|
|
De huisarts, de specialist
Ook in Frankrijk bestaat de vrijheid om zelf de huisarts te kiezen, of het ziekenhuis waar je wilt worden opgenomen. Het is niet ongewoon dat men nogal eens wisselt van huisarts. Wil men de specialistkosten vergoed krijgen, dan zal iedereen die ouder is dan zestien jaar ook in Frankrijk een verwijsbriefje nodig hebben van de médecin traitant, zeg maar behandelend geneesheer, meestal de huisarts. De verzekering zal derhalve ook het verwijsconsult van de huisarts vergoeden. Wie geen médecin traitant aanwijst, zal minder vergoed krijgen van de verzekering, 30% bij een eigenmachtig consult bij een specialist. Geen verwijzing is nodig voor een bezoek aan de kinderarts, de oogarts, de vrouwenarts of de tandarts, bij dringende gevallen of bij behandeling van chronische ziekten. Wegens het chronische tekort aan oogartsen, de ophtalmos, mogen opticiens nu ook zelf oogonderzoek doen en correcties aanbrengen. Het wijzigen van de sterkte van brillenglazen bij de vervanging van een bril is alleen mogelijk voor personen van zestien jaar en ouder en onder de voorwaarde dat de oogarts deze mogelijkheid niet heeft uitgesloten op een recept dat niet ouder is dan drie jaar. Als de opticien de sterkte van de glazen wijzigt, moet hij de oogarts daarvan op de hoogte stellen. Het raadplegen van deze specialist blijft nodig bij het voor de eerste keer voorschrijven van glazen voor verziendheid. In de grote steden is het niet gebruikelijk dat de huisarts visites (visite à domicile) rijdt, zoals à la campagne nog wel gebeurt. De kosten van een huisartsvisite aan huis worden vergoed voor mensen van 75 jaar en ouder die aan een langdurige ziekte lijden (affection de longue durée (ALD) en daarbij een 100% vergoeding kennen. Verder komen voor vergoeding in aanmerking de ouderen die steun genieten onder de APA (allocation personnalisée d'autonomie), patiënten die zich niet kunnen verplaatsen als gevolg van een hersenattaque (accident vasculaire cérébral), lijden aan MS en patiënten die thuis herstellen van een operatie. Het is verder aan de arts zelf te beoordelen of bij uitzondering een volledige vergoeding moet worden toegekend, zoals bij het slecht ter been zijn of het in afzondering leven. Tarief huisarts die thuis komt: € 32 (€ 60,50 's avonds, € 65,50 's nachts en € 44,60 in het weekeinde). De Sécu vergoedt dit als een consult bij de dokter niet mogelijk was.
Bij plotselinge ziekteproblemen bel je het dichtstbijzijnde ziekenhuis of het alarmnummer 15. Huisartsen houden vaak ook spreekuur (visite médicale) ’s avonds en op zaterdagmorgen. Veel solo-huisartsen zijn soms moeilijk te bereiken, want zij beschikken niet over een een fulltime werkende assistente, dus een afspraak maken is lastig. Ook zit je daar soms heel lang in de wachtkamer. In een groepspraktijk (cabinet médical) is dat beter geregeld en zijn er korte wachttijden.
Dokters en ziekenhuizen via internet vergeleken Na de vergelijkende websites voor verzekeringen en vliegreizen is het nu ook mogelijk om vergelijkende informatie te krijgen over de medische stand via een nieuwe website van de Franse ziekenfondsen. Deze Assurance maladie maakt het voor patiënten mogelijk inlichtingen in te winnen alvorens een keuze te maken. De website toont de kosten van een medische behandeling en de manier waarop deze in rekening worden gebracht. Zo is te zien welke ziekenhuizen en artsen vrije tarieven hanteren of zich houden aan de vergoedingen die met de ziekenfondsen zijn overeengekomen. De website laat ook zien welk deel van de kosten worden vergoed door de Sécu. De eerdere versie van de site was nog meer een adresboek, nu is het gemakkelijker om vergelijkingen te maken. De criteria voor de beoordeling zijn geleverd door de Hoge Autoriteit voor de Gezondheid die de gezondheidsinstellingen op vijf punten heeft beoordeeld: begeleiding van terminale patiënten, pijnbestrijding, kwaliteit van huisvesting en voeding, respect voor de patiëntenrechten en hygiëne en steriliteit. Nog niet alle instellingen zijn op deze punten gecontroleerd, maar dat zal zeer binnenkort het geval zijn. Of de artsen en ziekenhuizen zich werkelijk houden aan de opgegeven manier van kostenberekening en honorariumoverschrijding valt nog niet vast te stellen. De fondsen zijn hierbij afhankelijk van de informatie die de patiënten in de loop van de tijd zullen aanreiken.(02.08.11) Nieuwe afspraken over honoraria huisartsen en specialisten Na achttien uur onderhandelen hebben het Franse ziekenfondswezen en een meerderheid van de artsenorganisaties een akkoord bereikt over een nieuwe vorm van beloning van de huisartsen en specialisten. Zo zullen er premies komen voor artsen die voldoen aan kwaliteitseisen en zullen de overschrijdingen van honoria door medische specialisten aan banden worden gelegd. Consumentenorganisaties omschrijven het bereikte akkoord als 'desastreus' voor de patiënten, die hogere premies zullen moeten betalen voor de aanvullende verzekeringen. Er wordt al enkele jaren onderhandeld over een nieuwe vorm van honorering van de artsenstand, maar de verdeeldheid en ruzies binnen de vijf belangrijkste artsenorganisaties leidden niet tot overeenstemming met de belangrijkste 'tegenpartij', de assurance maladie van de Sécurité sociale ('Sécu'.) De met drie organisaties afgesproken conventie met een looptijd van vijf jaar moet nog worden goedgekeurd door de overheid en ook is het wachten nog op het groene licht van de aanbieders van de aanvullende verzekeringen, de mutuelles. Voor de huisartsen geldt al sinds enige tijd een prestatiebeloning, die nu ook zou moeten worden uitgebreid tot de specialisten. Het gaat om een dertigtal doelstellingen, die behaald moeten worden om punten te verdienen. Zo moet een dokter een vast aantal vrouwelijke patiënten van 50 tot 74 jaar laten onderzoeken op borstkanker, moet een bepaald deel van de voorgeschreven medicijnen generiek zijn en moeten de afrekeningen met de ziekenfondsen hoofdzakelijk elektronisch zijn. Verder komen er punten bij als de medische dossiers worden bijgehouden en patiënten met langdurige ziekten als suikerziekte en hoge bloeddruk, regelmatig worden gevolgd. Als alle 45.000 huisartsen de doelstellingen bereiken, zou dat neerkomen op een jaarlijkse beloning van ruim € 9000 per huisarts. Voorlopig verwacht de Sécu de helft van de doelstellingen te halen. Heikel punt is de uit de hand gelopen praktijk van specialisten om veel hogere honoraria te vragen dan het vergoedingentarief van de ziekenfondsen, de beruchte dépassements d'honoraires. Eerder al was besloten om een derde tarievensector in te voeren, de secteur optionnel, naast de bestaande sectoren 1 en 2. In sector 1 passen de artsen het tarief van de Sécu toe, in sector 2 zijn de tarieven vrij. Met de nieuwe sector moet worden voorkomen dat te veel patiënten buiten de boot vallen en dat de kosten voor de mutuelles uit de pan rijzen. Het nieuwe systeem geldt nu in theorie voor chirurgen, anestheisten en verloskundigen die zich verbinden om de overschrijdingen te maximaliseren tot 50% boven het ziekenfondstarief en voor 30% van de behandelingen het basistarief van de Sécu te hanteren. De aanvullende verzekeraars zouden de overschrijdingen moeten vergoeden, maar hebben het akkoord nog niet ondertekend. Zij wachten op tegemoetkomingen die van de overheid worden verlangd. Al met al is de in 2009 afgesproken invoering van de nieuwe secteur optionnel nog steeds niet van kracht. (21.07.11) Medisch dossier via internet van start gegaan Al aangekondigd in 2004, de Fransen kunnen nu beschikken over hun medisch dossier, door de medische stand via internet te raadplegen. Iedereen die een Carte vitale bezit, kan de openstelling van het dossier aanvragen. Het DMP (dossier médical personnel) - alleen via internet te raadplegen - is een bestand met de relevante medische gegevens, waarvan de uitwisseling tussen professionelen de kwaliteit van de informatie kan verbeteren en tot kostenbeparingen kan leiden door bijvoorbeeld dubbele onderzoeken en overbodige artsenbezoeken te vermijden. De informatie bestaat uit acht onderdelen: persoonlijke gegevens, behandelingen en recepten, verslagen van ziekenhuisbezoek en andere consulten, scans, foto's e.d., uitslagen laboratoriumonderzoek (bloed, urine), oproepen tot vaccinaties en preventieve onderzoeken, (sport)certificaten van gezondheid e.d. In een persoonlijke ruimte kan de kaarthouder zelf gegevens invoeren. Om veiligheidsredenen kan het - niet verplichte - dossier alleen worden aangemaakt via bemiddeling van de (huis)arts. Deze laatste heeft pas toegang tot internet als hij of zij een speciale toegangscode gebruikt. De procedure luidt verder als volgt: de arts overhandigt informatiemateriaal en als de patiënt zijn toestemming heeft gegeven, maakt de dokter op www.dmp.gouv.fr een dossier aan op basis van de gegevens op de Carte vitale. De operatie leidt tot de vaststelling van een nieuw nummer, de INS, Identification national de santé. Ten slotte ontvangt de patiënt een document met daarop de toegangscode en een wachtwoord. De laatste kan de kaarthouder zelf weer wijzigen en hij ontvangt het nieuwe password via de mobiele telefoon of per e-mail. De patiënt bepaalt wie het dossier mogen raadplegen. Bedrijfsartsen en controlerende geneesheren van de verzekeringen krijgen geen toegang tot het DMP. De overigen, zoals artsen, apothekers, tandartsen, infirmières, fysiotherapeuten, kunnen niet zien welk medische gegevens andere disciplines hebben gedeponeerd. Een fysio kan zien welke afspraken er zijn gemaakt, maar hij kan niet de afspraken zien die bijvoorbeeld bij de psycholoog zijn gemaakt. Een patiënt kan sommige gegevens verbergen, zoals een tijdelijke depressie, een zwangerschapsonderbreking. In noodgevallen kan personeel van de Samu of andere eerstehulpdiensten toegang krijgen tot het medische dossier. De patiënt kan dit later controleren. Hij heeft ten slotte nog de keus om het DMP te sluiten, de gegevens zullen 10 jaar worden bewaard. Binnen die periode kan hij ook weer vragen om het dossier te heropenen. Als hij echter vraagt zijn DMP te vernietigen, zullen alle opgeslagen gegevens definitief verloren zijn. (17.06.11) Steeds meer specialisten vragen hoge tarieven Tot verdriet en ergernis van het Franse ziekenfondswezen besluiten steeds meer medische specialisten om vrije tarieven te hanteren, waarbij de overschrijdingen bovendien steeds groter worden. De ziekenkassen hebben met regelmaat de noodklok geluid over de praktijken, die het Franse gezondheidssysteem ernstig nadeel berokkenen. In 2010 maakten zes van de tien specialisten die een praktijk begonnen deze keuze, tegen vier van de tien die al een praktijk uitoefenen. Deze categorie is ingedeeld in de zogenaamde 'secteur 2', waar de honoraria vrij zijn en niet meer de tarieven van de Sécu worden gehanteerd. Vooral bij anesthesisten is de neiging sterk om in sector 2 te gaan werken, 66% van de nieuw ingeschrevenen kiezen daarvoor. Voor de gehele discipline is dat 34%. Vorig jaar waren de percentages bij de nieuwe inschrijvingen 82% voor de vrouwenartsen, 84% voor de keel-, neus- en oorartsen en 63% voor de oogartsen. In 1980 werd de 'secteur 2' ingesteld om te vermijden dat de Sécu hogere tarieven moest vaststellen door toe te staan dat sommige artsen hogere tarieven konden berekenen. Het verschil tussen het Sécu-tarief en de hogere honoraria wordt niet door de Sécu vergoed, maar komt meestal uit de kas van de aanvullende verzekeringen, de mutuelles. In de loop van de tijd werd het voor patiënten steeds moeilijker om een arts te vinden die het basistarief hanteert, zodat in 1990 werd besloten de sector 2 alleen nog open te stellen voor de meest gediplomeerden. Twintig jaar later blijkt dat het aantal artsen met de dépassements d'honoraires, weer sterk is toegenomen tot 24% (tegen 31% in 1990 - huisartsen hebben geen toegang meer tot sector 2.) Bij de specialisten was het percentage in 2000 tot 37% gedaald, maar steeg vorig jaar weer tot 41%, ongeveer even veel als vóór de hervorming van sector 2. Bij KNO-artsen, oogartsen en vrouwenartsen is de grens van 50% nu al vaak overschreden en bij chirurgen ligt het percentage op 85. De overschrijdingen van de honoraria kostten vorig jaar € 2,5 miljard, waarvan € 2,1 miljard van de specialisten. De extra honoraria lopen op tot 54% van het Sécu-tarief, ofwel een factuur van € 154 voor een handeling die voor € 100 wordt vergoed. In en rond Parijs hanteert 90% van de artsen het vrije, hoge tarief tot soms 150%. Deze artsen verklaren hun gedrag door te wijzen op de te weinig verhoogde vergoedingen van de basistarieven van de Sécu. Er zijn pogingen ondernomen om een nieuwe middensector in te voeren, de 'secteur optionnel', maar deze is nog steeds niet goed van de grond gekomen. (17.05.11) Meer medici willen zich aansluiten bij netwerk 'mutuelles' Brildragers en bezitters van implantaten zijn al bekend met het systeem van de zorgnetwerken van de aanvullende verzekeringen. Zonder het soms te weten zijn zij geholpen en behandeld binnen deze 'réseaux de soins', waarin men zich kan wenden tot een door een mutuelle of particuliere verzekeraar erkende opticien of tandarts. In dergelijk netwerken zijn de tarieven soms wat redelijker, zijn de vergoedingen hoger en wordt de afrekening direct door de mutuelle of verzekeraar geregeld, het systeem van le tiers payant. Andere medische beroepsgroepen studeren op de mogelijkheid om ook binnen het systeem van de zorgnetwerken te komen. Het gaat hierbij om chirurgen, anesthseisten en verloskundigen in de privé ziekenhuizen. Deze groep van de vrije specialisten, verenigd in Le Bloc, is onderhandelingen hierover begonnen met artsenorganisatie, de Sécu en de aanbieders van de aanvullende verzekeringen. Als de nieuwe beroepsgroepen een contract afsluiten met een mutuelle, zullen zij gehouden zijn de toegestane tariefsoverschrijdingen te plafonneren, zodat de mutuelles de overschrijdingen volledig kunnen blijven vergoeden. Want op dit punt is het een rommeltje geworden in Frankrijk, waarbij de overschrijdingen van de honoraria in sommige gebieden de pan uitrijzen en de mutuelles de verschillen tussen de Sécu-tarieven en de hoge honoraria niet altijd meer integraal vergoeden. Met name in en rond Parijs, in PACA (Provence, Alpes, Côte d'Azur) maar ook al in Rhône-Alpes en de Elzas vragen de specialisten steeds hogere honoraria. De overschrijdingen die Le Bloc voorstelt, zouden zich moeten bewegen tussen de 50 en 150% van het Sécu-tarief.(06.04.11) In 2011 betalen de Fransen meer voor hun gezondheiszorg ![]() De Franse 'mutuelles', de organisaties die voor de aanvullende verzekeringen zorgen, moeten volgend jaar een nieuwe belasting betalen van 3,5% over de ontvangen premies. De overheid zoekt steeds naar nieuwe middelen om de tekorten op het systeem van de Sécurite sociale te dichten. Deze leveraars van de assurance maladie complémentaire die zeggen zorgvuldig met de premies om te gaan en nu worden 'gestraft' door de nieuwe heffing, betalen volgend jaar 9,77% van hun inkomsten aan belastingen. Sinds 2000 bij de invoering van de CMU (couverture maladie universelle), bestemd voor ingezetenen met lage inkomens die elders niet te verzekeren zijn, betalen de mutuelles mee aan de financiering van deze verzekering. In 2004 legde de Staat steeds minder bij uit eigen middelen en gebruikt een deel van de accijns op alcohol en tabak voor het instandhouden van de CMU. De mutuelles zijn inmiddels de belangrijkste financiers geworden en betalen 6,27% van hun premie-inkomsten aan CMU. In feite betalen de verzekerden deze belastingen, want de mutuelles berekenen hun fiscale verplichtingen door aan hun verzekerden. Volgend jaar wordt er iets beknibbeld op de vergoedingen voor medicijnen. De middelen met een matige werking (vignette bleue) worden voor 30% door de Sécu vergoed, dat is nu nog 35%. Het gaat hier om een kwart van de op doktersrecept voorgeschreven geneesmiddelen. In april gingen al 100 producten (oranje vignet) naar een remboursement van 35 naar 15%. Dit zijn middeltjes tegen jeugdpuistjes, constipatie, brandend maagzuur en meer van dergelijk tamelijk overzichtelijk fysiek ongerief. Eerder al werden honderden van deze producten geschrapt van de lijst van te vergoeden medicijnen. De eigen bijdrage van € 18 bij ziekenhuisbehandeling blijft ongewijzigd. De grens waaronder dit forfait moet worden betaald gaat van € 91 naar € 120. Voor elke handeling lager dan € 120 moet de patiënt nu zelf 20% betalen. Mensen die aan een langdurige ziekte lijden, de affections de longue durée (ALD) krijgen volgend jaar met drie nieuwigheden te maken: de vervoerskosten worden niet automatisch meer voor 100% vergoed en afhankelijk gemaakt van de mate van geschiktheid; personen die behandeld worden voor hoge bloeddruk ontvangen geen 100% vergoeding. Het gaat hier alleen om 'nieuwe' patiënten. Aan mensen die aan suikerziekte lijden wordt voortaan maar één bandelette d'autotest glycémie (glucosemeter) per dag vergoed. Meerdere moet men zelf betalen of kunnen worden vergoed door de mutuelle. Ten slotte de huisartsen. Een consult zal € 23 kosten. Het honorarium was sinds juli 2007 € 22. Een consult met kinderen jonger dan 2 maanden kost € 27 en een consult door een patiënt met ALD € 26. Een visite door de huisarts thuis kost € 33. Steeds minder zelfstandige artsen Frankrijk telde begin dit jaar 193.943 artsen met een vaste praktijk. Dait is relatief nog steeds een hoog aantal, maar de Nationale Orde van artsen maakt zich zorgen over de nabije toekomst. Bijna 70% van de artsen is 50 jaar of ouder. Ook de verdeling van het artsenbestand over het land neemt bedenkelijke vormen aan, zoals al enige tijd wordt geconstateerd. In en rond Parijs werken 222 specialisten op 100.000 inwoners, precies het dubbele van het aantal in het departement Picardië. Alle pogingen om artsen zich te laten vestigen in dunbevolkte gebieden, hebben tot vrijwel niets geleid, ondanks de bonus van 20% die de Assurance-maladie beschikbaar heeft voor artsen die zich op het platteland vestigen. Daarom hebben patiënten- en gezinsverenigingen vorige week gepleit voor meer straffe maatregelen, zoals de beperking van de vestiging in overbevolkte gebieden naar het voorbeeld van de zelfstandige infirmières. Artsen blijven zich verzetten tegen een wet geworden maatregel waarbij dokters uit stadscentra op straffe van financiële sancties hand- en spandiensten moeten verrichten aan hun collega's à la campagne. Aan de handhaving van deze regel heeft de inmiddels vertrokken minister Roselyne Bachelot zeer lage prioriteit gegeven. De Orde van artsen meent dat al deze dwingelandij van de overheid ontmoedigend werkt. Men wordt al overstelpt door een opeenhoping van eisen, zoals het papierwerk en de als lastig ervan bemoei- en regelzucht van de ziekenfondsen. Als dat erger wordt, zal de animo om zich als arts te vestigen, verder afnemen. Van de nieuwe inschrijvingen bij de Orde blijkt nu een kleine 9% zich te vestigen als vrije arts. Bij de discipline van de radiologie, altijd beschouwd als de meest lucratieve, kiest slechts 5% van de nieuwkomers voor een zelfstandige uitoefening van het vak. In de regio Parijs heeft de laatste drie jaar geen enkele oogarts zich daar met een eigen praktijk gevestigd. Bij de huisartsen doet zich nog het verschijnsel voor dat de plaatsvervangers - er zijn er nu ruim 10.000 - niet kiezen voor een eigen praktijk. Men geeft er de voorkeur aan om beroepsplaatsvervanger te blijven en verlost te zijn van het beheren van een cabinet. (23.11.10) Doktersbezoek via internet, recept per e-mail In de komende jaren zal het mogelijk worden om via internet de (huis)arts te raadplegen. Doktersrecepten kunnen dan ook per e-mail worden verzonden. Een decreet van de Franse overheid heeft hiertoe de weg vrijgemaakt. De ontwikkeling van deze télémédecine moet het mogelijk maken dat een patiënt op afstand een consult heeft met een arts, de téléconsultation. De téléexpertise is bedoeld om medici onderling online te laten overleggen over het stellen van een diagnose en de télésurveillance biedt de mogelijkheid om op afstand de noodzakelijke patiëntgegevens te raadplegen. Het gebruikmaken van de internetmogelijkheden kan een oplossing betekenen voor de gebieden die slecht zijn voorzien van artsen. Vooral in dunbevolkte regio's is het weinig aantrekkelijk voor jonge artsen om daar een praktijk op te bouwen. Een voordeel kan ook zijn dat patiënten die in een ziekenhuis zijn behandeld spoediger naar huis komen en daar via télésurveillance worden gevolgd. Het heen en weer rijden naar het ziekenhuis of visites thuis zullen daardoor minder vaak noodzakelijk zijn. Het toepassen van het nieuwe medium vereist wel de toestemming van de zieke en de uitwisseling van gegevens kan pas gebeuren na authentificatie van arts en patiënt. Elke medicus die via internet optreedt, zal beschikken over het medisch dossier van de patiënt. Daarin staan de resultaten van het online consult vermeld, de verrichte handelingen en voorgeschreven medicijnen en de identiteit van de medici. De Caisse nationale d’assurance maladie heeft nog geen inzicht in de hoogte van de honoraria van de online spreekuren. Evenmin is nog bekend tot welke hoogte deze kosten door de ziekenfondsen zullen worden vergoed. (02.11.10) Praktijkverpleegkundigen bestaan niet in Frankrijk en assistenten doen geen medische verrichtingen zoals bloeddruk opnemen en vaccinaties. Dat doet de dokter allemaal zelf en hij werkt over het algemeen wat minder protocollair dan zijn Nederlandse collega. Veel Franse artsen spreken alleen Frans en onderscheiden zich daarbij niet negatief van andere universitair geschoolden. Een consult op zaterdagmiddag bij de arts van dienst (médecin de garde) kost € 44,60 en er zijn ook nog flink hogere tarieven voor nachtelijke visites en die tijdens zon- en feestdagen. Het is de gewoonte de huisarts (le médecin généraliste, ook wel médecin de famille of omnipracticien genoemd en vaak in het argot toubib) na een bezoek op het spreekuur contant of per cheque te betalen: € 22 en € 24 voor een onderzoek van een kind van twee tot zes jaar (prijspeil 2008); de verzekering of het ziekenfonds betaalt € 15,40 terug van het gewone honorarium minus de € 1 die iedereen als eigen bijdrage moet betalen bij elk bezoek aan een arts; het restant komt van de aanvullende verzekering. Veel huisartsen gebruiken nu de carte vitale, waardoor de terugbetalingen snel geschieden. Ook zijn er nog dokters met het bordje aan de deur: non conventionné. Deze geneesheer acht zijn bekwaamheden zo hoog dat hij eigen tarieven berekent. Het ziekenfonds vergoedt enkele euro’s daarvan, de rest moet komen van de mutuelle of gedeeltelijk uit eigen portemonnee. Alternatieve geneeswijzen worden niet of nauwelijks vergoed in Frankrijk.
De papieren rompslomp neemt de laatste jaren aanzienlijk af, doordat artsen en apothekers steeds meer gebruikmaken van onlineverbindingen, waarbij de carte vitale een belangrijke rol speelt. Voordeel van het gebruik van de kaart is dat de terugbetaling door ziekenfonds en verzekeraar veel sneller verloopt; men claimt een terugbetaling binnen een week. Bijna alle Franse apothekers werken inmiddels met de kaart, maar lang nog niet alle huisartsen en specialisten. Alle Franse verzekerden bezitten inmiddels zo’n groene kaart, die alleen administratieve gegevens bevat, dus geen medische. Bij wijziging van de gegevens moet de kaart in een van de 6000 bornes vitales worden gestoken om opnieuw te worden geactiveerd. Updaten van de kaart is nodig als de gezinssituatie verandert (trouwen, overlijden), als er veranderingen komen in de rechten bij de aanvullende CMU, bij langdurige ziekten die voor 100% voor vergoeding in aanmerking komen, als er zwangerschapsuitkeringen komen en bij verhuizingen naar een ander district van een CPAM. Gewerkt wordt aan de uitgifte van de tweede generatie van de carte die meer gegevens zal bevatten. Bovendien komen er een pasfoto van de houder op en een chip, dit alles om te trachten fraude met de kaart te voorkomen. Gezondheidszorg op internet Een bezoek aan een specialist kost € 28 tot € 41 aan een psychiater of neuroloog en zelfs € 49 aan een cardioloog. Medische specialisten die het recht hebben om hogere tarieven te noteren (niet vergoed door de Sécu), blijken steeds meer te berekenen. De niet vergoede overschrijdingen zijn tot 15% van de totale honoraria gestegen. De mutuelles vergoeden meestel een derde van de overschrijdingen. Vanaf 1 februari 2009 zullen specialisten in sector 2 (vrij om de tarieven te bepalen) een offerte moeten uitbrengen als een consult duurder wordt dan € 70. Nieuwe eigen bijdragen zijn per 1 januari 2008 ingevoerd en moeten de kosten van het systeem Sécurité sociale verminderen bij de bestrijding van ziekten als kanker en die van Alzheimer en middelen vrijmaken voor de pijn verzachtende zorg en het kankeronderzoek. Jaarlijks zou op deze manier € 850 miljoen worden binnengehaald. Bij de koop van medicijnen en het inroepen van paramedische zorg (fysio, verpleegster thuis) wordt € 0,50 niet meer vergoed. Bij het vervoer van zieken per ambulance of taxi is de eigen bijdrage € 2. Per persoon is een plafond vastgesteld van € 50 per jaar aan eigen bijdragen. Vrijgesteld zijn ingeschrevenen bij de CMU (couverture maladie universelle), zwangere vrouwen en minderjarige kinderen. Jaarlijks kunnen personen ouder dan 70 jaar zich gratis door een huisarts preventief laten onderzoeken. En er is de jaarlijkse anti-griepprik. Het Franse ziekenfonds kent de campagne om gratis anti-griepprikken te verstrekken aan mensen van 65 jaar en ouder. Het vaccin is bij de apotheek verkrijgbaar voor een kleine € 7 en wordt volledig vergoed. Astmapatiënten en personen die jonger zijn en aan een langdurige ziekte lijden, komen in aanmerking voor de vergoeding. Jaarlijks overlijden in Frankrijk ongeveer 2500 personen van 75 jaar en ouder aan de gevolgen van griep. De jaarlijkse inenting in oktober is het enige doelmatige middel om de griep te voorkomen, zegt men. De prik heeft geen effect als men al griep heeft opgelopen. Dan zullen er antivirale medicijnen aan te pas moeten komen. De infirmiers en infirmières mogen voortaan zelf de gratis anti-griepprik geven zonder dat daarvoor nog een recept van de dokter nodig is. Alleen voor de eerste keer is nog wel een recept nodig in deze risicogroep.
Hulp bij bezoek aan Franse dokter De vier PDF-bestanden zijn te printen en kunnen vervolgens worden ingevuld. Reden van uw komst in het Frans Beantwoording medische vragen in het Nederlands Beantwoording medische vragen in het Frans
Links
Deze pagina is laatst gewijzigd op 01-10-2011 om 12:00.
|
Uit de fora: 'Mijn zoontje van negen maanden kreeg 'uit voorzorg' een antibioticakuur voorgeschreven. Uit voorzorg, omdat de arts niet goed in het oor kon kijken, en ja, je weet maar nooit dus antibiotica. Mijn vrouw heeft hem toen gevraagd of dat nou echt nodig was en de arts ging meteen op zijn achterste benen staan. Hij was toch arts, had hij niet al drie kinderen grootgebracht? We waren niet echt overtuigd van zijn 'argumenten' en zijn toen naar een KNO-arts gegaan die wel een diagnose kon stellen en tot de conclusie kwam dat er niets aan de hand was.' ‘Ik heb enige tijd geleden mijn tandarts in NL bezocht. Bij terugkomst in Frankrijk kreeg ik in eerste instantie geen vergoeding door CPAM en mutuelle. Ik had van te voren toestemming moeten vragen voor de behandelingen. Uiteindelijk is men toch tot vergoeding overgegaan. Voor het volgende bezoek heb ik toestemming aangevraagd. De dame van CPAM heeft het uitgezocht en wat blijkt: ik hoef geen toestemming aan te vragen voor een tandartsbezoek in NL. Voorwaarden zijn wel: een gespecificeerde rekening van de tandarts en een ingevuld formulier voor zorg in het buitenland (soins reçus à l'étranger, déclaration). Vergoeding vindt plaats op basis van de franse tarieven voor dezelfde behandeling.’ |