Fransen vinden tuinieren steeds leuker

volkstuin

Steeds meer Fransen vinden het werken in de tuin een leuk tijdverdrijf: je bent met de natuur bezig, het is gezond en het kweken van eigen groente is bovendien kostenbesparend. Tuinieren - le jardinage - is een favoriete hobby geworden voor de 13 miljoen Fransen die in het weekeinde vooral in hun tuin te vinden zijn en op hun rubber laarzen in de weer zijn met zaaien, planten, schoffelen, sproeien en snoeien. De laatste jaren beginnen de Fransen steeds meer het mooie van tuinieren te ontdekken.

Onlangs spoedden 1,5 miljoen gepassioneerden zich tijdens het weekeinde Rendezvous aux jardins naar 2000 voor het publiek opengestelde tuinen, waarvan 400 heel bijzondere. Eenvoudige amateurs en ware experts kijken hun ogen uit en zijn op zoek naar informatie en nieuwigheden. De 13 miljoen verstokte tuiniers besteden jaarlijks € 6 miljard aan spullen en plantgoed, gemiddeld € 235 per jaar per huishouden. De bestedingen in de tuincentra zijn de laatste 25 jaar verdubbeld, terwijl de gemiddelde oppervlakte per tuin in die periode gemiddels is gehalveerd. De Franse tuincentra hebben geen last gehad van de crisis. Integendeel, in 2009 ging de omzet nog met 2,5% omhoog en die van de doe-het-zelf-zaken met 2,2% omlaag.

Enkele verklaringen hiervoor: de winter was vrij streng, veel planten hadden de vorst niet overleefd en moesten worden vervangen. Een andere oorzaak van de omzetgroei is de andere kijk van de Fransen op het bezig zijn in de tuin. De laatste vijf jaar is sprake van een opmerkelijke verandering van de waardering van een tuin in sociaal opzicht. Het hebben van een goed verzorgde, mooie tuin laat zich vergelijken met het hebben van een smaakvol ingericht interieur. Met een tuin toon je bovendien ook dat je begaan bent met de zorg voor het behoud van een goed milieu.

Voor het zoeken van een verklaring voor die opkomende tuinierlust heeft de antropoloog Jean-Didier Urbain, schrijver van het boek Paradis verts, nog verdergaande theorieën. De passie van de Fransen voor tuinen legt een diepe angst bloot voor een wereld zoals die er nu uitziet. De onderzoeker wijst hierbij op 11 september 2001, de natuurrampen, de economische en financiële crisis en nu de komende gevreesde maatregelen op het gebied van de pensioenen. Dat alles bij elkaar levert een gevoel van kwetsbaarheid en onzekerheid op. De eigen tuin wordt een geheime schuilplaats voor de wereldse narigheden en de grillen van de effectenbeurs. Wat je in je tuin doet is nog te begrijpen. Men plant, men sproeit en alles gaat groeien. In een wereld waar het druk, druk, druk is, voelt het goed om de werkelijkheid op je eigen stukje grond te zien en om te leven met de seizoenen, met de regen, met de zon.

De tijd van de afrikaantjes, begonia's en vlijtige liesjes in de traditionele Fransen tuinen lijkt voorbij. Men plant nu citroenboompjes, laurier, bananen. Het gras moet groen zijn.
Het werken biedt niet alleen vreugde voor het oog. Steeds meer wordt de tuin een productieplaats voor groente en fruit. In de Franse tuincentra worden meer dan ooit tevoren veel tomatenplanten gekocht, planten voor courgettes, aubergines, sla en meloenen. De omzet voor de moestuin is vorig jaar met maar liefst 17% gestegen.
Kerstomaatjes en basilicum

Wie het wat handig aanlegt kan op een stuk grond van 200 m² de consumptie aan groente verzekeren voor een gezin met twee kinderen. Zelf een moestuin hebben en onderhouden begint steeds meer Fransen aan te spreken. En wie geen eigen stuk grond heeft, huurt een volkstuin voor € 50 per jaar of gaat kerstomaatjes kweken op zijn balkon. Dat blijkt nu de meest verkochte groenteplant. Zij groeit gemakkelijk, heeft geen onderhoud nodig en kan in drie maanden tijd sappige mini-tomaatjes produceren. En van het kweken van je eigen kruiden beginnen ook steeds meer Fransen de smaak te pakken te krijgen. Favoriet daarbij is basilicum, de koning der kruiden.

Print Print dit artikel

 
 
Het klimaat
In het grootste deel van Frankrijk heerst een gematigd klimaat, hoewel er toch flinke verschillen kunnen optreden. Voor ingewijden: het Franse land bevindt zich volgens de indeling van klimatologen in de zone 6 tot en met 9 (Nederland minder extreem zo tussen 7 en 8). Er zijn in Frankrijk invloeden van de bergen, de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan. Het natst zijn toch wel de berggebieden (climat montagnard), gevolgd door het gebied langs de westkust (climat littoral) waar jaarlijks soms meer dan 1000 mm regen per jaar kan vallen. Dat is 1000 liter per vierkante meter. Droog is het gebied in het zuidoosten van Frankrijk (climat méditerranéen), waar het vooral in het voor- en najaar wil regenen. Het gemiddelde ligt in het grote middengebied waar een climat de plaine heerst.

Naast water is ook het aantal uren zonneschijn van belang voor de tuinier en de tuinder. Hoe meer naar het zuidoosten, hoe warmer. Ten zuiden van Limoges/Clermont-Ferrand is het 's zomers droog en heet: het gazon wordt geel, maar daar wordt niemand bedroefd van. In september is het gras na twee regenbuien weer geheel groen. Het aantal uren zonneschijn is in de Côte d'Azur het grootst: bijna 2800 uren per jaar; de neerslag is 860 mm (het gemiddelde in Nederland is 750 mm per jaar). Ook de Auvergne is een gebied met veel zonneschijn, jaarlijks ruim 2100 uren, terwijl de regenval (730 mm) te vergelijken valt men die van de lage landen. In Les Landes laat de zon zich jaarlijks gedurende 2000 uren zien, maar het regent daar flink: met een gemeten neerslag van een kleine 1400 mm bijna het dubbele van het hemelwater in Nederland. Relatief weinig zon valt te genieten in Bretagne (1800 uren) en het is niettemin een droog gebied: er valt jaarlijks nog geen 700 mm op het Bretonse land.

De klimaten in de verschillende landstreken:

Aquitaine:
De zomers zijn er lang en warm in dit zuidwestelijke kustgedeelte tot aan Spanje. Voor tuinders is de grond geschikt omdat deze relatief vochtig blijft als gevolg van de pittige regenbuien die er kunnen vallen en de hoge grondwaterstand. Na 15 april is de kans op vorst vrijwel nihil.
Bretagne:
Een regelmatige vochthuishouding en zachte winters zorgen voor een goed klimaat waarin ook warmteminnende planten kunnen gedijen. De grond is goed doorlatend. Eind maart kan hier al eenjarig goed worden gezaaid.
Noordwest-Frankrijk:
Dit gebied van Picardie, Nord wordt gekenmerkt door relatief korte en wat natte zomers. Een beetje Nederland met altijd groene grasvelden en begroeiingen die bestand zijn tegen kou en zware gronden. Planten kan ook in het voorjaar en zelfs in de zomer, omdat er toch wel voldoende regen valt.
Normandië:
Een tikje nat en 's winters kunnen de gronden lang nat blijven. Maar in de zomer wil alles best groeien, zeker wanneer als plantperiode wordt gekozen voor de nazomer en het voorjaar. De eenjarigen kunnen pas eind april worden gezaaid.
Noordoost-Frankrijk:
Dit zijn, op de berggebieden na, de streken (Bourgondië, de Elzas) waar de winters erg koud kunnen zijn. Maar in de zomer kan het relatief vrij kort erg warm worden. Pas in april kan het tuinseizoen echt op gang komen.
Ile-de-France:
In dit ruime gebied rond Parijs kan het flink koud worden, maar de gewassen in de stadstuinen hebben daar niet zo veel last van. In de zomer kan het hier tamelijk droog worden. Een goede planttijd voor de vaste planten is het najaar, terwijl de zomerbloeiers beter in het voorjaar een plaatsje in de tuin kunnen krijgen.
Midden-Frankrijk:
Zeeklimaat en landklimaat komen hier zo'n beetje samen met vrij natte en koude winters. In die perioden is het beter niets aan te planten. November is daartoe een goede maand en eenjarige bloemetjes kunnen eind april worden gezaaid.
Loire-gebied:
Een prima gebied voor de tuinder, met zachte winters en lange zomers die toch voldoende water leveren. Na 15 april is hier het vorstgevaar wel geweken.
Zuidwest-Frankrijk:
Onder invloed van het aangename klimaat van Acquitaine zijn de winters hier draaglijk, hoewel vorst altijd kan voorkomen. De zomer zijn heet en droog, dus waterminnende planten doen het niet best. De herfst is een geschikte planttijd, omdat het in die periode weer wat begint te regenen.
Midi:
De favoriete gebieden van de Languedoc en de Provence zijn droog. Alleen in de herfst valt er voldoende water om de aangeplante vaste planten en struiken voldoende te laten wortelen. In het achterland kan begin april worden gezaaid en aan de kust zelfs rond half maart.
Côte d'Azur:
Vooral in de herfst valt hier heel wat water uit de hemel, een goede periode om te planten. In dit deel van Frankrijk kunnen subtropische en meer exotische gewassen tot wasdom komen.
Bergstreken:
In de korte en nooit echt hete zomers moet de tuinder hier aan zijn trekken zien te komen. Na de zomer regent het flink en in de winter is er uiteraard een overvloed aan sneeuw. Aanplanten kan het beste direct na de zomer of pas weer in april.

weerszones

 

De raadgevingen zijn gegeven voor een gemiddeld klimaat (1), wie tuiniert in de kustgebieden (2 en 3) kan ongeveer 14 dagen eerder beginnen in het voorjaar en wat langer doorwerken in de herfst. In de bergachtige gebieden (4) is het precies andersom.

 

 

Print Print dit artikel

 

Een fris groene tuin, zonder zorgen ... 

Vooral In de zomer is het een hele klus om met tuinslang en sproeiers alle planten, bomen en perken snel, gemakkelijk en regelmatig water te geven. Beregening via een installatie kan dan uitkomst bieden als het weken achtereen droog blijft. Wie aan kunstmatige tuinberegening wil beginnen, moet rekening houden met de volgende elementen: waterdruk, debiet, drukverlies, diameter van de leidingen, keuze van de sproeiers, afstand van de sproeiers.

Er zijn gespecialiseerde bedrijven die een beregeningspatroon voor elke verzameling van flora bepalen en rekening houden met externe factoren zoals bodemsamenstelling, wind en schaduwpercentage. Op basis van deze gegevens is via de computer een uitgekiend plan te maken. Uiteraard is het eenvoudiger om tuinberegening te installeren wanneer de tuin nog moet worden aangelegd. Maar zeker ook in bestaande tuinen kan met behulp van speciale machines (sleuvenfrees, graszodensnijder) met niet al te veel overlast het volledige systeem in de grond geplaatst worden. 

Nevelaars worden aanbevolen voor kleine gazons, bloembedden of struiken. Pop-up nevelaars worden gelijk met het grondoppervlak geïnstalleerd. De waterdruk zorgt ervoor dat het mondstuk uit de grond komt en weer verdwijnt zodra het sproeien voltooid is. Instelbare hoek van 0 tot 360°. Het is zelfs mogelijk kleine vierkanten en rechthoekige oppervlaktes met één pop-up sproeier te beregenen. Turbinesproeiers worden aanbevolen voor kleine en middelgrote oppervlakten. Deze nieuwe generatie pop-up sproeier verdeelt het water gelijkmatig over de gehele werpwijdte, dit lijkt op een draaiend regengordijn van grote druppels. De werking is geluidsarm en de sproeier wordt d.m.v. water gesmeerd.  

Druppelbevloeiing wordt toegepast bij heggen, bomen, bodembedekkers, struiken en specifieke plantvakken. Op vaste afstanden zijn er kleine gaatjes waaruit het water traag druppelt. Het voordeel van deze manier van beregenen is dat het water direct bij de wortelzones komt. De nieuwe generatie druppeldarmen zijn zodanig ontworpen dat de bewatering over de volledige lengte dezelfde is ( tot 200 meter).
Bomen en planten worden groter en kunnen na verloop van tijd het sproeibereik van bepaalde sproeiers negatief beïnvloeden. Met speciale extensies wordt dit opgelost. De extensies zijn telescopisch en kunnen gelijkmatig met de beplanting meegroeien.

Belastingvoordeel bij aanleg opvanginstallatie regenwater
Wie een opvanginstallatie laat maken bij zijn huis (oud of nieuw) kan 25% van de kosten als crédit d'impôt terugkrijgen van de belastingdienst. Het gaat voorlopig om een periode van 1 januari 2007 tot 1 januari 2010. Een alleenwonende kan over maximaal € 8000 aan kosten een belastingteruggaaf krijgen, echtparen kunnen voor € 16.000 besteden

 


De installatie kan geautomatiseerd worden met een beregeningscomputer zodat er op een effectieve manier gesproeid kan worden én op een tijdstip dat het beste uitkomt (bijvoorbeeld 's nachts). Zelfs wanneer men in de tuin geen elektriciteitskabels in de grond wil of kwijt kan, kan de gehele tuinberegening geautomatiseerd worden. Met behulp van apparatuur op batterijen, is het mogelijk de beregeningsinstallatie te sturen. Een regensensor (eventueel. draadloos) zorgt ervoor dat bij regenweer de tuinberegening niet start.


Verplichting tot onderhoud van de tuin i.v.m. brandgevaar
Wie dichter dan 200 meter bij een bos woont heeft de verplichting om zijn terrein vrij van onkruid te houden, de obligation de débroussaillage. Rondom het huis moet een gebied van ten minste 50 meter worden vrijgehouden, eventueel door de burgmeester uit te breiden tot 100 meter. Het kan zelfs 200 meter in meer verstedelijkte gebieden en als je aan de rand van een bos woont.


 

Print Print dit artikel

 
De bodem
De grondsoorten die in Nederland voorkomen zijn ook te vinden in Frankrijk, maar voor het overgrote deel is het anders en vaak lastiger om een (moes)tuin te beginnen. Aan de beplanting bij de buren en verder in de regio kan men zien wat wil gedijen: op rotsachtige grond is de teellaag dun en vaak niet geschikt om er een weelderige tuin van te maken. Gras, bodembedekkers en struikachtigen in potten zijn dan vaak de 'oplossing'. Ook is er veel kleiachtige, kalkrijke grond. Druiven willen daar graag groeien. Deze grond is lastig te bewerken: bij regen modderig en plakkerig en in de zomer als beton. Kleine stukken tuin (borders en de moestuin) kunnen in goede conditie komen door er veel humus aan toe te voegen (zelf gemaakte compost) en gebruik te maken van een bodembedekking. Gemaaid gras, stro e.d. houden het water vast en voorkomen het woekeren van onkruid. De zware grond ook regelmatig bewerken via schoffelen of werken met de freesmachine betekent het verkrijgen van een kruimelige, goed bewerkbare grond.

Print Print dit artikel

 
Meststoffen
In Frankrijk leveren de tuincentra ook de bekende (kunst)meststoffen, les engrais. De bekende stoffen als stikstof, kalium en fosfor. Hieronder een toelichting op de Franse termen.
De internationaal gehanteerde afkorting kennen ze in Frankrijk ook: NPK. De N staat voor de oude benaming van stikstof nitrogène, 'azote' in het dagelijks spraakgebruik, de P voor phosphor en de K voor de bij de Fransen niet gebruikte term van kalium, potasse genoemd. De algemene kunstmest NPK is een samenstelling van deze drie belangrijkste voedingselementen. Op de verpakking ziet men dan bijvoorbeed NPK 12-10-18. Dit betekent dat de stof 12% azote bevat, 10% fosfor en 18% kali.
Azote bevordert de groei van de bladeren van de plant, vooral gras profiteert duidelijk van een gift met veel stikstof. Phosphor is goed voor de ontwikkeling van bloemen en zaden en zorgt voor een stevige plant. Potasse is nodig voor de wortelontwikkeling en de vruchten. Te weinig kali is te zien aan het geel worden van bijvoorbeeld bladuiteinden.

Wanneer bemesten, kunstmest, gewone mest (fumier) of compost (zelf te maken)?
Bloeiende struiken: Als tweemaal per jaar (maart en
oktober) een flinke hoeveelheid compost aan de voet van de planten wordt gebracht, is verdere bemesting niet nodig. Als toch kunstmest wordt verlangd, verspreid het dan tussen maart en het begin van de zomer. Heide heeft nooit mest nodig en planten in erg kalkrijke grond willen wat turf om hun voeten. Rozen willen graag producten die rijk zijn aan spore-elementen, magnesium en ijzer.
Mesten in potten. Er is vaak te weinig grond aanwezig, dus de potplanten hebben van april tot oktober
kunstmest nodig. Er zijn vloeibare meststoffen beschikbaar die opgelost worden in water. Bloemperken. Kunstmest is niet echt nodig, wel is compost nuttig. Belangrijk is ook om bloemen te planten of te zaaien die geschikt zijn voor de grond ter plaatse. Als kunstmest wordt verlangd, verspreid het dan vanaf april en daarna nog een keer per maand tot aan de bloei. Een algemeen product is goed.
Moestuin. Niet echt nodig, maar bij arme grond of intensieve teelt is bijmesting noodzakelijk. De Fransen
gebruiken voor Or Brun, een product op basis van natuurlijke mest en gecomposteerde algen. Duur spul, maar wel goed. Groenten die te veel kunstmest hebben gehad kunnen gevoelig worden voor parasieten (schimmels en insecten).

Print Print dit artikel

 
Bestrijdingsmiddelen
De Franse wetgeving is op het gebied van de toelating van gewasbeschermingsmiddelen, 'bestrijdingsmiddelen' wat soepeler dan de Nederlandse. Sommige producten die in Nederland al geruim tijd zijn verboden, mogen in Frankrijk nog worden toegepast. Voor de tuinders en tuiniers, het onderscheid is subtiel, zijn er toch ook in de Franse tuincentra producten te koop die vrij milieuvriendelijk zijn. Hieronder de meest gebruikte middelen:

bouillie bordelaise (Bordeause pap), een mengsel van kalk en kopersulfaat, een algemeen gebruikt middel ter voorkomen van schimmels, zoals meeldauw, op de aardappelplanten en fruitbomen.
zwavel (soufre), ook dit product is in poedervorm verkrijgbaar en moet in water opgelost worden gespoten op fruitbomen, komkommerachtigen (courgettes b.v.) en wijnstruiken. Zwavel moet het 'wit' voorkomen (l 'oïdium) en bij appelbomen de tavelure, een veel voorkomende vlekkenziekte. Vaak wordt bouillie bordelaise en zwavel gemengd gebruikt.
roténone, een natuurlijk insectenbestrijdingsmiddel, in poedervorm en vloeibaar verkrijgbaar. Het middel wordt toegepast bij de bestrijding van bladluis, rupsen en andere klein spul. Wel even oppassen bij het spuiten dat de lieveheersbeestjes (coccinelles) en de rode wandluis (punaises) niet worden omgebracht.
pyréthrine, ook dit product is een aftreksel van een tripische plant en is ook een middel tegen de meest voorkomende schadelijke insecten.
bacillus thuringiensis, dit poeder bevat sporen en eiwitkristallen van de bacterie bacillus thuringiensis en bestrijdt de verschillende soorten rupsen die het op koolplanten (broccolis, spruiten, bloemkool enz.) hebben voorzien. Ook is het selectieve product nuttig om rupsen en vlinders weg te houden bij met name selderij, boerenkool, sla, aardappelen, spinazie en tomaten. Producten die kort tevoren zijn behandeld moeten na de oogst wel even worden gewassen.
trichoderma, deze sporen van de paddestoel trichoderma viridae zijn goed om parasieten te elimineren bij fruitbomen en druiven en zouden ook de loodglans (la cloque) bij perzikbomen kunnen voorkomen. Het middel wordt vooral gebruikt als afdekmiddel bij snoeiwonden (poeder).

 
Biologisch 'spitten'

grelinetteIn Frankrijk zie je in de grotere tuincentra dit tuingereedschap, de grelinette (want uitgevonden door Jean Grelin) te koop. Biologisch tuinders gebruiken dit spitwerktuig bij voorkeur omdat vast geworden tuingrond kan worden losgemaakt, zonder het leven in de ondergrond letterlijk en figuurlijk op de kop te zetten. Men werkt met twee lange stelen en een stuk ijzer met 3 tot 5 tanden. Door de lengte van de stelen maakt de hefboomwerking het karwei alleszins te doen.

Print Print dit artikel

 
Tuincentra
Elders op deze website wordt een aantal keren gemeld dat het onzin is om met een aanhangwagentje bouwmaterialen uit Nederland naar Frankrijk te slepen. De spullen zijn in Frankrijk van eenzelfde kwaliteit en prijs. Bovendien voorkomt men bij het kopen van Frans materiaal problemen met koppelingen en mogelijke keuringen. Dit alles geldt niet voor plantmateriaal. Er zijn grote tuincentra rond de steden die wat lijken op de Nederlandse tuincentra. Maar de verschillen blijven groot. Het assortiment is aanzienlijk beperkter en de prijzen liggen veel hoger. Dus het loont wel de moeite om bij een bezoek aan Nederland plantjes te kopen. Met bomen en struiken wordt het wegens het volume wat lastiger. Deze kunnen ook best in Frankrijk worden gekocht bij de pépinerie, wiens spullen uiteraard geheel zijn aangepast aan de plaatselijke omstandigheden. In het grote Frankrijk kopen veel mensen ook planten en zaden via de post. Gemakkelijk en ruimere keus vaak dan in de centra, maar duur en niet altijd van een geweldige kwaliteit.

Speciale tuinzaden
In de talrijke tuincentra en de grandes surfaces zijn voldoende tuinzaden (bloemen, groenten) te koop. Voor speciale zaden moet je toch naar de specialisten. Hieronder enkele websites van deze leveranciers.
Engelse bloemenzaden: http://seeds.thompson-morgan.com
Tropische zaden (bomen, struiken) uit La Réunion: www.barbadine.com
Exotische zaden uit La Réunion: www.baobabs.com
Zaden van bomen en struiken uit de hele wereld: www.semencesdupuy.com
Bio-dynamische zaden: www.biaugerme.com
Zaden van oude tuinrassen: www.magellan-bio.fr, www.semaille.com, www.fabre-graines.com en
www.fermedesianatemarthe.com.
Zaden van wilde bloemen: www.chez.com/sauveterre

Print Print dit artikel

Deze pagina is laatst gewijzigd op 12-06-2010 om 19:25.


het weer in Frankrijk
het weer in Frankrijk
02 sep 2010