langer dan twee maanden aaneengesloten aan het werk waren, hebben recht op een betaling. Die termijn was drie maanden. De wettelijke minimum beloning voor een stagiaire is € 2,75 per uur en geldt vanaf de eerste stagedag en wordt maandelijks uitbetaald. (28.01.10)
De SIRET- en SIREN-nummers Wie werk laat uitvoeren aan zijn Franse huis zal er op moeten toezien dat de ingeschakelde aannemer, loodgieter, elektricien, charpentier en anderen legaal aan de slag gaan. Op zwart werken wordt streng gelet in Frankrijk. Een legaal bedrijf moet in het bezit zijn van het SIRET-nummer of het SIREN-nummer. Je ontvangt eerst een SIREN-nummer, en een maadje later wordt dat aangevuld tot het SIRET nummer (dan komen er vijf cijfers bij). Het systeem om bedrijven te kunnen identificeren dateert van 1973 en heet SIRENE (Répertoire national d'identification des entreprises et de leurs établissements), in beheer bij het Franse bureau voor de statistiek INSEE (Institut national de la statistique et des études economiques). Elk bedrijf of filiaal daarvan heeft een eigen nummer en ook zelfstandigen moeten in het bezit zijn van SIRET. De inschrijving gebeurt bij de Centres de formalités des entreprises. Voor de Nederlanders die een uitspanning à la chambre d’hôtes willen beginnen: een SIRET-nummer is alleen nodig bij de professionele exploitatie van een petit restaurant of in geval van gîtes, als er ook aanvullende diensten worden geleverd. Een SIRET nummer bestaat uit veertien cijfers en heeft twee delen: de eerste negen cijfers vormen het SIREN nummer (de aanduiding voor de identiteit) en de laatste vijf cijfers vormen de NIC (Numéro interne de classement). Als een onderneming verschillende bedrijven kent, zal de SIREN gelijk zijn, maar de NIC zal verschillen. Op de website van SIRENE zijn nadere bijzonderheden te vinden. |
Print dit artikel
Micro-entreprise BIC of BNC
Er wordt bij een entreprise individuelle veel gewerkt met een vereenvoudigd belastingregime zonder al te veel papieren, de micro-entreprise BIC of -BNC. Er geldt dan een vrijstelling van het bijhouden van een ingewikkelde administratie of het verplicht aanstellen van een expert-comptable en er is geen TVA-administratie nodig. De BIC mag een omzet hebben van € 80.300 (handelsbedrijven en verhuurders) of € 32.100 (dienstverleners). BIC staat voor bénéfices industriels et commerciaux. Dezelfde regels gelden voor micro-entreprises BNC (bénéfices non commerciaux) en gelden voor beoefenaren van vrije beroepen en dienstverleners. Deze micro-entreprises zijn geen vennootschapjes, maar fiscaal vriendelijk bejegende activiteiten. Er hoeft geen TVA te worden berekend en de TVA op gekochte materialen kan dan ook niet worden afgetrokken, een flink nadeel van de micro-entreprise. De inkomsten (omzet) worden gewoon op het aangiftebiljet voor de inkomstenbelasting opgegeven. De algemene aftrek van de micro-BIC is 71% voor commerçants (50% voor de dienstverleners, voor professions libérales en kunstenaars is dat 37%) van die omzet, chiffre d’affaires. Bij een BNC is de algemene aftrek 34%. De standaard belasting voor buitenlanders die niet in Frankrijk belastingplichtig zijn, is 20%, hetgeen erop neer komt dat zij in Frankrijk slechts 5,8% belasting betalen (20% van 29%) over hun Franse huurinkomsten. De drempel voor inkomstenbelastingbetaling is € 305 per jaar. Wie minder dan dit bedrag aan belasting verschuldigd is, hoeft helemaal niets meer te betalen. Wel moet steeds aangifte worden gedaan, althans als de omzet boven de € 760 per jaar uitkomt. Even uitrekenen: pas als de huurinkomsten van je Franse gîte boven de € 5250 per jaar uitkomen zul je met de Franse fiscus te maken krijgen. Wie belastingplichtig is in Frankrijk valt uiteraard ook onder de grens van € 760 omzet per jaar. Als meer is 'verdiend' geef je dat op als bijverdienste onder de micro-BIC of mico-BNC. Welk tarief dan zal worden gehanteerd hangt af van de overige inkomsten.
Wie minder huur ontvangt dan € 80.000 kan kiezen of hij in aanmerking wil komen voor het regime van de micro-entreprise of voor het regime du réel simplifié d’imposition. Wie als startende ondernemer kiest voor een micro-entreprise kan soms meer kosten maken dan het forfait van 71%. Dan kan het voordeliger zijn om het bedrijf fiscaal onder het régime normal te laten inschrijven. Voor professionele verhuurders gelden andere regels. Zij moeten staan ingeschreven in het handelsregister en zijn ook onderworpen aan vennootschapsbelasting.
Bij een entreprise individuelle vallen de eigenaar en zijn gezin automatisch onder het Franse sociale stelsel, tegen een premie voor een koppel van ongeveer € 3500 in het eerste jaar. In het tweede jaar van de activiteiten worden de premies ruim € 4500 en daarna worden de bedragen van de eerste twee jaar herberekend op ongeveer 35% van de revenus (omzet minus bedrijfskosten). Het kan dus zijn dat na de eerste twee bedrijfsjaren nog moet worden bijbetaald over die twee jaren. Wie een mooie omzet draait en goed verdient, moet rekenen op een premiedruk die tot de 45% kan oplopen.
Sinds de introductie van het statuur van de auto-entrepreneur is het nog wat ingewikkelder geworden. Specialist Wim van Teeffelen hierover: de hiervoor beschreven micro-entreprise wordt inmiddels ‘micro-entreprise classique’ genoemd. Er is namelijk nog een derde belastingregime ontwikkeld, het ‘régime micro social/fiscal’. Een micro-entreprise kan ook kiezen voor dit belastingregime en betaalt dan maandelijks of per kwartaal 12% van zijn omzet (handel en verhuur), 21,3% (dienstverlening) of 18,3% (vrij beroepen) en heeft daarmee aan al zijn verplichtingen voldaan ten aanzien van belasting en sociale lasten. Het percentage van de vrije beroepen is zo laag, omdat daarmee nog niet de verplichte pensioenpremie is betaald, voor de andere bedrijfsactiviteiten is dat wel het geval. Een micro-entreprise die heeft gekozen voor het régime micro social/fiscal wordt ook wel ‘auto-entrepreneur’ genoemd. Betreft dit een bedrijfsactiviteit die niet gereglementeerd is, dan kan hij zijn bedrijfje redelijk eenvoudig inschrijven via een website. Betreft het een bedrijfsactiviteit die wel gereglementeerd is, dan moet de inschrijving van de auto-entrepreneur worden geregeld via een van de zeven inschrijfinstanties.
Naast de algemene vormen van bedrijfsvoeringen is er nog een aantal die in het bijzonder zijn gericht op de eenpitters in de creatieve beroepen (websdesigners, vertalers, tekstschrijvers en anderen). Zo is er het fenomeen van de portage salarial, waarin ondernemingen de administratie en afdracht van sociale belastingen en premies voor hun rekening nemen. Daarmee kan de vrije beroeper zich concentreren op het werk zelf en ontvangt hij zijn 'salaris' maandelijks. De figuur houdt het midden tussen de onafhankelijke werker en iemand in loondienst. Je bepaalt je eigen werktijden en maandelijks stuur je een overzicht van de verrichte werkzaamheden. Ondertussen ben je verzekerd tegen ziektekosten, ongevallen, bedrijfsrisico's en arbeidsongeschiktheid. Zelfs is het mogelijk om bij een behoorlijk arbeidsverleden een beroep te doen op de werkloosheidskassen. Nadeel van het systeem zijn de totale hoge kosten: fee voor de onderneming portage salarial, betaling van werkgever- en werknemerspremies. Van de omzet houd je dan ongeveer 50% over, waarover dan nog afzonderlijk inkomstenbelasting moet worden betaald.
Kleine bedrijven houden stand

De kleine bedrijfjes, de très petites entreprises (TPE) blijken de economische teruggang nog het beste te weerstaan. Ambachtslieden (artisans, zoals loodgieter, timmerman), winkeliers en dienstverleners draaien beter dan de grote ondernemingen.
De mensen van grond- en graafwerk, de travaux publics, hebben het meeste werk en boeken een omzetstijging dit jaar van 8,7%. En ook de loodgieters/verwarmingsbedrijven, elektriciens en timmerbedrijven hebben meer werk. De orderportefeuilles zijn weliswaar minder dik gevuld, maar het werk blijft, doordat veel mensen de artisans nu laten komen omdat er geen wachttijden meer zijn. Tot vorig jaar moest men soms maanden of langer voordat een artisan tijd had om te komen. En als hij kwam opdagen, verdween hij soms weer voor enige tijd omdat er nog andere klussen waren aangenomen. De patroons van deze bedrijfjes hebben het dus druk met reparaties en renovatie, maar de onderaannemers in de huizenbouw hebben het moeilijk. De huishoudens hebben wel geld voor het laten doen van onderhoud en woningverbetering maar kunnen zich niet de aankoop van een nieuw huis veroorloven in deze onzekere tijden. Ook de kleine buurtwinkels voor levensmiddelen boeken een stijging van de omzet. Bij de slagers hebben de ambachtelijke bouchers minder problemen dan de slagerijen van de supermarkten. Een oorzaak van de grotere belangstelling voor de winkels in de buurt valt niet duidelijk aan te geven. Er zou minder vertrouwen bestaan in het grootbedrijf. Men gaat liever naar de vertrouwde slager om de hoek, zo zegt een vertegenwoordiger van de gezamenlijke Franse artisans. Men heeft onderzoek gedaan onder 470.000 bedrijven (de helft van het totaal aantal zeer kleine bedrijven) en er zijn problemen geconstateerd bij het verkrijgen van leningen om te investeren of om nieuwe uitrustingen te kopen. Wel kampen nogal wat bedrijfjes en eenmanszaken met liquiditeitsproblemen, omdat de banken nogal moeilijk doen bij het uitgeven van normale bankkredieten. Als het hierbij te gek wordt, stapt men meestal met succes naar de kredietombudsman, een functionaris aangesteld door president Sarkozy om problemen met de banken op te lossen. Hoewel de TPE-bedrijven de crisis minder voelen, worden toch niet alle middenstanders gespaard. Alles bijeen genomen is de omzet in 2008 met een magere 0,8% gestegen. De een draait nu eenmaal beter dan de ander. Het zwaarst getroffen zijn de makelaars, hun provisieomzetten daalden met bijna 15% na jaren achtereen van euforische omzetgroei en hoge inkomens. Slecht ging het ook in de winkels voor motorfietsen, maar de verkoop en reparatie van fietsen en brommers liepen weer goed. Minder goed ging het ook bij de bricolagewinkels en die van kleding en lederwaren. |
Print dit artikel
Deze pagina is laatst gewijzigd op 02-08-2010 om 18:35.
|

het weer in Frankrijk
08 sep 2010
Uit de fora:
'Een eenmanszaak is onlosmakelijk verbonden met de persoon. Slechts in uitzonderingsgevallen is het mogelijk dat een eenmanszaak achter blijft in Nederland, terwijl de eigenaar/ondernemer is geëmigreerd. Er zijn wel landgenoten die in zo’n geval proberen net te doen alsof ze nog in Nederland wonen, door zich in te schrijven op een postadres. Indien je in Frankrijk woont en nog ingeschreven staat in een Nederlandse gemeente is dat valsheid in geschrifte. Ook de persoon waar je wellicht een zogenaamd 'postadres' hebt is in overtreding. Een inschrijving in de gemeente betekent immers dat je 'metterwoon' moet verblijven op dat adres.'
|