Wat de Fransen denken, doen en geloven

 

Afschaffing van de doodstraf: 56% is vóór, 39% is tegen afschaffing; 5% weet het niet.
Franse vrouwen steeds vruchtbaarder. In 2008 zijn in Frankrijk 1,2% meer geboorten geregistreerd, waarmee de 'l'exception française' weer wordt bevestigd: de hoge vruchtbaarheid met 2,07 kind per Franse vrouw. Meer dan de helft (52%) van de kinderen komt buiten een huwelijk ter wereld, 10% meer dan in 1998. Ruim 20% van de nieuwe Franse kindertjes heeft een moeder die 35 jaar of ouders is. Dat was 16,3% in 1998.
Invoering van het homohuwelijk: 61% is vóór, 39% is tegen.
Adoptie door homoparen: 51% is voorstander.
Algemeen rookverbod in openbare ruimten: 80% is vóór, 20% is tegen.
Toelaten van cannabisproducten: 39% is vóór, 40% is tegen en 21% wil een soepeler beleid.
Langzamer gaan rijden nu er overal flitspalen staan: 50% zegt ja, 19% zegt nee en 31% remt af bij de nadering van een radarinstallatie.
Tevredenheid over seksleven: 95% van de mannen zegt ja, 78% van de vrouwen zegt ja.
Waarover maakt de Fransman zich het meest druk: werkloosheid 76%, kanker (42%), pensioen (39%), behoud koopkracht (36%), vervuiling (34%) en onveiligheid (27%).
Immigratie: 46% meent dat het goed is voor het land, 39% beschouwt het als een handicap, 6% meent dat er niets verandert en 9% weet het niet.
Pensioneringsdatum: 65% is niet van plan langer door te werken, 20% wil in deeltijd langer doorwerken en 15% wil voltijds langer doorgaan met werken.
Op welke leeftijd wil de Fransman stoppen met werken: 38% met 55 jaar, 38% tussen 56 en 60 jaar, 20% tussen 61 en 65 jaar, 4% nog langer.

Het katholieke geloof blijft de belangrijkste religie in Frankrijk, maar de afkalving van de kudde gaat sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw gestadig voort. Andere godsdiensten hebben veel minder of niet te lijden van de daling van het gepraktizeerde geloof. 64% van de Fransen verklaart katholiek te zijn. In 1952 was dat nog 81%. Jongeren doen weinig meer aan regelmatige kerkgang. Slechts 23% van de mensen onder de 35 jaar herkent zich nog als katholiek.
Meer biologische producten kopen: ja zegt 61% als de prijzen daarvan dalen, 24% zegt nee en 15% zegt ja.
De favoriete tv-programma's: 43,5% kijkt het vaakst naar series, 21,1% kijkt vooral naar films, 17,6% naar variété, 17,4% naar reality tv en 0,4% naar informatieve programma's over de samenleving. Dagelijks kijkt men 3 uur en 25 minuten.
Fransen lezen weinig: drie van de tien Fransen lezen nooit een boek. En een derde van de mensen die wel lezen, komt niet verder dan vijf boeken per jaar.
Fransen koesteren scheiding kerk en staat:  de Fransen zijn in meerderheid (71%) voorstander van een strikte scheiding van kerk en staat, de zogenoemde laicité. Maar tot de belangrijkste grondrechten rekenen zij op de eerste plaats het algemeen kiesrecht (41%),

gevolgd door de laicité (30%), vakbondsvrijheid (12%), vrijheid van vereniging (9%) en de vrije vorming van politieke partijen (8%).
Levensbeëindiging. 86.3% van de Fransen is voorstander van euthanasie als een ongeneeslijk zieke daar om vraagt.
Jonge Fransen zijn het meest aan de cannabis. De Franse jeugd is Europees kampioen in het gebruik van de verdovende hennepproducten. Op 17-jarige leeftijd heeft één op de twee jongens of meisjes het product geprobeerd.
Fransen gaan weer meer roken
In 2010 is het aantal rokers in Frankrijk gestegen van 26,9 naar 28,7% van de bevolking van 15 tot 75 jaar. Het zijn vooral de vrouwen op middelbare leeftijd die flink meer zijn gaan paffen, ondanks de niet onaanzienlijke prijsverhoging.
In Frankrijk zegt 31% van de homo's en biseksuelen dat zij het slachtoffer zijn van beledigingen en 14% meldt geleden te hebben onder fysiek geweld. De percentages voor personen met een andere huidskleur zijn respectievelijk 25 en 7.



Belangrijkste zorgpunt voor de Fransen: werk

werk2Het hebben en behouden van een baan blijft voor één op de twee Fransen het belangrijkste zorgpunt. Bij een landelijk onderzoek van de krant La Croix 'scoort' werkgelegenheid met 49% het hoogste bij de onderwerpen die de bevolking zorgen baren. Direct daarna volgen de prijsstijgingen met 48%, geweld en veiligheid met 45%, de sociale ongelijkheden met 39% en het algemene levenspeil met 34%. Met percentages van 27 tot 7 werden verder nog genoemd kwesties als milieu, sociale zekerheid, de honger in de wereld, racisme en, op afstand, drugs, oorlogsdreiging, corrupte en aids. De zorg om de werkgelegenheid is het grootst bij mannen; vrouwen noemen geweld als eerste nationaal probleem, direct gevolg door de prijsstijgingen. Studenten (63%) en arbeiders (60%) zijn het meest bezorgd om het krijgen en behouden van een baan. Verder is uit de enquête gebleken dat mannen het over het algemeen naar hun zin hebben op het werk (61% tegen 54% bij de vrouwen.) De periode waarin de Fransen zeggen het meest gelukkig te zijn op het werk is voor 77% die van 30 tot 39 jaar. Jongeren melden minder gelukkig te zijn, maar worden hierbij overtroffen door de werkers van 50 jaar, 44% vindt het werk nog bevredigend.
(18.11.11)



Fransen zijn wel tevreden over hun leventje

familie

Zelfs de Fransen zijn licht verbaasd over de uitkomsten van een grootscheeps onderzoek door de Insee (de Franse CBS) naar de tevredenheid over het levensniveau: het rapportcijfer 7,3 is uitgereikt. Een mooi cijfer, tegen de algemene opvattingen in, noteert de Insee, dat aan de Franse bevolking vragen heeft voorgelegd over zaken als gebreken aan de woning, zorgen bij het doen van de daagse boodschappen, problemen op het werk, contacten met vrienden, de sportbeoefening.

Hoewel de antwoorden zeer uiteen kunnen lopen als gevolg van toevallige en persoonlijke omstandigheden (echtscheiding, overlijden, geboorte enz.) blijkt toch de uitdrukking 'geld maakt niet gelukkig' geen opgeld te doen in Frankrijk. De uitdrukking luidt daar overigens 'geld maakt gelukkig'- 'l'argent fait le bonheur'. Het is niet verrassend dat de tevredenheid over de kwaliteit van ht leven groter is bij mensen die in materieel gunstige omstandigheden verkeren. De 10% van de Fransen die de meest bescheiden inkomens genieten, geven een gemiddeld rapportcijfer van 6, terwijl de 10% meest rijken aan hun leven het cijfer 7,8 toekennen.

Bij de jeugd is de tevredenheid hoog over het leven, rond het veertigste jaar is de voldoening op zijn laagst om daarna weer te stijgen tot ongeveer het 70e levensjaar. Naast geld spelen kwesties als gezondheid en moeilijkheden in het werk een bepalende rol bij het oordelen over de levenskwaliteit. Het verlies van een baan weegt zwaar in de beoordeling van het sociale welbevinden, meer nog dan het daaraan verbonden inkomensverlies.

Uit een ander onderzoek blijkt dat driekwart (75%) van de Franse werknemers gelukkig is op het werk en goed kan opschieten met de collega's. In september 2010 was dat percentage nog 69, volgens de jaarlijkse barometer over geluk op het werk. Hoewel het arbeidsplezier is toegenomen, verklaart de helft van de werknemers dat de werkdruk is verhoogd, terwijl het salaris gelijk is gebleven. Bijna zes van de tien werkers hebben hun inkomen niet zien groeien of zelfs zien dalen door het uitblijven of verminderen van premies en winstdelingsregelingen. Over de politiek rond de werkgelegenheid zijn de ondervraagden zeer ontevreden. 78% meent dat het beleid bij de crisis tekort schiet. Voor 40% van de werknemers zou François Hollande de beste kandidaat zijn om een doelmatige politiek tegen de werkloosheid te voeren, gevolgd door Martine Aubry (35%) en Nicolas Sarkozy (17%.) Maar tweederde van de Franse werknemers koestert vertrouwen in rechts noch in links om de werkloosheid te laten dalen.

In een kwart eeuw is de levensverwachting van de Franse bevolking blijven toenemen: voor vrouwen met 4,4 jaar en voor mannen met 5 jaar. De verschillen tussen de verschillende sociale lagen blijven hierbij groot. Een vrouw van 35 jaar met een hoge opleiding en een mooie baan kan verwachten nog 52 jaar te leven. Bij een vrouw uit de arbeidersklasse is dat 49 jaar. Bij de mannen van 35 jaar zijn de cijfers respectievelijk 47 en 41 jaar. Ouvriers lopen meer kans op ongelukken en werken gemiddeld onder minder gezonde omstandigheden. Ook de levenswijze speelt hierbij een rol. Hoger opgeleiden letten over het algemeen beter op hun gezondheid, zwaarlijvigheid komt in die kringen wat minder voor.


 


Primeur voor Frankrijk: homostel mag ouders zijn

homo oudersEen rechter in Bayonne heeft beslist in het belang van de kinderen: twee vrouwen die geregistreerde partners zijn (pacsés) mogen gezamenlijk de ouders zijn van de tweeling van één van de twee. Het is de eerste keer in Frankrijk dat het homo-ouderschap zonder speciale voorwaarden is erkend. De twee vrouwen sloten in 2009 een Pacs af en eisten bij de familierechter het gedeelde ouderschap op van de twee meisjes die sinds hun geboorte door de twee zijn opgevoed. De rechter overwoog in zijn oordeel dat er tal van getuigenissen bestaan waarin het koppel bekend staat als een duurzaam stel, waarvan vaststaat dat zij beschikken over educatieve en affectieve kwaliteiten jegens de kinderen. Daarom meende de rechter dat het in het belang van de kinderen is dat zij verder binnen het huishouden de twee ouders blijven houden. De juridische erkenning kan nog worden tegengehouden door een beroep van het openbaar ministerie, maar deze heeft bij de behandeling van de zaak geen verzet aangetekend. Het parket heeft een maand de tijd op appèl aan te tekenen. Volgens het Franse burgerlijke recht bestaat de mogelijkheid dat het ouderlijk gezag door een derde wordt uitgeoefend als er sprake is van bijzondere omstandigheden. In juli werd een verzoek tot het gedeelde ouderschap in een vergelijkbare situatie afgewezen, omdat het Hof van Cassatie meende dat zich geen bijzondere omstandigheden voordeden. Door de uitspraak van de rechter in Bayonne is dit beletsel nu weggenomen en is de homoparentalité nu in Frankrijk wettelijk erkend. Het homohuwelijk daarentegen is, ondanks een ruime instemming daarvoor bij de Franse bevolking, nog niet erkend.
(04.11.11)

 


De Franse voornamen, weer korter

Jaarlijks verschijnt een lijst van de tien meest gekozen voornamen voor pasgeborenen. Ook in 2009 was de trend zichtbaar dat de namen korter worden en minder samenstellingen bevatten.

 

 Meisjes


1. Emma

2. Léa

3. Manon

4. Chloé

5. Camille

6. Zoé

7. Lola

8. Louise

9. Océane

10. Lilou

Jongens

1. Nathan

2. Lucas

3. Enzo

4. Jules

5. Hugo

6. Noah

7. Arthur

8. Mathis

9. Maxime

10. Léo


Sociale 'dienstplicht' begint misschien te komen

SCVJongeren van 16 tot 25 jaar kunnen zich aanmelden voor de sociale 'dienstplicht' en zullen daarbij voor een periode van 6 tot 24 maanden een vergoeding ontvangen. Het uitdelen van warme soep aan daklozen bijvoorbeeld, voor ontspanning zorgen in een bejaardentehuis, voorlichting geven in moeilijke wijken om toch vooral het huishoudelijk afval te scheiden, werk doen voor instellingen in ontwikkelingslanden enz. Al dit soort taken kan nu worden gedaan sinds de acceptatie door Senaat en Assemblée van de wet die de Service Civiq in het leven heeft geroepen. De nieuwe dienst komt in de plaats van de weinig succesvol gebleken Service civil volontaire als 'opvolger' van de afgeschafte militaire dienstplicht. De SCV zal, anders dan president Sarkozy had gewild, geen verplicht karakter dragen. De nieuwe formule moet het jongeren mogelijk maken om zich in te zetten voor het algemeen belang bij een vereniging, een niet gouvernementele organisatie, een stichting, een lokale overheid, een ambassade of een overheidsdienst. Het is niet de bedoeling dat de vrijwilligers als extra mankracht worden beschouwd in een onderneming. Voor dit jaar heeft de overheid € 40 miljoen uitgetrokken voor de eerste kandidaten die voor de komende zomer zich zullen aanmelden. De overheid hoopt dat er zich dit jaar 10.000 jongeren in het avontuur willen storten. Over vijf jaar zouden dat er 75.000 moeten zijn. Dan zou jaarlijks € 500 miljoen nodig zijn om de vrijwilligers in te zetten en te belonen: van € 540 tot € 640 per maand, inclusief de sociale verzekeringen, waarvan de premies door de overheid worden betaald. De gewerkte perioden worden meegeteld bij de opbouw van het pensioen.
(10.02.10)


Partijleider UMP bepleit invoering sociale dienstplicht
 
CopeDe eerste man van regeringspartij UMP, Jean-François Copé, steun en toeverlaat van president Sarkozy, stelt voor om een verplichte sociale dienstplicht in te stellen voor alle jongeren tussen 18 en 25 jaar. In zijn verkiezingscampagne van 2007 kwam Sarkozy al met het voorstel op de proppen. Frankrijk kent al een vrijwillige burgerdienst voor jongeren. Het doel van de verplichte dienstverlening is dat elke jongere zich verdienstelijk maakt voor anderen en voor het land. De dienst zou uit twee onderdelen bestaan: twee weken van sociale opvoeding gewijd aan de ontwikkeling van burgerschapszin, waarbij de jonge deelnemers zijn eigen persoonlijke project kan definiëren. Daarna volgt de dienstverlening zelf via uitzendingen naar overheidsinstellingen. De beloning zal € 350 per maand bedragen, neerkomende op een totale uitgavenpost tussen € 1,8 en € 2 miljard waarbij nog geen rekening is gehouden met de huisvestingskosten. De bestaande vrijwillige sociale dienstplicht kent slechts 10.000 deelnemers per jaar op een theoretisch beschikbare groep van 800.000 personen. 'Dat is te weinig', meent Copé die ook de wettelijke leeftijd om in verenigingsverband verantwoordelijkheid te dragen, wil verlagen naar 16 jaar. Die bevoegdheid geldt nu alleen voor volwassenen.
(19.05.11)

 

 


Accidents de la vie courante: 20.000 doden

accidentJaarlijks komen in Frankrijk circa 20.000 mensen om het leven bij ongelukken in en bij huis. Dat is vijf keer zo veel als in het Franse verkeer. De ongelukken in en rond het huis veroorzaken een grote drukte bij de eerstehulpdiensten die jaarlijks vijf miljoen maal moeten optreden om gewonden te verzorgen. Per jaar gebeuren er 10 tot 12 miljoen ongelukken die leiden tot ongeveer 400.000 ziekenhuisopnames. De verzekeraars Macif, Maif en Maaf, de zogenaamde mutuelles, hebben die huis-, tuin- en keukenongelukken laten onderzoeken. Zo is gebleken dat één op de vijf ongelukken gebeurt vlak vóór het weekeinde en dat er in de kleine plaatsen twee keer zoveel ongelukken zijn als het gemiddelde. Aan het einde van de week lijkt er minder oplettendheid te bestaan. In dorpen zijn de woningen vaak niet geschikt voor oudere mensen. Tien procent van het arbeidsverzuim valt toe te schrijven aan ongelukken in het dagelijks leven bij huis. Het scala aan ongelukken varieert van valpartijen tot ongelukken in de tuin, van verdrinkingsgevallen tot sportongelukken en brand. Mannen zijn in de meerderheid bij het brokken maken in en rond het huis (60%) en worden daarbij getroffen als zij aan het doe-het-zelven zijn, werken in de tuin met gevaarlijk gereedschap of sport beoefenen. Vooral de ongelukken bij de bricolage maken ziekenhuisopname nodig. In de woningen zelf worden mannen en vrouwen gelijkelijk getroffen door valpartijen, het zich snijden en het oplopen van elektrische schokken. Het aantal kinderen dat slachtoffer wordt van de huiselijk ongelukken daalt iets, maar toch zijn jaarlijks 230 doden te betreuren bij kinderen tot 15 jaar (elektriciteit, het binnen krijgen van schoonmaakmiddelen e.d.) Volgens de onderzoekers is door verzwaring van de normen de veiligheid in en rond het huis verbeterd, maar valt er nog veel te regelen. Een voorbeeld daarvan is de introductie van de rookmelders. Pas in 2015 moeten alle Franse woningen zijn voorzien van zo'n détecteur automatique de fumée. In Noorwegen bestaat die verplichting al sinds 1978 en zijn vrijwel alle huizen met de melder uitgerust. Die percentages zijn 89 voor Engeland en 88 voor Zweden. In die landen valt een daling van het aantal doden door brand met 50% te constateren. In Frankrijk komen jaarlijk 500 mensen om bij brand in huis.
(31.03.11)

 


Slapen, eten en ouder worden, dat doen de Fransen graag

555

De Fransen slapen meer (8,5 uur gemiddeld per nacht) en tafelen meer (2 uur per dag) dan welke andere bevolking ook van de 34 landen van de OESO, Organisatie van Economische Samenwerking en Ontwikkeling. Hoewel de Fransen vaak en langdurig aan tafel zitten - twee keer zo lang als de Amerikanen en Canadezen - besteden zij veel minder tijd aan het koken: 48 minuten per dag, iets onder het gemiddelde van de OESO-landen.


De studie bevestigt de klassering eind vorig jaar van de Unesco, die de gastronomische maaltijd van de Fransen uitriep tot het immateriële werelderfgoed van de menselijkheid. Het ging bij die beoordeling vooral om het tafelen zelf en de convivialité daarbij, niet zozeer om de smakelijkheid van de boudin, andouilettes en de tripes.
Winkelen
vinden de Fransen ook erg leuk, zij besteden er gemiddeld ruim een half uur per dag aan, iets meer dan de Duitsers en de Canadezen, maar het dubbele van de tijd die de Zuid-Koreanen en Turken aan shopping besteden, een klein kwartier. Mexicanen, zo wijst de landenstudie verder uit, werken het langst per dag. Betaald of onbetaald zijn zij 10 uur per dag in de weer met werken, huishouding en eten bereiden. De Belgen vinden 7 uur per dag wel voldoende. Het gemiddelde in de onderzochte landen is 8 uur. De index van de fraternité, één van de eigenschappen van het nationale devies naast liberté en égalité, is niet zo hoog in Frankrijk en scoort lager dan het gemiddelde. 31% van de Fransen maakt tijd vrij om vrijwilligerswerk te doen, geeft geld voor goede doelen of helpt andere mensen. Het OESO-gemiddelde is hier 39%.

En zo zijn er nog tal van andere, recente onderzoeken over het wel en wee van de Fransen. Een greep uit de enquêtes van de laatste weken.

Ook de Fransen worden steeds ouder
De helft van het aantal kinderen die in 2007 zijn geboren, zou een leeftijd van 104 jaar kunnen bereiken. Terwijl men aan het einde van de 19e eeuw gemiddeld nog geen 60 jaar oud werd, kunnen de Fransen nu rekenen op een leven dat langer dan 100 jaar kan duren. Jaarlijks neemt de espérance de vie toe, ook in Frankrijk met zijn zon, rode wijn, knoflook en olijfolie. Het aantal honderdjarigen is nu 16.000. In 2060 zouden dat er al 200.000 kunnen zijn, volgens het Franse statistiekenbureau Insee. Wie nu 50 jaar oud is, heeft een kans van één op tien om een centenaire te worden, mits je een vrouw bent. Het is nog niet duidelijke waarom in dit opzicht de verschillen tussen de seksen in Frankrijk vrij groot zijn. Mannen hebben een kans van 1 op 28 om de honderdjarige leeftijd te bereiken.


Liever naar buiten
65% van stadsbewoners dromen van een huis à la campagne. Zes op de tien Fransen wonen in de stad. Over het algemeen blijken mannen het meest te verlangen naar een huis buiten de stad. Zij zijn meestal afkomstig uit de sociale klasse van de lagere beroepen of uit de kring van milieubewusten. Parijzenaars verkiezen echter hun stad boven het buitenleven: het percentage dat de drukte vaarwel wenst te zeggen is in de hoofdstad laag met 37.

Fransen gaan minder op vakantie
De gevolgen van de achter ons liggende economische crisis laten zich nog zien in de Franse vakantieplannen. 66% van de Fransen is van plan er dit jaar weer op uit te trekken. Dat was was vorig jaar 72%. Drie miljoen Fransen die vorig jaar op vakantie gingen, zeggen er dit jaar van af te zullen zien. Volgens een onderzoek zijn de verschillen tussen de bevolkingsgroepen groot. Hoger opgeleiden en bewoners van Ile de France (Parijs en omgeving) gaan vaker op vakantie dan gepensioneerden of plattelandsbewoners. Wie het zich kan veroorloven om van een vakantie te genieten, zal wat minder besteden, ruim 7% en komt dan op een gemiddelde besteding per jaar van € 2079. Ook de duur van de vakantie neemt af: van 23 dagen vorig jaar tot vermoedelijk 18 dagen dit jaar. 52% van de Fransen blijft in eigen land, 23% kiest voor het buitenland en 25% maakt een combinatie.

Print Print dit artikel

 
Vooroordelen


Er bestaan vooroordelen over de Fransen. We zullen er enkele behandelen.


De Fransen gedragen zich slecht in het verkeer

Klopt over het algemeen. Met name op het platteland wordt te hard gereden (en ook zeer gevaarlijk: te langzaam), het veranderen van rijrichting wordt vrijwel niet aangegeven, binnenbochten worden 'overgeslagen'. Maar voetgangers die willen oversteken worden vaak overdreven hoffelijk behandeld. Feit blijft, binnen Europa scoort Frankrijk het hoogst op de ranglijst van verkeersongelukken, hoewel het in 2004 stukken beter is geworden dankzij een bijna uitzinnige opvoering van de verkeerscontroles en het uitdelen van hogere bekeuringen.

De Franse vrijgevigheid
Eén op de vier Fransen geeft geld voor goede doelen, neerkomend op een bedrag aan schenkingen van jaarlijks gemiddeld € 3 miljard, zo is gemeld in het pas verschenen boek La générosité des Français. Alleen bij de tsunami-ramp van 2004 werd een explosie genoteerd van de Franse vrijgevigheid. Geconstateerd is bij een enquête dat de meest verdienenden ook het meeste weggeven, maar dat deze categorie niet het meest vrijgevig is. De hoge inkomens geven 0,6% van hun inkomen weg tegen 0,75% bij de overige categorieën. Als de rijksten eenzelfde promillage zouden wegschenken, zou er nog eens € 200 zijn bijgekomen voor de Franse liefdadigheidsinstellingen. De samenstellers van het boek zien ook regionale verschillen. In de diagonaal van het zuidwesten naar de Elzas is de dichtheid van weggevers het grootst. Het zijn over het algemeen gebieden, die nogal afgesloten zijn en niet het meest aantrekkelijk. De levensgewoonten daar zijn relatief meer gericht op solidariteit, zo menen de schrijvers te kunnen vaststellen. Ook zouden de bewoners meer binding hebben, zoals in Baskenland, waar de onderlinge hulpverlening sterk is ontwikkeld en de saamhorigheid groter is. In het noorden is de dichtheid van vrijgevenden veel lager, wellicht mede veroorzaakt door een wat achterblijvende economie. Het idee dat het vooral de ouderen zijn die geld geven klopt niet. Wel zijn de oudsten het meest actief in verenigingen met goede doelen. De fiscale behandeling bij het doen van schenkingen wordt als voldoende beschouwd. Er zijn aftrekmogelijkheden van 66 tot 75%.
(01.04.09)


De Fransen spreken alleen maar Frans
Juist. Met uitzondering van personeel op luchthavens en op de grotere VVV-kantoren spreken de Fransen slechts Frans. Hoewel in het onderwijs vreemde talen worden onderwezen (Engels, Spaans en als men heel knap is ook Duits) wordt het lezen en spreken in andere talen na het verlaten van de schoolbanken nauwelijk meer beoefend. Voor Nederlanders is 888 van teletekst van enkele tv-zenders een uitkomst. Ondertiteling in het Frans, bestemd voor de Franse doven is goed voor de Nederlanders om een film te volgen en wat Frans bij te leren.


De Fransen praten vrijwel uitsluitend over eten
Klopt ook. Het eerste kwartier van een genoeglijk en vooral vrijblijvend samenzijn tussen Fransen en Nederlanders tijdens het apéritif of apéro spreekt men over het weer, de laatste vakantie en onder intimi wordt ook wel over politiek gesproken. Vervolgens vraagt men aan de Hollanders of ze al een beetje beginnen te wennen in hun nieuwe land en vervolgens spreekt men met de dorpsgenoten gewoon weer verder in het oude tempo en het moeilijk te verstane patois over de kwaliteit van de foie gras dit jaar, die mooie wijn, het gebrek aan cèpes (paddestoelen uit het bos) en het zoetgehalte van de geoogste vijgen.


De Fransen zijn arrogant
Valt wel mee. Op het platteland, waar de meeste Nederlanders toch zullen (gaan) wonen, is er van die arrogantie - als die al zou bestaan - niet veel te merken. Wel is er sprake van een zekere formaliteit in de omgang. Als de je moeite neemt om wat Frans te leren - als je er woont zul je zeker (wat) Frans moeten leren spreken - zijn de Fransen erg behulpzaam. In Parijs en enkele andere grote steden zijn de mensen uiteraard afstandelijker, hetgeen niet perse hetzelfde behoeft te betekenen als arrogant.

Parijzenaars staan meer in de keuken
Anders dan velen menen, blijken de Parijzenaars en overige bewoners van Ile de France meer werk te maken van het bereiden van hun maaltijden dan elders in Frankrijk. De Franciliens geven ook meer geld uit aan groente, fruit en vis dan in de overige regio's. Onderzocht is dat 16% van de Parijse huishoudens meer dan een uur aan de doordeweekse hoofdmaaltijd besteedt, tegen 10% van de gezinnen op het platteland en in de kleine steden. De bereiding van de repas in het weekend vergt voor 30% van de Franciliens meer dan een uur, 20% in de regio's. De onderzoekers menen dat het beeld van de sandwich verorberende Parijzenaar in de métro dringend correctie behoeft. Relatief wonen en leven in Parijs meer en beter opgeleiden, die over het algemeen een groter besef hebben van het verband tussen voeding en gezondheid. 94% van de Franciliens denkt dat de voeding invloed heeft op de gezondheid, tegen 86% in de andere regio's. Ook eet men in en rond Parijs meer biologisch voedsel dan à la campagne.
(10.06.09)


Er is veel bureaucratie in Frankrijk
Is over het algemeen waar. Vooral als buitenlander die de Franse taal niet machtig is, is de papierwinkel welhaast onoverkomelijk en soms prettige praatstof tijdens Hollandse bijeenkomsten. Als je wel iets van de taal begrijpt, valt het wel mee. Men maakt best wel duidelijk welke formulieren moeten worden ingevuld, meegenomen, afgestempeld. Soms maakt men daarbij ook wat verontschuldigende gebaren. 'La bureaucratie, c'est terrible, hein?' Als men er vervolgens in slaagt te melden dat het in Nederland niet veel beter is - een leugentje - dan gaan de sluizen van welwillendheid uitbundig open.

In Frankrijk wordt om het minste of geringste gestaakt 

Dat vinden de Nederlanders en ook de meeste Fransen. De deelnemers aan een staking (grève) of een betoging ('manif') zijn overigens niet van mening dat zij zo maar de straat op gaan. De slachtoffers van de stakingen - het publiek - morren wel maar leggen zich neer bij deze uitingen van maatschappelijke onvrede van de meest uiteenlopende groepen: verpleegsters, brandweerlieden, rechters, chirurgen, postbodes, gepensioneerden.

De Fransen komen hun afspraken niet na
In de privé-sfeer valt dat nogal mee, maar in het zakelijk verkeer is het soms erg lastig. Bij grotere bedrijven (aannemers, loodgieters, elektriciens) worden de afspraken om op de afgesproken tijd te verschijnen meestal nagekomen. Maar zeker niet altijd. Boos telefoneren of faxen sturen wil wel eens helpen. Sommige kleinere bedrijven kunnen er inderdaad een potje van maken. Franse vrienden hierover aangesproken moeten erkennen dat het een afkeurenswaardige methode is, zij hebben er zelf ook last van. Een schrale troost.


Fransen drinken steeds liever in eigen huis

wijn12

Restaurants, bars, cafés, nachtclubs en discotheken zijn niet meer de favoriete plaatsen voor de Fransen om een drankje te drinken. Bijna zes van de tien Fransen (58%) gebruiken alcoholische dranken alleen thuis, aldus een onderzoek van de vereniging Entreprise & Prévention (producenten van alcoholische dranken). Deze overgang is enkele jaren geleden begonnen. Een belangrijke impuls om thuis of bij vrienden wijn en andere dranken te gebruiken is het rookverbod in de cafés en restaurants.


Ook de economische crisis speelde een rol. Het gemiddelde budget per huishouden voor de aankoop van drank daalde van € 313,80 in 2007 naar € 309,40 in 2010. Ook het volume achterover geslagen drank daalde in die periode met 6,2 liter tot 74,5 liter per huishouden. Wel valt op te merken dat de liefhebbers minder drank in huis halen, maar wel meer letten op de kwaliteit ervan. Per liter besteedden de gemiddelde Fransman en -vrouw € 4,20 tegen € 3,90 in 2007.

De drankenfabrikanten signaleren dat geen enkel merk of soort drank is uitgezonderd van het fenomeen van meer thuis drinken. Zo wordt in het bijzonder bier voornamelijk thuis gedronken (75%), aan pastis wordt thuis én buiten de deur evenveel genipt. Het is ook stukken goedkoper om thuis een pils te pakken. Voor de prijs van een vers getapte pression in een café kun je thuis een sixpack bier kopen. De brouwerijen proberen hun marktaandeel te behouden door minder aandacht te schenken aan de massaproductie en zich meer toe te leggen op nieuwe biersoorten. Zo kwam de Elzasser brouwerij Kronenbourg met zijn Kronenbourg Fleuron d'Alsace.

De overgang van het drinken van openbare plaatsen naar de privé sfeer heeft ook te maken met een meer bewust consumptie van alcohol, zegt Entreprise & Prévention. Bij een studie van eind 2010 bleek dat één op de twee volwassenen ten minste een keer per week alcohol gebruikt. 7% van de Fransen drinkt verscheidene keren per dag. De houding van de Fransen ten opzichte van het drinken is de laatste jaren enigszins veranderd. De consumptie was de laatste decennia al sterk gedaald, en nu verklaart een derde van de Franse consumenten dat zij meer en meer gaan letten op het drinkgedrag. De belangrijkste factoren daarbij zijn de zorg om de gezondheid (73%), veiligheid (59%) en angst voor de gendarme (49%). Een woordvoerder van Pernod Ricard noemt deze ontwikkeling 'bemoedigend' en zegt dat deze in lijn is met de boodschap van de industrie dat de alcoholconsumptie gematigd en verantwoord moet zijn.


 

Voor de meeste Fransen is eten 'een plezier'

gastronomie

Voor negen van de tien Fransen betekent eten 'een plezier'. Het is één van de uitkomsten van een onderzoek dat de stichting Nestlé France heeft laten uitvoeren en juist komt op het moment dat de VN-organisatie Unesco het Franse gastronomische maal op de lijst heeft geplaatst van cultureel immaterieel erfgoed van de mensheid. Het is voor de eerste keer dat voeding en kookkunst op deze lijst worden vermeld.

Maar het is niet zozeer de kwaliteit van het voedsel dat de Fransen een gevoel van gelukzaligheid bezorgt bij het aan tafel gaan, maar de kwaliteit van de mensen die mee aanschuiven. Het gezamenlijk genieten van een maaltijd met tijd voor een goede conversatie is belangrijker dan het gebodene op tafel. Een traditioneel familiediner moet volgens de ondervraagde Fransen zeker meer dan anderhalf uur duren. Voor meer dan driekwart van de Fransen vormt het gezamenlijk aanzitten de beste ogenblikken van de dag. En voor negen van de tien is het samen tafelen het meest geschikte moment in het gezin of de familie om van gedachten te wisselen.

Veruit de meeste Fransen (82) zeggen een volledige maaltijd aan tafel te preferen boven de snelle hap uit het vuistje en 78% eet het liefst samen met anderen. En bij het eten moet je geen andere dingen doen: niet telefoneren, geen mails via internet bekijken, geen krant lezen. Maar een derde van de Fransen zit bij de maaltijd wel naar de televisie te kijken en een kwart luistert naar de radio. Meer dan de helft van de Franse bevolking meent dat hun het Franse voedsel de beste kwaliteit heeft. De maaltijdtraditie wil men ook graag doorgeven aan de kinderen. Daarbij behoort niet alleen het doorgeven van mooie keukenrecepten, maar ook het onderricht in goede tafelmanieren, zoals het nemen van de tijd.

Steeds meer voedselhulp nodig

Het aantal vragen om voedselhulp door onder de armoedegrens levende Fransen is vorig jaar met een kwart toegenomen. Voor dit jaar is een verdere stijging voorzien, zo meldt de organisatie Secours populaire. In 2009 klopten 1,89 miljoen mensen om voedselhulp aan bij de organisatie die 81,5 miljoen maaltijden ver-

strekte, voor de helft door de staat en de EU gefinancierd. De andere helft kwam via inzamelingsacties en aankopen door Secours populaire in de verdeelcentra.

 
 Fransen moeten minder hartig eten

zoutvatHoewel het gebruik van zout in het dagelijks voedsel de laatste jaren wat is afgenomen, blijven veel Fransen nog veel te zout te eten. Onderzoek van 140.000 voedingsmiddelen wijst uit dat het zoutgebruik in de laatste tien jaar is gedaald tot gemiddeld 8,4 gram per dag (9,2 gram voor mannen en 7,6 gram voor vrouwen). In 2000 lag het zoutgebruik nog op gemiddeld 10 gram per dag. Het gezondheidsonderzoek constateert dat echter nog een zeer groot deel van de Franse bevolking te veel zout gebruikt, meer dan de in Europa aanbevolen hoeveelheid van 6 gram per dag. De Fransen hebben hun norm in 2008 op 8 gram per dag gesteld. 35% van de Franse vrouwen en 67% van de mannen zitten boven deze norm.
Uitgezocht is dat driekwart van het gebruikte zout al direct in de levensmiddelen zit en een kwart wordt nog tijdens het koken of het eten toegevoegd. Het meeste zout komt voor in brood en beschuit, gevolgd door vleeswaren en kaas. De onderzoekers pleiten vooral niet voor het minder eten van brood, maar voor een zeer geleidelijke verminding van de toevoeging van zout, zoals bakkers al beginnen te doen. Ook de voedingsmiddelenindustrie doet pogingen om het toevoegen van zout te beperken in soepen en kant-en-klaarmaaltijden, maar de vermindering moet worden voortgezet. Want de gezondheid is zeer gebaat bij het verminderen van de zoutconsumptie. De Fransen citereren hierbij Amerikaanse onderzoek dat aantoont dat een vermindering van 1 gram per dag zout, jaarlijks een groot aantal gevallen van problemen met de kransslagaderen kan voorkomen, alsmede gevallen van herseninfarcten.
De Franse onderzoeksleider adviseert om minder zout te gebruiken bij het koken, pas zout te strooien als eerst is geproefd en het zoutvat permanent van de eettafel te bannen.

(20.11.10)

 Sandwich ('boter-ham') wint het nog steeds van hamburger



Frankrijk is het enige land waar de sandwich het nog steeds wint van de ook in dat land oprukkende hamburger. Voor elke gekochte burger worden nog acht sandwiches (stukje stokbrood met bijvoorbeeld boter en ham) verorberd, leert een studie naar aanleiding van de in Parijs te houden Europse salon van de sandwich.

Het meest gegeten is nog de oude vertrouwde jambon-beurre, zeg de boterham. Dagelijks worden meer dan 2,2 miljoen van deze jambon-beurre gegeten. Ze worden ook wel parisiens genoemd, deze vooral bij de lunch gegeten stukjes baguette met ham en boter. Bijna driekwart van deze lunchbroodjes zijn jambon-beurre.
De sandwich zou ook kunnen worden gebruikt als instrumenten om de koopkracht te kunnen meten in de verschillende Franse steden, zoiets als de bekend Big Mac-index van het Britse tijdschrift The Economist. Deze index meet in de hoofdsteden in de wereld de koopkracht aan de hand van de prijzen van de hamburgers. Wat betreft de beurre-jambon-index: in Parijs kost zo'n broodje gemiddeld € 3,26, in Poitiers € 3,15 en in Straatsburg € 3,11. De goedkoopste 'boter en ham' broodjes zijn te koop in Corte op Corsica voor € 1,91. Niet duur zijn ook Saumur (Maine-et-Loire) met € 2,21 en Mont-de-Marsan (Landes) met € 2,28.

Print Print dit artikel

 
Gebruiken, gewoonten

Het nationale volkslied de Marseillaise

 

Allons enfants de la Patrie
Le jour de gloire est arrivé
Contre nous de la tyrannie
L’étendard sanglant est levé (bis)
Entendez vous dans les campagnes mugir ces féroces soldats
Ils viennent jusque dans vos bras, égorger vos fils, vos compagnes
Aux armes citoyens ! Formez vos bataillons !
Marchons, marchons, qu’un sang impur abreuve nos sillons


De muziek en de noten.


 

Bij trouwerijen alleen de Franse kleuren

vlag 4Temidden van de discussies over nut en wenselijkheid van het nationale debat over de identiteit van Frankrijk en de Fransen, gaan in het zuiden stemmen op om vreemde en niet-Franse symbolieken te weren uit publieke onderkomens. Een wetsvoorstel daartoe is ingediend door het kamerlid Elie Aboud uit de Hérault.

Deze volksvertegenwoordiger meent dat bijvoorbeeld buitenlandse vlaggen en symbolen tijdens trouwplechtigheden uit de mairies moeten worden geweerd. Burgemeesters moeten de mogelijkheid krijgen om deelnemers aan dergelijke plechtigheden te verbieden andere dan nationale symbolen mee te voeren. Inmiddels hebben enkele honderden leden van de rechtse regeringspartij UMP het initiatief ondertekend. De burgemeester van Orange in de Vaucluse heeft het voortouw genomen en daarbij het zekere voor het onzekere genomen: een verbod op het binnendragen van alle vlaggen tijdens trouwplechtigheden in het gemeentehuis.

Kamerlid Aboud rechtvaardigt zijn initiatiefvoorstel door te wijzen op verschijnselen als Frankrijk-onvriendelijke fluitconcerten in het Stade de France en het massaal laten wapperen van buitenlandse (lees: Algerijnse en Marokkaanse) vlaggen. Zulke 'onverantwoorde gedragingen' zijn volgens het kamerlid voor een deel van de bevolking ontoelaatbaar. Er komen steeds meer verstoringen voor tijdens trouwplechtigheden in vooral het zuiden van het land. 'De gasten komen aan in cabriolets en auto's die ik me niet kan veroorloven. Zij trekken zich niets van de verkeersregels aan, rijden met keiharde arabische muziek rond en laten Algerijnse of Marokkaanse vlaggen uit de auto's wapperen. En binnen het gemeentehuis wordt er geschreeuwd en met de vlaggen gezwaaid', aldus de uitleg.

 

Of het wetsvoorstel in behandeling komt, is nog onzeker. Minister Eric Bresson, de bewindsman van Immigratiezaken en de Nationale Identiteit die het nationale identiteitsdebat heeft aangezwengeld, zegt dat hij geen problemen heeft met manifestaties in officiële gebouwen. Wel erkent hij geschokt te zijn geweest toen tijdens kwalificatiewedstrijden om het wereldkampioenschap voetballen bij incidenten tussen Egypte en Algerije, de Franse driekleur in brand werd gestoken.

Volgens een studie van het instituut CSA meent 54% van de Fransen dat de praktijk van de islam past bij het leven in de Franse maatschappij (14% heel goed en 40% tamelijk goed). 19% is van mening dat de praktijk van het islamitisch geloof niet zo goed past in Frankrijk en 21% meent dat het in geheel niet valt in te passen. 6% heeft geen mening. Aanhangers van de middenpartij MoDem blijken de minste moeite te hebben met de islam in hun land, 77% vindt het geen probleem. Bij de sympathisanten van links is dat 65% en bij de aanhangers van rechts 51%. Gevraagd naar de passendheid van het rooms-katholieke geloof in het Franse leven zegt 82% dat dat het geval is, 14% vindt van niet. Dezelfde vraag over het jodendom in Frankrijk: 72% heeft daar geen problemen mee, tegen 21% die dat wel heeft.

AVF
In Frankrijk opereert in 550 plaatsen de verenigingAccueil des Villes Françaises die nieuwkomers in de plaats met raad en daad terzijde staan om snel de weg te vinden in de nieuwe woonomgeving. Op de site van deze
AVF zijn alle adressen te vinden en de tijden waarop men de informatie kan geven. Via diezelfde site kan ook informatie worden gekregen voordat men zich in de plaats gaat vestigen. Handig om adressen en telefoonnumers alvast te hebben van het gemeentehuis, de plaatselijke vestigingen van het stroombedrijf, van de telefoon en van het water. Ook is informatie beschikbaar over de scholen en crèches. Het werk wordt gedaan door ruim 12.000 vrijwilligers.
 
Voorbeeld voor een pachtcontract met de buurman.

Nogal wat Nederlanders in Frankrijk met een flink stuk grond bij het (vakantie) huizen maken afspraken met de buurman of de plaatselijke boer om het gras te maaien of om paarden, schapen of koeien te laten grazen. Dat gebeurt vaak zonder procedure en met stilzwijgende verlenging. Daar kunnen forse in verband met het Franse gewoonterecht flinke problemen mee ontstaan. Een contractje maken is te verkiezen.

Prêt a usage

Durée du ............ au ..............20....

Entre les soussignés:

  • désigné ci-après "le prêteur" et souscrivant à toutes obligations lui incombant, d'une part,
  • désigné ci-après "l'emprunteur" d'autre part

il a été arrête et convenu le prêt a usage suivant:

prêt a usage

Le prêteur prête à titre de prêt a usage ou commodat, conformément aux articles 1876 et suivant du Code Civil à l'emprunteur qui accepte, les biens ci-après désignés:

désignation

les parcelles suivantes cadastrées section (naam plaats waar percelen zich bevinden), (kadastrale naam en nummers), (totaal oppervlakte in ha, a en ca).
Le tout désigné ci-après "les biens prêtés".

usage

L'emprunteur s'oblige expressément à n'utiliser les biens prêtés qu'à l'usage suivant: - pacage et culture.

durée

Le présent prêt est fait pour une durée de douze mois á compter du ............. 20... En conséquence, l'emprunteur s'oblige à rendre au prêteur les biens prêtés, soit qu'il n'en aura plus l'usage ci-dessus défini, soit au plus tard le ............. 20... La restitution aura lieu au domicile du prêteur.

livraison jouissance

Le prêteur s'oblige à livrer aujourd'hui même à l'emprunteur les biens prêtés et celui-ci en aura la jouissance à compter de ce même jour. La livraison aura lieu au domicile de prêteur.

conditions

Le présent prêt est fait sous les conditions ordinaires et de droit en pareille matière et, en outre, aux conditions suivantes que l'emprunteur sera tenu d'exécuter, à peine de tous dommages intérêts et même de résiliation immédiate du prêt si bon semble au prêteur:

  • l'emprunteur prendra les biens prêtés et celui-ci en aura la jouissance, sans recours contre te prêteur pour quelque cause que ce soit et notamment pour mauvais état et vices apparents ou cachés;
  • il veillera en bon père de famille à la garde et à la conservation des biens prêtés;
  • il se servira personnellement des biens prêtés; il ne pourra les confier à des préposés ni à des domestiques et ne devra les utiliser que pour l'usage ci-dessus défini;
  • il restera tenu définitivement des dépenses qu'il pourra se tenir obligé de faire pour l'usage et l'entretien des biens prêtés;
  • à l'expiration de la durée convenue, il restituera en nature les biens prêtés eux-mêmes et non par leur équivalent; il ne devra aucune indemnité à raison de l'usure des biens prêtés résultant de leur usage normal et sans faute de sa part.
caractère gratuit

Le présent prêt est consenti à titre gratuit conformément aux dispositions de l'article 1876 du Code Civil il ne pourra en aucun cas donner lieu à application du statut de fermage.

frais

Les frais des présentes et leurs suites, y compris le coût d'une copie exécutoire pour le prêteur, seront supportés et acquittés par l'emprunteur qui s'y oblige.

domicile

Celui des biens prêtés.

Dont acte, sur 2 pages.

A (naam woonplaats gebruiker)                A (naam woonplaats eigenaar)
Le ..................... 20...                                Le .......................... 20...

(naam gebruiker)                                      (naam eigenaar)
l'emprunteur                                             le prêteur
Bon pour accord                                        Bon pour prêt à usage






____________________________           ___________________________
(handtekening)                                          (handtekening)



Met dank aan forumgebruiker Wim Mönnich.


Rommelmarkt
heet in Frankrijk een vide-greniers (lege zolders). In elk dorp of stadswijk wordt jaarlijks op een vaste datum wel zo'n markt gehouden waarop de overtolligheden van de Franse huishoudens op straat komen. Bij wet is nu geregeld dat een particulier twee maal per jaar mag meedoen aan een vide-grenier. Dat hoeft niet meer uitsluitend in de eigen woonplaats te zijn.
Verder zijn er de talloze brocantes (oude spullen), de gemengde brocantes (professionelen en particulieren), de echte antiekbeurzen en ook nog de vlooienmarkten (marché aux puces).Het is de gewoonte om bij wat grotere spullen af te dingen, waarbij in de regel zo'n 15% kan worden 'verdiend'. Het bezoeken van een rommelmarkt enz. heet chiner, pingelen heet marchander.
Virtueel snuffelen kan via enkele sites: Marché.fr, agenda brocantesVide-greniers, Ebay en Kitrouve.


Begroetingen
Als je permanent in Frankrijk woont dan weet je dat je de buurtbewoners, de secretaresse op het gemeentehuis, de klusjesman altijd een hand geeft. Ook bij het weggaan. Is de relatie erg vriendschappelijk dan wordt er gezoend, meestal twee keer. Vrouwen zoenen vrouwen vrijwel altijd, mannen willen nog wel eens afstand bewaren bij ontmoetingskussen (de bise; kussen uit genegenheid is embrasser; dan heet een kus een baiser, maar het werkwoord baiser betekent niet kussen, let op, maar vrolijk gezegd, een wip maken). Er is zelfs een website om te weten te komen hoe in welk departement dient te worden omhelsd.

Brood
Er werken 35.000 bakkerijen aan de dagelijkse vervaardiging van brood. Bij de bakker, de boulanger, worden de flûtes (200 gram) en de baguettes (250 gram of 400 gram) verkocht. Klein is de ficelle met zijn 130 gram. Minder stokachtig zijn de bruine broden zoals de pain complet, de meergranen broden zoals de pain céréale en de pain de campagne. De croissant bij de bakker is heel lekker maar is 's morgens meestal uitverkocht. Handig is het om bij de supermarkt een zak met 10 voorgebakken croissants te kopen, niet duur, en die 's morgens vijf minuten in de oven te leggen.

Pendre la crémaillère
is letterlijk het ophangen van de regelhaak in de schouw van de open haard waaraan in vroeger dagen een pot werd gehangen. Nu is het een symbolische handeling geworden aanduidend dat het nieuwe huis klaar is om te worden bewoond. Er is dan een feestje, vergelijkbaar met onze house warming partijen.

Kalenders
Jaarlijks komt de postbode (la factrice of le facteur) met de Almanach, een nuttige kalender met feiten, plattegronden van de steden in de buurt. Het is de gewoonte de postbode een fooi te geven van toch ten minste € 7,50. Ook de vrijwillige brandweer komt jaarlijks langs. Ook deze pompiers krijgen een fooi van ten minste € 15.

Op bezoek gaan
Vroeger was het niet wellevend om bij een bezoek om te komen eten (rond 8.30 uur) wijn of bloemen mee te nemen. Verouderde boekjes meldden dat het meenemen van wijn een belediging zou zijn voor de gastheer: alsof hij zelf niet over goede wijnen zou beschikken. Het is wel de bedoeling dat de meegebrachte fles ook tijdens de maaltijd wordt geopend. Het is aardig om iets van de banketbakker mee te nemen of een bloemetje. Maar geen goudsbloemen of chrysanten! Vooral die laatste soort is op Allerzielen bestemd om de graven en grafzerken op te sieren. Het verandert allemaal wel, maar tot voor kort was het niet bon ton om van het toilet van de gastheer of -vrouw gebruik te maken. Het is wat vreemd om Fransen uit te nodigen om een kopje koffie te komen drinken. Beter is het om de dorpsgenoten te vragen om een apéritif (apéro) te gebruiken, zo rond zes uur 's avonds. Proosten bij het drinken gaat vergezeld van standaardwensen als 'à votre (bonne) santé', 'à la vôtre' (een beetje burgerlijk, grof), 'prosit' of 'tchin-tchin'. Als iemand is uitgeniest zeg je niet 'prosit' maar 'à vos souhaits'.

Onderhandelen
Met de Fransen wordt niet na het Hoe maakt u het (comment allez-vous?) met de onderhandelingen begonnen. Pas na vele, meestal charmante omwegen komen we eindelijk tot zaken. Nederlanders moeten daar niet onrustig van worden. Ook moeten wij onze kalmte bewaren als een bijeenkomst niet om half negen begint zoals was aangekondigd, maar pas iets over negenen. Dat is Frankrijk.

Je of u
Het zal voor de meeste Nederlanders vousvoyeren blijven met de Fransen. In bijzondere gevallen van persoonlijke vriendschap mogen de Hollanders tu zeggen. De Fransen zelf blijven traditioneel overigens ook meestal 'u' zeggen tegen hun landgenoten.

Buiten de deur eten
Ongeveer 70% van de Fransen eet ten minste eenmaal in de week buiten de deur. Eten in een restaurant gebeurt veel tijdens wat in Nederland de lunch heet. Men geniet dan het repas, waarbij op het platteland nog wel wijn wordt gedronken. In de restaurants in de steden gebeurt dat steeds minder. De meest gedronken drank in Frankrijk is mineraalwater. In het weekeinde en bij feestdagen wordt van de zondagse lunch (déjeuner) een bijzondere gebeurtenis gemaakt. Van twaalf tot drie is men dan onder de pannen. De keukens in de restaurants gaan 's avonds later open dan in Nederland. Om half acht op z'n vroegst kun je 's avonds terecht in een restaurant.
 
Oplichterij, schurkenstreken, doorrijden na tanken
De Fransen hebben er een apart woord voor: la grivèlerie, het niet-betalen van genoten consumpties; het is een plaag voor het restaurantwezen. Oplichterij kent duidzend gezichten, zo constateert de Observatoire national de la délinquance (OND) in een nieuwe studie over oplichtingspraktijken en misbruik van vertrouwen, fenomenen die steeds grotere vormen aannemen: een taxi uitrennen zonder te betalen, een hotel uitsluipen zonder af te rekenen, doorrijden na een tankbeurt, weglopen van een terras als de ober binnen is. Zelfs minister Michèle Alliot-Marie van Binnenlandse Zaken laat weten dat het aantal oplichtingen alarmerend is en wil dat er maatregelen komen. In 2008 zou het aantal gemelde oplichtingspraktijken de 200.000 hebben overschreden. Naast de bekende genoemde voorbeelden is er de laatste jaren een nieuw werkgebied bijgekomen, de oplichting via internet. Het aantal bekend geworden gevallen daarvan in het totaal is gestegen van ruim 6% in 2005 tot 30% nu. Opvallend is verder dat de oplichtingen zich vooral op het platteland van Frankrijk voordoen en dat sommige regio's er in negatieve zin uitspringen: Poitou-Charente, Bretagne, Picardie, Aquitaine, Auvergne, Champagne-Ardenne en Franche-Comté. Hoewel dichtbevolkte zones ook last hebben van de toenemende flessentrekkerij, groeit het aantal geconstateerde gevallen op het platteland aanzienlijk sneller. Niet zo verwonderlijk, meent het ministerie. La campagne verandert, tot ook de verste uithoeken is internet doorgedrongen en heeft ook de credit card plaatsgemaakt voor het vertrouwde chequeboekje.

Thuis eten
Op het platteland:
Werkers op het land ontbijten niet, men gebruikt hoogstens een kleine kopje zwarte koffie of soppen brood in een grote kom koffie met veel melk. Tegen achten gaan de landarbeiders naar de boerderij en nemen dan een flink ontbijt. Brood (het nationale volksvoedsel), vlees, worst (charcuterie) e.d. Om twaalf uur volgt dan de hoofdmaaltijd (le repas - ons 'warm eten'), dat bestaat uit vlees, groenten, (stok)brood, kaas, dessert, koffie. En uiteraard wijn. De vrouwen en soms kinderen drinken de wijn vaak met wat water. De laatste krijgen 's middag bij het thuiskomen van school nog wat koekjes (le goûter). 's Avonds is er het souper. Een lichte maaltijd met wat sla, soep en wat brood.
In de stad:
Meestal geen ontbijt, hoogstens een kopje koffie. Croissantjes worden vrijwel nooit thuis gegeten. Dat doet men in een café. De lunch (geen repas dus) bestaat voor de kantoormensen uit een sandwich. Veel werknemers krijgen ook bonnen van het bedrijf om ergens in de stad de lunch, le déjeuner, te gebruiken. Ook een soort warme maaltijd, maar wat lichter dan op het platteland en niet altijd meer met wijn. Zakenlunches zijn uitvoerig en ook arrosés, besprenkeld. Maar ook dat wordt minder.
Bij (familie)feesten
is er een groot repas, dat kan duren van 12.00 uur 's middags tot diep in de middag. Voorgerechten (patés, terrines, soepen), vleesgerechten (wild vaak), tussengerechten soms, salades, andere groenten, veel kaas, zoete desserts en digestifs. Alles rijk besproeid met de betere wijn (tafelwijn is voor door de week) en altijd met stokbrood. Vooral de mannen gebruiken dat brood voor van alles: om de eerste honger te stillen, om de mond te neutraliseren als op een andere wijn wordt overgegaan en als bestek om het bord schoon te maken.


Vrije dagen

Met 37 vrije dagen per jaar verslaan de Fransen de overige werkers in Europa al jaren. Naast de gewone vakantie van 25 dagen kennen de Fransen ook veel ATV-achtige verlofdagen, maken veel bruggetjes bij feestdagen en krijgen ook vrij soms voor het volgen van cursussen e.d. Hoe zuidelijker, hoe meer vakantie: Italië volgt met 33 vrije dagen en Spanje met 31. Oostenrijk en Nederland houden het op 28 vrije dagen per jaar, Duitsland op 27, Engeland op 26 en Amerika op 14. Uitgerekend is ook hoeveel van die vrije dagenwerkelijk worden opgenomen. Ook hier scoort Frankrijk hoog: 80% van de jours congés worden opgenomen. In Spanje is dat 76%, in Duitsland een forse 81%, in Engeland 77%, in Oostenrijk 59%, in Italië 53%, in Amerika 69% en in Nederland wordt iets meer dan de helft (51%) van de aangeboden vrije tijd ook werkelijk genoten.

Begrafenissen
Op het platteland in het zuiden van Frankrijk is het de gewoonte dat de buren van een overledene zich bezighouden met de organisatie van de begrafenis (les obsèques). Direct na het overlijden wordt de buurt mondeling ingelicht en vaak vindt de volgende dag al de begrafenis plaats. De mannen van de directe buurtgezinnen belasten zich met het dragen van de kist na de misplechtigheid in de plaatselijke kerk. Daarna dragen die mannen de kist naar het kerkhof, er zijn nog woorden en gebed van de pastoor, de dorpsbewoners lopen om de kist. En dat is het dan. Van buitenlanders die in de buurt van de overledene wonen wordt alom verwacht dat ook zij acte de présence geven, ook al heeft met de overledene niet of nauwelijks gekend.


Paddestoelen
In de herfst trekken duizenden Fransen de bossen in om paddestoelen te plukken. Het ministerie van Volksgezondheid constateert dat er jaarlijks toch nog steeds ongelukjes gebeuren en dat door onwetendheid soms problemen ontstaan. In het bijzonder wordt aangeraden geen paddestoelen te plukken waarbij men twijfelt over de identiteit. Ook is het beter om het plukken op vuile plaatsen te vermijnden, zoals langs de weg, bij industriegebieden of stortplaatsen. Giftige stoffen kunnen zich ophopen in de paddestoelen. Bij het plukken moeten de paddestoelen niet door elkaar worden ingepakt, dus soort bij soort in een afzonderlijke verpakking, zoals plastic zakjes. Een giftige paddestoel kan ook de andere besmetten. Je moet de paddestoelen pas eten als ze zijn controleerd door een specialist zoals de lokale apotheker of de paddestoelenverenigingen. De paddestoelen worden in de koelkast bewaart en moeten binnen twee dagen na de pluk worden gegeven. Niet te veel paddestoelen tegelijk eten en ze voldoende laten koken. Bij het voorkomen van enkele symptomen zoals trillingen, duizeligheid, misselijkheid, braken, diarree en pijn in de onderbuik: bel 15 of het antigifcentrum in de regio.

Brieven schrijven

Een sobere aanhef (Monsieur, ) en een uitvoerige beleefdheidsformule aan het einde van de brief. Er zijn vele varianten, maar met deze kan niemand een buil vallen: Je vous prie d'agréer, Monsieur, mes salutations dinstinguées. Wat bloemrijker en voor Nederlandse gevoelens tamelijk overdreven: Je vous prie d'agréer, Monsieur, l'expression de mes sentiments respectueux et dévoués. In korte briefjes aan bekende relaties mag ook: Recevez, Monsieur, mes cordiales salutations. Nog korter: Salutations cordiales.

Verjaardagen en andere huiselijke feesten
Niet erg gebruikelijk is het om de verjaardagen van de Fransen te vieren. Men gedenkt meer de naamdag, la fête, genoemd naar de heilige van de geboortedag. Op een kaart kan staan: Bonne fête! of Toutes mes félicitations. Andere heuglijke feiten in een Frans mensenleven: de verloving (les fiançailles), het huwelijke (le mariage), de geboorte (la naissance) en eventueel de doop (le baptème).

Kerst
La Noël. Kerstavond (op 24 december) wordt gevierd met een maaltijd (repas) na de mis. En op Eerste Kerstdag is er vaak weer een repas. Favoriet nagerecht le bûche, taart in de vorm van een boomstam. Tweede Kerstdag wordt niet gevierd.


Oudejaarsavond
Aan het afsteken van vuurwerk doen ze niet in Frankrijk. En appelflappen of oliebollen zijn volstrekt onbekend. Op de avond (Saint-Sylvestre) zoekt men elkaar meestal thuis op bij een zeer uitgebreid repas met vele gangen. Zo'n (familie)bijeenkomst, heet de Réveillon. Viert men de jaarwisseling in een restaurant dan gebeurt dat sjiek. Om twaalf uur wordt elkaar een gelukkig nieuwjaar toegewenst met veel zoenen ('une bonne année!) en toetertjes, confetti, feestmutsen. En ook veel dansen. Geliefde versnapering: oesters. Later in de eerste week van het nieuwe jaar geeft de burgemeester van je dorp een drankje, le pot du maire.




Uitvoerige informatie over deze onderwerpen is te vinden in La Maison, uitg. Het Spectrum.

Print Print dit artikel

 


het weer in Frankrijk
het weer in Frankrijk
30 mei 2012
Uit de fora:

'Hieronder een kleine bloemlezing over zaken waar ik me wel en niet meer druk over maak. Hoogst persoonlijk, want ik breng ook mijn eigen persoonlijkheid, achtergrond en evraringen mee. Na bijna 12 jaar ben ik aardig gewend aan:
- stakingen (behalve die van de RATP) en bureaucratie
- andouillettes, oesters
- altijd maar over eten praten, laat eten,  je optutten voor feesten en maaltijden
- de overweldigende keuzes in de supermarchés
- geen antwoord krijgen op mails
- je kinderen laten dopen zonder een greintje religieus besef
- de ongeorganiseeerdheid van feesten en partijen
- de lunches die in diners overgaan bij feesten
- de 'calendriers' van de pompiers en La Poste
 
En blijf ik moeite houden met:

- desinteresse van ambtenaren als je ze een probleem voorlegt
- bejaarden die nu nét tijdens spitsuren boodschappen doen en de zaak ophouden met hun cheques aan de kassa
- altijd de Overheid of de Euro overal de schuld van geven
- wanneer ik wel of niet kan tutoyeren
- gendarmes die op invalidenparkeerplaatsen parkeren want dan hoeven ze niet zo ver te lopen
- alles nasynchroniseren
- de kilheid van begrafenissen
 
PS
en die Renaults waar steeds maar weer wat van kapot gaat...vaak niet erg maar vooral hinderlijk.'


***

'Over gemengd gehuwden (man NL, vrouw F):

- ik krijg nog steeds op mijn donder als ik de kaas verkeerd snijd, de glazen verkeerd op tafel zet, niet de oudste dame het eerst serveer

- geliefde verdomt het om flessen te ontkurken en oesters te openen want dat is 'mannenwerk'

- ik mag niks verkeerds over de kwaliteit van Franse auto's zeggen

- Juppé of Chirac voor 'escro' uitmaken betekent een nachtje op de logeerkamer

- als we samen het Franse Journaal kijken, scheldt echtgenote luidkeels op alles wat er niet deugt (vakbonden, politici, luie scholieren, boerka's)

- als we samen het Nederlandse Journaal kijken krijgen de presentatrices steevast opmerkingen over hun haardracht en kleding

- we gaan nooit samen naar de bioscoop want ik haat nagesynchroniseerde films'


'Even héél generaliserend: Franse vrouwen zijn niks mooier dan Nederlandse maar:

- ze gedragen zich eleganter

- ze kleden zich beter

- ze scheren zich beter

- ze zijn "exuberanter"

- ze koken beter

- ze zijn preutser

- ze zijn minder geëmancipeerd

- ze verwennen hun kinderen meer'