|
|
Franse rekening openen, geld overmaken
Er zijn twee vormen van bankinstellingen: de nationale en de regionale. De eerste, waaronder BNP-Parisbas, CLC (het vroegere Crédit Lyonnais), Société Générale, voeren elk een identiek beleid en kennen een hoofdkantoor dat de baas is van de vestigingen en waartoe de cliënt zich kan wenden bij conflicten. De regionale banken (Crédit Agricole, Bred, Crédit mutuel, Caisse d’épargne, CIC) werken afzonderlijk en zijn autonoom in beleid en tarieven. En dan is er natuurlijk de bankdienst van het staatsbedrijf La Poste, La Banque postale. Het is de enige bankdienst die bijna gratis is. Een Franse bankrekening is noodzakelijk als je een Franse hypotheek hebt genomen op het Franse huis en handig om ook overige rekeningen van je (tweede) huis van te betalen. Het openen van een Franse bankrekening, officieel een compte de dépôt of compte chèques of compte courant maar iedereen zegt compte bancaire, is niet ingewikkeld. Het kan persoonlijk of op afstand, en wel schriftelijk geregeld worden. Hiervoor zijn kopieën van twee identiteitsbewijzen nodig en twee bewijzen van je adres, bevestigd door de eigen bank in Nederland. De banken – de postbank in mindere mate – hebben nog vaak een houding van het genadiglijk willen verschaffen van een privilege bij het openen van een rekening. Niettemin ligt in de wet vast dat een bankrekening voor een ieder beschikbaar moet zijn. Sinds 1990 heeft iedere burger van de Europese Unie recht om een rekening te openen in een ander Europees land. De voorwaarden daarbij zijn niet onderworpen aan Europese regelgeving. De meeste Franse banken houden zich aan het algemene gebruik: legitimatie, bewijs van adres in Frankrijk en steeds meer banken vragen een kopie van de belastingaangifte. Salarissen boven de € 1500 mogen bijvoorbeeld alleen via cheques of overmaking naar een bankrekening worden uitbetaald. Sociale uitkeringen worden uitsluitend via de bank betaald. Arrogantie is de meeste Franse banken niet vreemd, ze mogen zonder opgaaf van reden weigeren je een bankdienst aan te bieden; bovendien zijn ze kampioen in het berekenen van steeds weer nieuwe kosten. Bankieren is duur in Frankrijk. Gewapend met legitimatiepapieren vervoeg je je bij het uitverkoren – of aanbevolen – bankkantoor. Let wel op bij het ondertekenen van de overeenkomst met de bank. Het wil nogal eens voorkomen dat de ijverige employé ook bijkomende zaken min of meer stilzwijgend meeneemt in een package en alzo diensten verkoopt (verzekering, bankpas) waar niet om is gevraagd. Wie om een of andere reden geweigerd wordt een rekening te openen, kan, na een schriftelijke motivering van die bank daarover, naar het dichtstbijzijnde filiaal van de Banque de France, lopen die ambtshalve een bank zal aanwijzen waar men een rekening – voor alleen de eenvoudige bankzaken – kan openen. De diensten van de grote Franse banken ontlopen elkaar nauwelijks, de meeste instellingen accepteren ook tweedehuizenbezitters als nieuwe bankklant en zijn bereid het rekeningafschrift (relevé de compte) naar het Nederlandse adres te sturen. De diensten van de Franse banken ontlopen elkaar nauwelijks, de meeste instellingen accepteren ook tweedehuizenbezitters als nieuwe bankklant en zijn bereid het rekeningafschrift (relevé de compte) naar het Nederlandse adres te sturen. Algemene aanbeveling bij het openen van een Franse bankrekening: het is verstandig als echtpaar, maar ook als ongehuwd samenwonenden, een gezamenlijke rekening (compte joint) te nemen (in Nederland 'en/of' geheten; in Frankrijk Mr. ou Mme, Mr. et Mme en Mr et/ou Mme.) Erg handig is de rekening met 'et' niet, want bij elke transactie moeten beiden tekenen. Als later een van de partners overlijdt en de rekening staat alleen op zijn of haar naam, dan is het bijzonder lastig voor de overblijvende partner om spoedig over het geblokkeerde saldo te beschikken. Bij een rekening op naam van 'Mr et/ou Mme' kan door beide afzonderlijk worden getekend voor lopende uitgaven en moet gezamenlijk worden getekend bij grote, tevoren afgesproken, grote uitgaven.
Met de komst van de euro is het geldverkeer wel een stuk overzichtelijker geworden. Maar het is allemaal toch net een tikje anders, dat omgaan met geld in Frankrijk. Een overschrijving (virement) naar een andere rekening kan wel, maar kost per keer altijd een paar euro’s. Overschrijvingen naar eigen bankrekeningen zijn gratis. Tot enkele jaren geleden was het betalen met cheques heel gewoon in Frankrijk, maar nu is ook in dit land het betalen met plastic, bijvoorbeeld aan de kassa’s van winkels, meer usance geworden. De bankpas heeft de cheque overvleugeld. De Europese Unie heeft besloten dat het Europese betalingsverkeer even duur moet zijn als het binnenlandse betalingsverkeer. Via het invullen van de IBAN en de BIC (te vinden op de RIB of RIP) zal een overmaking door Postbank en andere banken in vijf dagen zijn geregeld. In het land van de afkortingen staan deze letters voor Relevé d’Identité Bancaire, dan wel Relevé d’Identité Postal. Die strookjes krijgt men van de bank; meestal zitten ze ook in het chequeboekje. Extra RIB’s print je zelf als je elektronisch bankiert. De IBAN (International Bank Account Number) met ook veel cijfers is nodig bij internationale overboekingen. Verder is nog de BIC (Bank Identifier Code) verplicht (de vroegere SWIFT-code), een code die de identiteit weergeeft van de bank waar de begunstigde bankiert. Wie de twee nummers niet correct invult, zal merken dat de overschrijving langer duurt en dat daarvoor kosten in rekening worden gebracht. Er is een website waarop BIC's zijn te vinden IBAN's zijn te berekenen. Geld kan ook automatisch worden geïncasseerd. De rekeningen van de EDF, de waterleverancier en France Télécom worden bij voorkeur automatisch afgeschreven. Dat kan via een TIP, een soort acceptgiro (dat staat voor Titre Interbancaire de Paiement): een strookje onder aan de nota dat al geheel is ingevuld; er moeten alleen nog een handtekening en datum op en dan kan de TIP worden opgestuurd. Ook kun je een machtiging geven voor een automatische afschrijving, de prélèvement. Maar dat kost in Frankrijk weer geld: de frais création prélèvement, de kosten om zo’n automatische overschrijving in orde te maken. Er zijn instellingen als EDF en internetproviders die een prélèvement automatique eisen bij het afsluiten van een contract. Dat is verboden. Als die ondernemingen blijven volhouden kan een klacht worden ingediend (aangetekend) bij de Commission des clauses abusives. Ook zijn er bedrijven die een borgsom eisen als de klant niet akkoord is met automatische afschrijving. Ook dat is verboden. Internetbankieren naar het buitenland is in Frankrijk soms nog niet mogelijk. Het land is op dit punt ronduit achterlijk. De Europese banken hebben begin 2008 afgesproken dat het in drie jaar overal in Europa mogelijk moet zijn tegen dezelfde kosten als in het binnenland internationale overschrijvingen te doen via internet. Nogal wat Franse banken berekenen hun Franse klanten ca € 3 aan kosten voor een overschrijving naar een buitenlandse rekening, mits de BIC- en IBAN gegevens foutloos en compleet worden doorgegeven. Nederlanders in Frankrijk moeten die kosten uiteraard ook betalen. Men moet zich in sommige gevallen naar de bank begeven om de overschrijving uit te voeren. Soms kan de opdracht via de fax of via e-mail worden gedaan. Het blijft voorlopig dus nog tobben. Het overmaken van geld binnen EU-landen is dus niet altijd gratis. Bij het overmaken van bedragen hoger dan € 50.000 is een speciaal formulier nodig, waarvan afschriften naar De Nederlandsche Bank gaan. Een overboeking naar Nederland en bijschrijving op de Nederlandse rekening van een bedrag boven de € 50.000 kost bij ABN Amro 0,1% (minimaal € 7 en maximaal € 70.) Via Internet Bankieren van Nederland naar een rekening in een EU-land kost bij die bank 0,1% minus € 4 (minimaal € 5,50 en maximaal € 55.) De Crédit Agricole rekent € 32 voor een overboeking naar Nederland van een bedrag hoger dan € 50.000. De kosten worden door de banken gedeeld, hetgeen wel moet worden vermeld bij de overboeking. De Banque postale rekent € 8,50 voor een binnengekomen internationale overschrijving en 0,1% bij een virement naar het buitenland met een minimum van € 13,50 en een maximum van € 70. Echte internetbanken zijn er zes: Boursorama Banque, Fortuneo Banque, ING Direct, AXA Banque, Cortal Consors en Socram Banque. Zij berekenen lage kosten en werken eenvoudig. Om gratis een bankpas te krijgen, verlangen de meeste wel dat je op vaste tijdstippen geld stort (salaris bijvoorbeeld). De Franse Banque Postale kent naast de bekende Western Union ook diensten om geld over te brengen naar het buitenland. Zo is er het Mandat Ordinaire International, waarbij men € 3500 per dag contant geld kan sturen naar een begunstigde in het buitenland. Je vult een formulier in, betaalt in contanten en het geld kan binnen 4 tot 10 dagen worden opgehaald bij kantoren in 150 landen. Hetzelfde kan gebeuren met het overmaken van geld naar een buitenlandse rekening, maximaal € 8000. De procedure is dezelfde als die bij het overmaken van contant geld. Deze dienst geldt voor 27 landen, waaronder enkele Afrikaanse en Japan. In Europa werkt dit Mandat de Versement sur Compte voor Duitsland, Oostenrijk, België, Spanje, Finland, Griekenland, Ierland, Italië, Liechtensein, Luxemburg, Malta, Nederland, Portugal, Slovenië en Zwitserland. Ook kan geld naar een niet-Europese buitenlandse rekening worden overgemaakt via de dienst Virement International. Het gaat hierbij om 77 landen buiten Europa. De kosten van de overmaking naar de nationaal geldende tarieven worden hierbij gedeeld en de procedure vergt 3 à 5 dagen. De Franse banken kennen een keur aan diverse kosten, maar liefst 300 vormen van betaling voor diensten die het gemis aan inkomsten uit de toentertijd treurige prestaties op de effectenbeurzen en uit het wegvallen van wisselkoersprovisies moeten goedmaken. De frais bancaires maken nu 40% uit van de inkomsten van de Franse banken. Inmiddels zijn zij verplicht om alle gevraagde inlichtingen over die kosten te verstrekken en wel jaarlijks, ook als de klant daar niet nadrukkelijk om verzoekt. De harmonisering van de banktarieven lijkt nog ver weg. Brussel wil dat de banken hun tarieven meer op elkaar gaan afstemmen, maar van een harmonisatie zal het vermoedelijk nooit komen. De verschillen zijn nog te groot. Als de gemiddelde bankkosten voor een particulier in Europa op 100 wordt gesteld, blijkt Italië met 149 punten veruit het hoogste. Spanje en Engeland volgen op afstand met beide 107. Aan de andere kant van de schaal bevinden zich Duitsland (91), België (80) en Nederland (70) als de goedkoopste landen. Frankrijk zit er tussenin met een index van 95. Het lenen van geld is niet zo duur in Frankrijk, maar de beheerskosten van een gewone rekening en de bankpassen zijn hoger dan het Europese gemiddelde. Een Franse consumenten met een een gemiddeld Europees profiel, betaalt jaarlijks 14,5% meer aan bankkosten dan vergelijkbare consumenten in de belangrijkste Europese landen. De tarieven houden mede verband met de infrastructuur van het bankwezen, zoals het aantal bankfilialen per inwoner en het opleidingsniveau van het bankpersoneel. Frankrijk kent een hoge dichtheid van bankkantoren, een van de hoogste ter wereld. Ruim 98% van de Fransen doet zaken met een bank, tegen een gemiddelde van 80% in Europa. De Fransen banken leggen nog steeds te hoge kosten op aan hun rekeninghouders en blijven moeilijk doen als ontevreden klanten de rekening willen opzeggen. De Franse consumentenorganisatie Que Choisir, al enkele jaren strijd voerend om het gedrag van het Franse bankwezen te laten verbeteren, heeft onderzoek gedaan onder 1746 bankinstellingen. Na eerdere onderzoeken blijkt er nog weinig verbetering te bespeuren en daarom is het parlement opgeroepen zo spoedig mogelijk tot werkelijke tariefshervormingen te komen en de overgang naar een andere bank te doen vergemakkelijken. De studie wijst uit dat 42% van de banken de verplichting tot tariefsinformatie niet naleeft en dat er een grote ongelijkheid bestaat in de berekende kosten. Bovendien zijn de kosten ook sterk gestegen. Tussen 2004 en 2010 zijn de kosten van een bankpas 10% omhoog gegaan (19% zelfs bij Société générale), het geld opnemen bij een andere bank is 62% duurder geworden. De verschillen in kosten bij banken van hetzelfde netwerk komen ook voor, vooral bij Crédit agricole. Ernstige kritiek uit de organisatie over de weigerachtigheid van de banken om de in 2009 toegezegde versoepeling bij de overgang naar een andere bank daadwerkelijk uit te voeren. 86% van de banken heeft de mogelijkheid niet aan hun klanten bekendgemaakt en 60% voldoet niet aan de verplichting om de bankgegevens van de vertrekkende klant door te geven aan de nieuwe bankinstelling. Het aanpassen van het Franse betalingssysteem aan het Europse verloopt zeer traag. De banken hebben zich nu te richten naar de Europese regelgeving van de SEPA (Single Euro Payments), waarbij het doen van betalingen mogelijk wordt in geheel Europa, voorzien van dezelfde beveiliging en tegen dezelfde kosten als in het eigen land. Voor het grote publiek zijn ter informatie twee websites opengesteld, www.fbf.fr en www.lesclesdelabanque.com. Er zijn nogal wat verschillen in de kosten die de verschillende banken in rekening brengen. De internetbanken zijn het goedkoopst. Echte internetbanken zijn er maar vier: Boursorama Banque, Fortuneo Banque, ING Direct en Monabanq. Zij berekenen lage kosten en werken eenvoudig. Om gratis een bankpas te krijgen, verlangen de meeste wel dat je op vaste tijdstippen geld stort (salaris bijvoorbeeld). Daarnaast opereren nog de internetbanken van drie verzekeraars: Allianz Banque (vroeger AGF), AXA Banque en Groupama Banque. Sinds najaar 2009 is de procedure om te gaan bankieren bij een andere bank aanzienlijk vereenvoudigd. De nieuwe gratis 'service d'aide à la mobilitié bancaire' moet de concurrentie tussen de banken bevorderen. De nieuw gekozen bankinstelling moet zich bezighouden met de overgang. De cliënt hoeft dat in principe niet meer zelf te doen. Alle zaken bij de oude bank - overschrijvingen, automatische afschrijvingen, moeten binnen vijf dagen zijn geregeld door de nieuwe bank. Ook licht zij de instellingen in waaraan periodiek betalingen worden gedaan als ook de instanties die betalingen verrichten. Op verzoek van de klant kan de voormalige bank de rekeningen binnen een termijn van tien dagen sluiten. De praktijk leert echter dat lang niet alle banken deze procedures correct volgt en dat zelfs een kwart in het geheel nog niet meewerkt aan de overeengekomen dienstverlening. Aangeraden wordt om toch ook zelf de overgang goed in de gaten te houden en te bezien of de automatische overschrijvingen e.d. daadwerkelijk en op tijd geschieden. Sommige banken voeren de overgang slechts gedeeltelijk uit en berekenen voor de overschrijving van de saldi zelfs kosten. Erg lastig wordt het als bij de bank een hypothecaire lening loopt en bij het afsluiten ervan overeengekomen was dat de maandelijkse overschrijvingen van salaris of pensioen naar de bank zouden gaan. Het overstappen naar een andere bank is dan moeilijk, hoewel de verplichting om bij een lening ook het salaris naar de bank over te maken onwettig is. Houd ook in de gaten of er nog niet geïncasseerde cheques in omloop zijn. Als het saldo naar de nieuwe bank is overgegaan en er wordt op de oude bank nog een cheque aangeboden, staat men dus rood. En dat kan weer leiden tot het beruchte bankverbod, interdit bancaire.
Internetbanken winnen aan populariteit ten koste van de traditionele ![]() Het wantrouwen van het Franse bankierende publiek in het nog steeds als arrogant ervaren Franse bankwezen neemt toe. Een van de drie Fransen (33%) die er een bankrekening op na houdt, heeft nog vertrouwen in het Franse bancaire systeem, dat vaak nog als sterk verouderd wordt beschouwd. Een jaar eerder kon 43% nog wel overweg met zijn bank, een daling met 10 punten in een jaar, zo blijkt uit onderzoek van Deloitte. De groeiende ontevredenheid heeft voor een deel te maken met het voortschrijdende gebruik van het internetbankieren en de opkomst van banken die alleen nog met internet werken. De traditionele banken hebben deze ontwikkeling vrijwel niet kunnen bijbenen. De internetbanken (banques directs, banques en ligne) varen er daarentegen wel bij. Het gaat om ING direct, Boursorama banque, Axa banque, Fortunéo, Monabanq, BforBank, Groupama banque en Banque AGF. Uit het onderzoek blijkt dat deze instellingen veel meer vertrouwen genieten en meer tevredenheid opleveren. Zij winnen het op deze punten van Crédit coopératif en La banque postale en ruim van de Banque populaire, Crédit agricole, Crédit mutuel Caisse d’épargne. Vrijwel geen vertrouwen genieten de grote banken als Société générale, BNP, LCL, HSBC. Vorig jaar meldden de klanten bij hetzelfde onderzoek voor 58% dat zij nieuwe producten van hun bank zouden afnemen. Dat is voor dit jaar gezakt tot 44%. De aanzienlijke grotere sympathie die de internetbanken genereren, wordt verklaard door hun betrouwbaarheid en betrokkenheid bij de klant, zeggen de ondervraagde 3400 rekeninghouders. Ook de doorzichtigheid en duidelijkheid van het doen en laten van deze banques directs worden gewaardeerd, alsmede de concurrerende prijzen en tarieven, de geboden rente, de toegankelijkheid van de informatie, de respons op vragen en de eenvoud van de presentaties van product en daarbij behorende kosten. Ook de kundigheid van het personeel wordt als groter ervaren bij deze nieuwe banken. Zij beloven niet meer dan ze waar kunnen maken, zodat de teleurstellingen ook minder groot zijn of uitblijven. En het niet onbelangrijkste: de bankkosten zijn bij de internetbank aanzienlijk lager. (12.04.12)
Voorbeeldbrief om een periodieke overschrijving stop te zetten.
Voorbeeldbrief om een bankrekening naar een andere bank over te laten zetten Het opzeggen van een bankrekening is aan eenvoudiger procedures onderworpen. Zo mag de bank geen kosten in rekening brengen en moet zij zorgen voor de overdracht van de gegevens naar de nieuw gekozen bankinstelling.
Voor meer voorbeeldbrieven aan Franse instanties, schrijf een mail naar info@infofrankrijk.com
Nieuws Strengere controle op rekeningen in het buitenland De Franse overheid gaat de controle op het houden van bank- en spaarrrekeningen in het buitenland uitbreiden en bij misbruik de straffen verzwaren. De laatste 30 jaar is het Franse overheidsbeleid op dit punt ongewijzigd gebleven, maar deze regering heeft nu besloten de grote fraudeurs aan te pakken en nieuwe eisen te stellen aan de fiscale paradijzen. De minster van Begrotingszaken en woordvoerder van de regering Valérie Pécresse (foto) komt de komende weken met de details. De straffen op het aanhouden van niet bij de belastingdienst aangemelde buitenlandse rekeningen zijn nu boetes van € 1500, niet echt sommen om miljonairs af te schrikken. De nieuwe boetes zullen meer in verhouding staan tot de verzwegen saldi en kunnen oplopen tot 5% van deze sommen. Fraudeurs die tegoeden wegsluizen naar belastingparadijzen kunnen nu een gevangenisstraf van 5 jaar krijgen en een maximale boete van € 37.500. In het voorstel dat begin februari in de Assemblée nationale zal worden behandeld, lopen dergelijke straffen op tot een niveau van € 1 miljoen en een gevangenisstraf van 7 jaar. In december heeft de overheid al besloten om de verjaringstermijn bij dit soort zaken te verlengen van drie naar tien jaar. Bij dit alles zal de overheid in het bijzonder letten op landen die vroeger als belastingparadijzen werden beschouwd en samenwerkingsakkoorden met Frankrijk hebben getekend. De lijst van landen die niet willen samenwerken is daarmee aanzienlijk verkleind, maar toch zullen deze oorden extra in de gaten worden gehouden. Sommige niet met name genoemde landen komen vermoedelijk weer op de zwarte lijst terecht. Mensen die na een eerdere veroordeling of boete weer in de fout gaan, kunnen met maximaal € 500.000 extra worden beboet. Jaarlijks blijkt een duizendtal aangepakte fiscale vluchtelingen opnieuw kapitaal in fiscaal vriendelijker oorden te hebben geparkeerd. In 2010 heeft de Franse staat voor € 16 miljard aan fiscale fraude boven water gehaald. (24.01.12) Bankkosten verschillen veel, nieuwe betaalkaarten komen eraan Wie weinig gebruik maakt van de bankdiensten, betaalt relatief hogere kosten dan een actieve bankklant. Dat is de conclusie van het jaarlijkse onderzoek van de consumentenorganisatie CLCV (Consommation, logement et cadre de vie) en van het tijdschrijft Mieux vivre votre argent. Er zijn 134 bankinstellingen onder de loep genomen, waaruit blijkt dat de verschillen in de tarieven met een factor drie kunnen uiteenlopen. Het duurst zijn de banken Crédit du Nord en la Banque populaire Provence-Corse. Het goedkoopst: sommige vestigingen van Crédit agricole, Banque postale, LCL en BNP Paribas. Gemiddeld blijkt een klant die zelf zijn diensten uitkiest jaarlijks € 66 te betalen en een klant die zich laat verleiden tot een zogenaamd forfait € 108. Het komt zelfs voor (Crédit agricole de Brie-Picardie) waar een klant € 35 betaalt voor een formule à la carte et € 103 voor dat forfait (le package, met diensten die een kleine klant veelal niet gebruikt). Een gemiddelde actieve klant kan daarentegen voordelen behalen bij het intekenen op le package, zo blijkt in de helft van de onderzochte bankinstellingen. Om enige overzicht te krijgen in het woud van verschillende tarieven die de Franse banken hanteerden om vergelijkingen door de consument nagenoeg onmogelijk te maken, zijn de banken nu verplicht om een uniforme lijst met tarieven van de 10 meest voorkomende handelingen te publiceren. Op deze manier zijn prijsvergelijkingen voor de standaardhandelingen onderling beter mogelijk. De consumentenorganisaties zijn wel blij dat er eindelijk iets gebeurt aan het ontbreken van de al jaren bepleite transparantie, maar noemen het lijstje slechts een eerste stap op weg naar veel meer duidelijkheid en een gezonde concurrentie. Duidelijk is in ieder geval dat de Franse internetbanken het goedkoopste alternatief zijn. Soms bieden deze banken hun diensten gratis aan. Gemiddeld zijn zij 56% goedkoper voor de kleine klant en 40% voordeliger voor de meer actieve rekeninghouders. MasterdCard en Visa beginnen met de introductie van de cartes bancaires prépayées rechargeables. Deze kaarten zijn al bij enkele buralistes (bureaux de tabac) verkrijgbaar en werken als een telefoonkaart. Aan het einde van dit kwartaal moet de kaart algemeen in omloop komen. Zij zullen worden verkocht bij de buralisten, maisons de presse, benzinestations en kleine supermarkten. Zonder klant bij een bank te zijn, kan met deze pre-paidkaarten geld uit een betaalautomaat worden opgenomen of zijn aankopen via internet mogelijk. Men kan een lege kaart van MasterCard of Visa kopen voor € 8 tot € 15 en deze daarna opladen met een maximum tegoed van € 1000. De twee credit-cardmaatschappijen die hierbij samenwerken met de telecombedrijven, mikken op 20 miljoen gebruikers in Frankrijk en schatten de markt op € 8 miljard. Die markt zou dan bestaan uit mensen die een bankverbod hebben (interdit bancaire wegens te vaak rood staan bijvoorbeeld), toeristen en internetters die hun privé gegevens niet via internet willen bekendmaken (de vele Franse pokerspelers op internet bijvoorbeeld). Het systeem bestaat al in de Verenigde Staten en in Italië zijn nu zes miljoen kaarten verkocht. De kosten zijn veel hoger dan bij een gewone carte bancaire CB en bedragen tussen de 2 en 7% van het gestorte bedrag en soms ook nog € 1 per geldopname via de flappentap. Een andere nieuwigheid die in Frankrijk wordt getest, is het betalen met je mobiele telefoon. In negen Franse steden worden proefnemingen gedaan met deze techniek, waarbij in plaats van een bankpasje met pin of chipknip te gebruiken, de klant zijn mobiele telefoon tegen de betaalautomaat van de winkelier houdt. De telefoon communiceert dan draadloos met de betaalautomaat op de toonbank. Er wordt geen betaalinformatie over het mobiele netwerk verstuurd. De betaalapplicatie bevindt zich op een beveiligd deel van de SIM-kaart. Dit jaar verwacht Orange 500.000 klanten te hebben voor deze vorm van betalen. Rood staan levert Franse banken honderden miljoenen op Consumenten en overheid gaan druk uitoefenen op de Franse banken die jaarlijks volgens schattingen twee miljard euro verdienen aan boetes en rente die worden opgelegd aan klanten die onvoldoende saldo op hun rekeningen hebben. Het gaat hier om de hoge rente die wordt berekend bij het rood staan en de eufemistisch genoemde commissions d'intervention die worden ingehouden elke keer als een bankklant zijn toegelaten negatieve saldo gebruikt of overschrijdt. De rentevergoedingen voor het gebruikmaken van een toegestane roodstand lopen uiteen van 11 tot 15% en de overschrijding van deze decouverts autorisés wordt beboet met percentages van 15 tot 19 en met € 5 tot € 10 per gebeurtenis. Consumentenorganisaties spreken van onwettige woekerrentes, die in totaal rond de 10% van de detailomzet van banken uitmaken en bij de negen belangrijkste bankinstellingen zorgen voor een omzet van circa € 6 miljard. Vanaf mei 2011 mogen de banken de hoogte van de rente niet meer laten afhangen van de aard van het krediet, maar van de hoogte van het bedrag. En op last van de overheid moeten de banken de rente op roodstand halveren voor de meest kwetsbare cliënten en dienen zij onduidelijke termen als commission d'interverention te veranderen in een heldere omschrijving. Volgens de consumentenbonden weten zeer veel bankklanten niet echt wat zij betalen aan kosten.(27.12.10) Klachten over Frans bankwezen blijven aanhouden De Fransen banken leggen nog steeds te hoge kosten op aan hun rekeninghouders en blijven moeilijk doen als ontevreden klanten de rekening willen opzeggen. De Franse consumentenorganisatie Que Choisir, al enkele jaren strijd voerend om het gedrag van het Franse bankwezen te laten verbeteren, heeft onderzoek gedaan onder 1746 bankinstellingen. Na eerdere onderzoeken blijkt er nog weinig verbetering te bespeuren en daarom is het parlement opgeroepen zo spoedig mogelijk tot werkelijke tariefshervormingen te komen en de overgang naar een andere bank te doen vergemakkelijken. De studie wijst uit dat 42% van de banken de verplichting tot tariefsinformatie niet naleeft en dat er een grote ongelijkheid bestaat in de berekende kosten. Bovendien zijn de kosten ook sterk gestegen. Tussen 2004 en 2010 zijn de tarieven van een bankpas 10% omhoog gegaan (19% zelfs bij Société générale), het geld opnemen bij een andere bank is 62% duurder geworden. De verschillen in kosten bij banken van hetzelfde netwerk komen ook voor, vooral bij Crédit agricole. Ernstige kritiek uit de organisatie over de weigerachtigheid van de banken om de in 2009 toegezegde versoepeling bij de overgang naar een andere bank daadwerkelijk uit te voeren. 86% van de banken heeft de mogelijkheid niet aan hun klanten bekendgemaakt en 60% voldoet niet aan de verplichting om de bankgegevens van de vertrekkende klant door te geven aan de nieuwe bankinstelling. Het aanpassen van het Franse betalingssysteem aan het Europse verloopt zeer traag. Vanaf 1 november zullen de banken zich hebben te richten naar de Europese regelgeving van de SEPA (Single Euro Payments), waarbij het doen van betalingen mogelijk wordt in geheel Europa, voorzien van dezelfde beveiliging en tegen dezelfde kosten als in het eigen land. Voor het grote publiek zijn ter informatie twee websites opengesteld, www.fbf.fr en www.lesclesdelabanque.com.(28.10.10)
De Franse bankpas
In Frankrijk geven de banken en postkantoren betaalpassen uit, waarmee óf alleen geld uit de automaten kan worden opgenomen óf ook kan worden betaald. Het geld opnemen (retirer) aan het loket wordt steeds lastiger gemaakt en kost vaak al geld. De eenvoudige pasjes heten cartes de retrait (met het logo van de eigen bank, dus alleen daar pinnen, of met het logo CB om ook bij andere banken geld op te nemen) en de tweede categorie cartes de paiement et de retrait, in de volksmond carte bancaire geheten. De meeste passen zijn betaalpassen (carte bleue), waarmee je boodschappen kunt afrekenen, geld opnemen en bellen in telefooncellen. De pincode heet de code secret of code confidentiel en de chip noemen de Fransen la puce. Veel Nederlanders in Frankrijk gebruiken de bankdiensten van de Crédit Agricole (CA), die verschillende soorten bankpassen hanteert: de eenvoudigste betaalpas (carte de paiement et de retrait nationale) is geldig in Frankrijk en zijn overzeese gebiedsdelen. Het maximumbedrag dat men ermee kan opnemen, varieert per bank en per type kaart. Veel gebruikers weten niet dat de kaart ook verzekeringsvormen kent, zoals reisverzekering, hulp bij autopech, ongevallenverzekering e.d. Hoe mooier de kaart, hoe meer mag worden opgenomen of betaald. De 'gewone' kaart kent beperkte diensten (pinnen, betalen in de winkel, maar geen péage); tegen extra betaling is ook een deftiger kaart te krijgen (ziet eruit als een echte creditcard – en is het ook) met meer diensten en een reisverzekering. De wat duurdere, ook in het buitenland te gebruiken kaart werkt samen met Visa en Eurocard/MasterCard en is ook creditcard. Een nog meer opgeleukte internationale kaart van circa € 300 per jaar heet Visa Infinite of Platinum MasterCard, waarmee de houder meer geld uit de distributeur kan halen, de betalingslimieten hoger zijn en in het buitenland allerhande diensten kunnen worden betaald. Ten slotte zijn er de talrijke kredietpassen (cartes privatives de crédit) van het grootwinkelbedrijf. De rente die wordt berekend bij het gebruiken van het koopkrediet is duizelingwekkend hoog. Banktarieven moeten beter vergelijkbaar worden De Franse overheid heeft een serie maatregelen aangekondigd om meer duidelijkheid te verschaffen in de tarievenstructuur van de Franse banken. De prijzen van de diensten zijn meestal onleesbaar en door de bewuste hantering van verschillende vormen van diensten, vrijwel niet onderling te vergelijken. Naast het streven om de tarieven goedkoper te maken door de werking van de concurrentie een rol te laten spelen, moeten er lijsten komen, waarin de bankdiensten en de prijzen goed te vergelijken zijn. Op 1 januari 2011 moest in ieder geval begonnen zijn met het publiceren van een lijst met de tien meest voorkomende diensten en de tarieven ervan. Vanaf 1 april moesten de banken bovendien hun terminologie harmoniseren. Zo noemt de ene bank eenzelfde operatie commission, de ander spreekt van prélèvement en nog een ander verschuilt zich achter de niet uitgelegde afkorting PFT, die blijkt te betekenen participation aux frais de traitement non automatisés. Sinds 1 juli zijn de banken verplicht op de maandafrekening het totaal van de betaalde maandelijkse kosten te vermelden. De ondoorzichtigheid en de hoogte van de bankkosten zijn vaak veroordeeld door de consumentenorganisaties. Sommige banken verkochten de zogenaamde packages, waarmee de totale kosten voor een cliënt lager zouden zijn. Sommige van deze pakketten bleken juist duurder. De meest zwakke groep van klanten moet vaak hoge kosten betalen omdat zij vaak rood staan of cheques betalen bij onvoldoende saldo. Volgens de overheid moeten de banken met een package sécurité komen, met aangepaste diensten, zoals de uitgifte van een bankpas waarmee niet te veel geld kan worden opgenomen via het systeem van anti-dépassement. Bovendien moeten de kosten aan deze groep aan een bovengrens worden gekoppeld. De banken zijn voor 40% van hun inkomsten afhankelijk van de bankkosten die de particuliere klanten moeten betalen, € 15 miljard per jaar. Volgens de Europese Commissie zijn de Franse tarieven niet de hoogste van Europa (derde plaats, na Italië en Spanje), maar is Frankrijk kampioen in het berekenen van verborgen en voor de bankklant onbegrijpelijke kosten. 'Brussel' meent dat de grote banken in Frankrijk met hun hoge prijzen voor hun bankkaarten de consumenten benadelen. Bovendien maken zij het concurrenten vrijwel onmogelijk om met lagere bankkaarten te komen, doordat de Groupement Cartes Bancaires, uitvoerder van het bankpassensysteem, hoge financiële eisen stelt aan nieuwe toetreders. De groep is in handen van de grote banken. Na vijf jaar van onderhandelen en steeds weer uitstellen heeft de Europese Commissie het huidige systeem scherp veroordeeld. De grote banken maken misbruik van hun machtspositite en houden de tarieven van bankkaarten op een kunstmatig hoog niveau. Voor kleinere banken, zoals die van Auchan en Carrefour of die alleen via internet werken, is het vrijwel onmogelijk om met goedkopere bankpassen te komen. Volgens de consumentenorganisatie Que Choisir valt de beslissing van de Europese Commissie om straffen aan de grootbanken op te leggen als zij nieuwe toetreders oneerlijk beconcurreren, toe te juichen. Zij verwacht zelfs dat de beslissing zal leiden tot goedkopere betaalpassen, uitgegeven door de grote banken. In 2010 is een nieuwe toezichthouder voor het bank- en verzekeringswezen aangesteld in plaats van de drie instellingen die tot dan afzonderlijk werkten (banken, verzekeraars, kredietverleners). De instelling heet ACP, Autorité de contrôle prudentiel. De meeste passen zijn betaalpassen (carte bleue), waarmee je boodschappen kunt afrekenen, geld opnemen en bellen in telefooncellen. De pincode heet de code secret of code confidentiel en de chip noemen de Fransen la puce. Veel Nederlanders in Frankrijk gebruiken de bankdiensten van de Crédit Agricole (CA), die verschillende soorten bankpassen hanteert: de eenvoudigste betaalpas (carte de paiement et de retrait nationale) is geldig in Frankrijk en zijn overzeese gebiedsdelen. Het maximumbedrag dat men ermee kan opnemen, varieert per bank en per type kaart. Veel gebruikers weten niet dat de kaart ook verzekeringsvormen kent, zoals reisverzekering, hulp bij autopech en ongevallenverzekering. De beperking van het geld opnemen uit de automaat gaat soms heel ver: maximaal € 300 per periode van zeven dagen en maximaal € 1.000 per maand. Hoe mooier de kaart, hoe meer mag worden opgenomen of betaald. De ‘gewone’ kaart kent beperkte diensten (pinnen, betalen in de winkel, maar geen péage); tegen extra betaling is ook een deftiger kaart te krijgen (ziet eruit als een echte creditcard – en is het ook) met meer diensten. Deze kaart blijkt bij gebruik in winkels veel sneller te reageren, weigert aanzienlijk minder vaak dienst en kan ook in gleuven van parkeergarages en tolpoorten worden geschoven. Dat sneller afwerken van de transactie is mogelijk, omdat niet eerst telefonisch het saldo van de cliënt hoeft te worden gecontroleerd. Opletten is wel geboden: in Frankrijk kan een bankpas/pinpas ook als creditcard worden gebruikt, dus bij diefstal kan de dief ook zonder pincode via medewerking van bijvoorbeeld een winkelier geld opnemen of betalingen via internet doen. Het risico is verkleind doordat ook in Frankrijk een pincode wordt verlangd bij het betalen met creditcards. De wat duurdere, eveneens in het buitenland te gebruiken kaart werkt samen met Visa en Eurocard/MasterCard en is ook creditcard. Een nog meer opgeleukte internationale kaart van circa € 300 per jaar heet Visa Infinite of Platinum MasterCard, waarmee de houder meer geld uit de distributeur kan halen, de betalingslimieten hoger zijn en in het buitenland allerhande diensten kunnen worden betaald. De Franse internetbanken zoals Fortuneo, ING Direct en Boursorama claimen het goedkoopste te kunnen werken en maken intensiever reclame. Zo is hun bankpas gratis, zelfs een Visa Premier of de Gold Mastercard. Bij de meeste traditionele banken kosten dergelijke kaarten € 125 tot € 140 per jaar. Alleen de bank Barclays, die mikt op een welstandig publiek, biedt gratis bankpassen aan. Andere grootbanken willen ook wel aan dergelijke cadeautjes doen, maar dan moet er wel maandelijks een minimumbedrag op de rekening worden gestort of moet er een flinke spaarrekening worden aangehouden. Bankpas of creditcard kwijt? Er zijn telefoonnummers (naast die van de eigen lokale bank) waar men verlies of diefstal van een bankpas of creditcard kan melden: het algemene nummer 09 69 39 92 91 en voor het verlies of de diefstal van cheques 0892 68 32 08 of, afhankelijk van de soort kaart: • Centre d’appel carte bleue et Visa: 02 54 42 12 12 (01 42 77 11 90 voor Parijs en omgeving); • Centre d’appel Eurocard, MasterCard en Crédit Agricole: 01 45 67 84 84; • Centre d’appel La Poste: 0825 809 803, vanuit het buitenland 0033 555 42 51 96. Daarna moet je bij de plaatselijke politie of de gendarmerie aangifte doen van de vermissing en de bank via een aangetekende brief op de hoogte brengen van de vermissing, zeker als er al afschrijvingen hebben plaatsgevonden. Je moet dan wel ergens de 16 nummers van de kaart hebben genoteerd. Stuur een kopie mee van het bankafschrift (relevé de compte), alsmede een kopie van de aangifte (dépôt de plainte). De banken hanteren een eigen risico bij het vergoeden van schade als gevolg van diefstal en het frauduleus opnemen van geld via de pincode. Dat risico bedraagt € 150 als langer dan twee dagen is gewacht met het melden van het verlies of de diefstal. De bank vergoedt geen schade als het misbruik het gevolg is van onvoorzichtig omgaan met de pincode. Wettelijk heeft de benadeelde pashouder 70 dagen na het constateren van fraude de tijd om te reclameren bij de bank. Als een bankpas verloren of gestolen is en er blijkt geld mee te zijn opgenomen door vreemden, dan is het aan de bank om te bewijzen dat de kaarthouder onzorgvuldig is geweest bij het beschermen van de pincode. Een arrest van het Cour de Cassation heeft dat in oktober 2007 vastgelegd. Daarvóór moest de cliënt vaak aantonen dat hij goed op de bescherming van zijn code had gelet. Bij frauduleus gebruik van een bankpas - via internet bijvoorbeeld - is de rekeninghouder niet verplicht om daarvan aangifte te doen bij de politie. De bank moet onmiddellijk het ten onrechte afgeschreven bedrag terugstorten zonder daarbij kosten te berekenen. Wel kan een vergoeding van maximaal € 150 worden gevraagd als vergoeding bij verlies of diefstal van de kaart. De fraudes kosten de banken bijna € 400 miljoen per jaar en het gemiddelde bedrag van een frauduleuze transactie ligt rond de € 125. En dan is er nog Monéo, de elektronische portemonnee die op grote schaal moest worden ingevoerd. Erg populair is deze Franse variant van de chipknip nog niet. De betaalkaart met Monéo kan worden opgeladen bij de banken en soms bij aangesloten winkeliers. Op de kaart moet ergens een ‘M’ staan en men moet de bank vragen de dienst Monéo te activeren. De kosten van het gebruik liggen tussen ongeveer € 5 en € 12 per jaar. Naast de gewone Monéo, die tot een tegoed van € 10 gaat, is er de wat duurdere Monéo Bleu, waarmee betalingen tot € 30 kunnen worden gedaan. De Monéo Vert ten slotte is niet aan een bankpas gekoppeld en is handig voor het zakgeld van de kinderen. De ouders kunnen deze kaart steeds opladen. La Poste hanteert ook drie vormen van de elektronische portemonnee, maar het succes in Frankrijk is te vergelijken met die van de Nederlandse chipknip: vrijwel niemand gebruikt hem.
Geld kan ook automatisch worden geïncasseerd. De rekeningen van de EDF, de waterleverancier en France Télécom worden bij voorkeur automatisch afgeschreven. Dat kan via een TIP, een soort acceptgiro (dat staat voor Titre Interbancaire de Paiement): een strookje onder aan de nota dat al geheel is ingevuld; er moeten alleen nog een handtekening en datum op en dan worden opgestuurd. Ook kun je een machtiging geven voor een automatische afschrijving, de prélèvement. Maar dat kost in Frankrijk weer geld. Ook bestaat de mogelijkheid om zelf automatisch vaste periodieke betalingen te doen: een virement permanent. Per afschrijving rekent de bank € 1,20 en het regelen van deze dienst vergt ook weer € 8,95. Als een automatische overschrijving of een prélèvement wegens ontoereikend saldo niet mogelijk is, rekent de bank kosten (€ 18,20) om de zaak later weer in orde te maken. Wie niet akkoord gaat met een automatische afschrijving, kan vragen de afgehouden som weer terug te storten. Kosten rond de € 11.
Voorbeeldbrief om automatische bankafschrijvingen stop te zetten Voorbeeldbrief om snel een einde te maken aan de automatische afschrijvingen (prélèvements automatiques.) Houd er rekening mee dat banken hiervoor enige kosten in rekening kunnen brengen.
Voor meer voorbeeldbrieven aan Franse instanties, schrijf een mail naar info@infofrankrijk.com
Cheques en rood staan
Rood staan bij de Franse banken kan tot nachtmerries leiden. Nogal wat banken doen erg moeilijk en berekenen hoge tot exorbitante kosten bij dergelijke 'incidenten'. Het consumententijdschrift 60 millions heeft een onderzoek gedaan bij 13 Franse bankinstellingen en kwam tot het oordeel dat het berekenen van boeterente en bijkomende kosten bij de découverts een goudmijntje is voor het Franse bankwezen.
Bij het betalen met cheques moet je erop bedacht zijn dat je altijd voldoende saldo (provision) op je rekening hebt. Als niet met de bank is afgesproken dat je voor een bepaald bedrag rood mag staan (être à découvert), kan overschrijding van het saldo zeer vervelende gevolgen hebben. Dat rood staan, gebruik maken van de facilité de caisse, kost een pittige rente, variërend van 10 tot 17%, en sommige banken vragen eenmalig geld voor deze vorm van dienstverlening. En wie meer banktekort heeft dan afgesproken, betaalt voor elke keer dat zoiets gebeurt extra kosten. Als de zaak, de beruchte interdiction bancaire, na een schriftelijke waarschuwing van de bank vervolgens niet binnen twee maanden is geregeld (door bijvoorbeeld aan te tonen dat de twee partijen de zaak inmiddels contant hebben geregeld), is het 5 jaar lang bij geen enkele bank meer mogelijk een rekening te openen. Dit wordt gemeld aan de Banque de France en alle andere bankinstellingen. Alle bankzaken worden dan onmogelijk (bankpassen gelden niet meer bijvoorbeeld), maar er blijft wel altijd een mogelijkheid om de meeste simpele zaken te blijven doen zoals geld opnemen. Circa 6 miljoen Franse rekeninghouders treft dat lot. Ook kan de toezending van chequeboekjes worden gestaakt. Er wordt nu gewerkt met boetes bij het uitschrijven van ongedekte cheques (chèques en bois.) De bank brengt maximaal € 30 aan kosten in rekening voor elke ongedekte cheque van minder dan € 50. Bij het ongedekt uitschrijven van cheques van meer dan € 50 is de boete maximaal € 50. Bij een (automatische) overschrijving zonder voldoende saldo kan de bank € 20 in rekening brengen..Het vriendelijkst is nog La Poste, die in dergelijke gevallen € 44 per geweigerde cheque rekent. Als binnen een jaar nog eens wordt betaald met een ongedekte cheque en de zaak niet binnen twee maanden is geregeld, moet een boete van € 5 aan de ontvanger van de belastingen, le Trésor Public, worden voldaan bij cheques van minder dan € 50 te kort voor cheques van meer dan € 50. De boetes worden verdubbeld als binnen een jaar driemaal een cheque werd uitgeschreven zonder voldoende saldo (découvert) op de rekening. En zware straffen hangen mensen boven het hoofd die moedwillig op bedrog uit zijn: het saldo van de rekening halen en vervolgens een cheque uitschrijven of betalen met een cheque in de periode dat er een verbod geldt omdat men al eerder ongedekt heeft betaald. De Franse wet voorziet in straffen van vijf jaar gevangenis en/of een boete tot € 375.000. De Franse bank houdt ook nog een ander ficher bij en wel dat van mensen die hun leningen niet kunnen terugbetalen of ernstige betalingsachterstand hebben.
De Franse cheque voorlopig nog niet uit de gratie Hoewel de bankkaart het gebruik van de papieren cheques aanzienlijk terugdringt, zal het vertrouwde betaalmiddel voorlopig nog lustig worden gehanteerd bij het afrekenen aan de kassa's van de supermarchés en voor het betalen van rekeningen. Na Amerika is Frankrijk het tweede land in de wereld dat nog veelvuldig gebruik maakt van de cheque. Hoewel de carte bancaire al 15 jaar aan een stevige opmars bezig is, schrijven de Fransen nog steeds gemiddeld 51 cheques per jaar uit. 20% van de niet contante betalin gen gebeurt nog met de cheque. De consumenten houden nog vast aan het vertrouwde betaalmiddel dat gratis is en de uitgaven overzichtelijk houdt. In enkele gevallen is het betalen per cheque zelfs nog verplicht, zoals het voldoen van de rekeningen van de cantines van de scholen, de aan huis verrichte diensten, de dokter. Het zijn daardoor lang niet alleen de ouderen die de cheque gebruiken maar ook de 35-jarigen en ouder met schoolgaande kinderen. Een kleine meerderheid van de Fransen vindt het prettiger om grote uitgaven per cheque af te rekenen. Zo wordt de aanschaf van een auto in tweederde van de gevallen per cheque betaald. Jaarlij ks neemt het gebruik van de cheque met 4% af, doordat veel meer met een bankkaart wordt betaald, het giraal overschrijven begint op te komen en meer en meer via automatische afschrijvingen wordt voldaan. Minister Christine Lagarde van Economische Zaken heeft opdracht gegeven tot een studie over de uitbreiding van het aantal moderne, eenvoudige en goedkope betalingsmogelijkheden. De belangrijkste partijen hierin zoals banken, verzekeraars en consumentenorganisaties verlangen eveneens nieuwe middelen zoals de verbetering van het girale betalingsverkeer en het gebruikmaken van nieuwe vormen, zoals het betalen via internet en per telefoon.(04.04.11) De Franse cheque zal op termijn verdwijnen De Franse banken willen het liefst binnen niet al te lange tijd een einde maken aan het gebruik van de cheque als veel gebruikt betaalmiddel. Dit jaar werden er drie miljard van deze wat gedateerde vormen van betaling uitgewisseld. De laatste jaren neemt het uitschrijven af, de bankpas neemt ook in Frankrijk steeds meer de plaats in van de cheque, zo veelvuldig gebruikt in Frankrijk wegens het ontbreken van giraal verkeer. De banken willen wel af van die gratis cheques; de verwerking kost ze veel geld, zeggen ze. Geleidelijke afschaffing is zeer waarschijnlijk. In de meerste Europese landen wordt niet meer of nauwelijks nog gewerkt met cheques. Alleen op de eilanden Malta en Cyprus is het gebruik hoger dan in Frankrijk waar een inwoner gemiddeld 54 cheques per jaar uitschrijft. In Italië is dat nog slechts 6,5, in Duitsland een enkeling en in Nederland nul. Een adviescommissie van de financiële sector (banken, verzekeraars, consumenten) heeft voorgesteld om in het eerste halfjaar van 2011 alternatieve betalingsmethoden te ontwikkelen die de cheques op termijn moeten laten verdwijnen. Begonnen zal worden met het aansporen van lagere overheidsinstanties om het publiek voor geleverde diensten elektronisch te laten betalen. Ook de ontvangkantoren, de trésoreries, zouden veel meer elektronisch moeten gaan afhandelen. De grote concurrent van de cheque is de bankkaart, die inmiddels 40% van de betalingen in Frankrijk regelt. Ook de betalingen via internet zijn sterk toegenomen, alsmede het bankieren met de pc. Internetbanken leveren vrijwel geen chequeboekjes meer.Bij de winkeliers heeft de cheque niet een geweldige naam meer. Er komt nogal wat fraude voor, de mensen staan soms rood zodat de cheque oninbaar wordt, het uitschrijven van cheques door oude dametjes die vervolgens de boodschappen nog in de tas moeten doen, zorgt voor vertragingen bij de kassa's. Tal van benzinestations accepteren de cheque al niet meer en in winkels wordt voor wat hogere bedragen een dubbele identificatie gevraagd. Nieuwe betalingsvormen dienen zich wel aan. De elektronische portemonnee Monéo begint traag zijn intrede te doen. De kaart is bedoeld om zonder pincode kleine betalingen te doen of te gebruiken in bijvoorbeeld parkeerautomaten. In Nice zijn proefnemingen gaande om met behulp van de mobiele telefoon ook kleine betalingen te doen. Drie tot vijf andere grote plaatsen zullen volgen. (23.12.10)
Hypotheken De banken verlangen uiteraard een garantie voor de terugbetaling van de rente en de aflossing van de onroerendgoedlening. In veel gevallen moet de lening op 75-jarige leeftijd zijn afgelost. Het is gebruik, zelfs wettelijk voorgeschreven, dat een buitenlander die nog niet belastingplichtig is in Frankrijk, maximaal 80% mag financieren, tenzij er vermogensbestanddelen zijn die meer zekerheid kunnen bieden. De meeste Fransen die een onroerendgoedlening afsluiten, kiezen daarbij voor een vaste rente. Maar het aantal huishoudens dat in de laatste jaren een lening met een variabele rente afsloot, is sterk gegroeid. De internationale hypothekencrisis heeft er inmiddels toe geleid dat leningen met een wisselende rente voorlopig nauwelijks meer worden verstrekt. De traditionele hypotheek, waarbij het te kopen onroerend goed als onderpand dient, vindt steeds minder toepassing in Frankrijk. De procedure is complex en de (notaris)kosten zijn hoog; banken en bemiddelaars raden deze wat archaïsche financieringsvorm af. Anders dan in Nederland was het niet mogelijk om tijdens de looptijd van een lening een verhoging daarvan aan te vragen. Een onroerendgoedlening krijg je als je een bestaand huis koopt, bij een grote restauratie of bij de bouw van een nieuw huis – later niet meer. Het privilège de prêteur de deniers lijkt wat op de conventionele hypothecaire lening en doet in één akte wat de notaris bij een hypotheek in twee akten afwerkt: die van de verkoop en die van de garantie (het onderpand.) De kosten van een dergelijke garantie zijn ook lager, geen taxe de publicité foncière. Het geld van leningen onder deze garantie komt in één keer vrij en kan niet, zoals bij nieuwbouw, in gedeelten worden uitgekeerd. De garantie kan ook worden overgenomen door de caution mutuelle die tegen betaling van een premie garant staat voor de aflossing van de lening. De bekendste instelling hier is Crédit Logement. Driekwart van de betaalde garantie krijgt men aan het einde van de lening weer terug. Ook nogal wat banken hebben eigen caution-organisaties. Ten slotte kent Frankrijk ook het fenomeen van het overbruggingskrediet, een korte lening om het aan te kopen huis te kunnen betalen terwijl het bestaande huis nog niet is verkocht. Zo’n lening heet een crédit relais en bedraagt maximaal 60 tot 80% van de waarde van het te verkopen huis. De rentevergoedingen voor deze kredieten zijn wat hoger dan die van de ‘gewone’ onroerendgoedleningen, maar lager dan wat Nederlandse banken menen te mogen vragen voor een overbruggingskrediet, zeker als de overbrugging enerzijds een Nederlands huis en anderzijds een Frans huis betreft. De Franse banken zijn wat strenger geworden bij de verstrekking van dergelijke kredieten en verlangen in ieder geval een kopie van een compromis de vente. Een dergelijke lening is meestal alleen te regelen als er ook nog een gewone lening met wat loopjaren erbij wordt afgesloten. Je leent bijvoorbeeld drie ton als overbrugging en na verkoop van je Nederlandse huis betaal je € 150.000 terug aan de bank. De rest is dan de lening, die afhankelijk van de vorm van een overlijdensrisico, geruime tijd aflossingsvrij kan worden aangehouden. Bij nieuwbouw wil de bank bij voorkeur in zee gaan met een erkend bedrijf dat goed verzekerd is en dat ook een DO (dommage ouvrage, verzekering tegen zaken die tijdens de bouw verkeerd kunnen gaan) heeft afgesloten. Een veel voorkomende praktijk is dat de tijdens de bouw de rekeningen naar de bank gaan, die dan zelf de maçon betaalt. De banken hebben liever één maître d'ouvrage dan al die verschillende onderaannemers die ook elk afzonderlijk goed verzekerd moeten zijn.
Wie nog in Nederland woont, kan ook de hulp inroepen van Nederlandse hypotheekbemiddelaars die de weg in Frankrijk kennen en er een behoorlijk netwerk op na houden. De praktijk is dat banken waar je geen rekening hebt lopen over het algemeen leukere rentepercentages bieden dan de eigen bank. Met een dergelijke offerte is het prettig onderhandelen met je eigen bank. Het belangrijkste criterium voor de banken om de lening te verstrekken is niet zozeer de waarde van het huis, het onderpand, als wel de mogelijkheid van de schuldenaar om aan de toekomstige financiële verplichtingen te voldoen, bekend als de taux d’endettement. Men moet dus kunnen aantonen dat men goed is voor de betaling van de maandelijkse bedragen, die samen met eventuele andere schulden over het algemeen niet hoger mogen zijn dan 30% van het maandinkomen. Bij de verlening van welk krediet dan ook is het noodzakelijk dat de geldvrager beschikt over een vast inkomen in de vorm van salaris, pensioen of een doorlopende uitkering uit bijvoorbeeld een lijfrentepolis. Een mogelijkheid is ook het leenbedrag gedekt te laten zijn door een vermogen. Men zal dan over een vrij belegd vermogen moeten beschikken van ten minste de waarde van het onroerend goed, vermeerderd met 40% voor rente en kosten. Het is mogelijk om een woonhuis voor 80% te financieren; commercieel onroerend goed zoals een camping kan voor hooguit 50% worden gefinancierd en dan meestal niet langer dan voor een periode van vijftien jaar. Een bouwval kopen en dan zelf gaan verbouwen is een nogal veel voorkomend fenomeen. De bank zit niet te springen om dergelijke objecten te financieren gezien de onzekerheid over het verloop van de activiteiten van monsieur le bricoleur. Het wordt anders als de verbouwing wordt uitgevoerd door een aannemer die met een deugdelijk plan komt, een goede offerte levert en ook aangeeft wanneer het werk klaar zal zijn. Met een lagere rente kan het interessant zijn om bestaande leningen om te zetten in een nieuwe lening, bij dezelfde bank of bij een concurrent. Het opnieuw onderhandelen over de lening (renégocier l’emprunt) heeft overigens pas zin als de lening nog een flinke tijd loopt en het renteverschil tussen de oude lening en de marktrente minimaal 1,5 procentpunt bedraagt. De boeterente (indemnité de remboursement) bij vervroegde aflossing (remboursement anticipé) mag niet hoger zijn dan een halfjaar rente met een maximum van 3% van de resterende hoofdsom. Die boeterente is niet verschuldigd als het huis wordt verkocht omdat de eigenaar (of zijn partner) van beroep verandert en moet verhuizen, werkloos wordt, met pensioen gaat of overlijdt. Naast de boeterente moeten ook nog kosten worden betaald, de frais de mainlevée. Het verhogen van een bestaande hypotheeklening of het achteraf nemen van een hypotheek is, zoals gemeld, in principe niet mogelijk, maar wie een ingrijpende verbouwing wil doen of een zwembad wil laten bouwen, zal een tweede lening kunnen nemen, een echte crédit immobilier, dus geen hypotheek met notaris en overige kosten. Vaak gebeurt het dat de banken in deze situaties geen geld storten, maar rechtstreeks de rekeningen van aannemer en zwembadbouwer betalen. Er zijn ook nog fiscaal interessante constructies mogelijk waarbij de aflossingen lopen via een assurance-vie en de rente afzonderlijk wordt betaald. De Franse banken zijn in dit opzicht ook vrij creatief. Het fenomeen assurance vie (geen levensverzekering als assurance-décès) heeft als populaire spaarvorm een grote vlucht genomen; er is voor € 100 miljard gespaard via bijna 5 miljoen contracten. Fiscaal is het interessant. De belasting neemt in de eerste acht jaar van het contract geleidelijk af en daarna geldt vrijstelling voor de inkomstenbelasting. De banken hanteren over het algemeen het annuïteitensysteem: aflossing en rente tezamen worden in vijftien (of twintig) jaarlijkse partjes verdeeld, waarbij de maandbedragen onveranderd blijven. Sommige banken zijn bereid een wat minder star aflossingsschema te hanteren, waarbij de maandelijkse betalingen meer sporen met eventueel wisselende maandinkomsten. De mogelijkheid om alleen rente te betalen en de hoofdsom pas af te lossen aan het einde van de leningsduur, kent men ook wel in Frankrijk. Men moet dan wel een bankgarantie afgeven voor het totaal van die geleende hoofdsom; de waarde van het huis als onderpand wordt niet erkend bij deze aflossingsvrije hypotheken.
Sparen en lenen
Een door de overheid aan de banken opgelegde verplichting om langdurig zieken ook kredieten en leningen te verschaffen is nauwelijks nageleefd. Daarom is een nieuwe conventie ingegaan, die het de banken verbiedt om leningen te weigeren aan personen met ernstige gezondheidsrisico's (kanker, hartkwaal, aids.) Ook persoonlijke leningen moeten worden verleend en zelfs zonder dat naar een gezondheidsverklaring mag worden gevraagd. Dit geldt voor leningen tot € 15.000 met een maximale duur van vier jaar en toegekend aan personen jonger dan 50 jaar. Onroerendgoedleningen kunnen gaan tot € 300.000, maar de kredietvrager mag niet ouder dan 70 jaar zijn.. Als de verzekerden een overlijdensrisico kunnen afsluiten, moeten ze wel rekenen op torenhoge premies. Een alternatief hiervoor is het in onderpand geven van een levensverzekeringscontract of een aandelenporteuille. Banken moeten voor deze speciale leningen een medewerker aanstellen, een référent. Wie een onroerendgoedlening afsluit en verplicht wordt een overlijdensrisicoverzekering af te sluiten, is niet verplicht om dat te doen bij de verstrekker van de lening. Een door de overheid aan de banken opgelegde verplichting om langdurig zieken ook kredieten en leningen te verschaffen is nauwelijks nageleefd. Daarom is een nieuwe conventie ingegaan, die het de banken verbiedt om leningen te weigeren aan personen met ernstige gezondheidsrisico's (kanker, hartkwaal, aids). Ook persoonlijke leningen moeten worden verleend en zelfs zonder dat naar een gezondheidsverklaring mag worden gevraagd. Dit geldt voor leningen tot € 15.000 met een maximale duur van 4 jaar en toegekend aan personen jonger dan 50 jaar. Onroerendgoedleningen kunnen gaan tot € 300.000. Hierbij wordt geen speciale termijn gehanteerd. Als de verzekerden een overlijdensrisico kunnen afsluiten, moeten ze wel rekenen op torenhoge premies. Een alternatief hiervoor is het in onderpand geven van een levensverzekeringscontract of een aandelenporteuille.
Deze pagina is laatst gewijzigd op 27-05-2012 om 10:41.
|
Uit de fora: ***
'Van alle belastingen en overige aan het hebben van een huis verbonden kosten heb ik van de incasseerders de IBAN/BIC gegevens opgevraagd. EDF is de enige die uitsluitend via een Franse bank wenst te worden betaald. Dus aan die bankrekening met bijbehorende kosten (€ 5,25 per maand in departement 63) ontkom ik helaas (nog) niet. Alle rekeningen worden gestuurd naar mijn huis adres in NL. Dus kan ik kiezen of ik via een NL- of een FR-rekening wens te betalen. Nog nooit problemen gehad.' ***
'Het Franse bankwezen is onbetrouwbaar, incompetent, inefficiënt en veel te duur. Volstrekt onvergelijkbaar met NL banken, of wellicht is het dat NL banken zo geweldig zijn, ik weet het niet. Ik heb een spaarrekening bij ING Direct en, ook al zit-ie in Frankrijk, dat is al een oase van service dankzij de NL invloed.' ***
'Vooral met de Banque Postale en met de Banque Populaire hebben we uiterst slechte ervaringen. Weliswaar beleefd personeel wat je te woord staat, maar zij beslissen helemaal niets. Je weet dus nooit waar je aan toe bent, en ze behandelen je alsof het een eer is om bij hen een hypotheek te mogen aanvragen. Sommige banken namen niet eens de moeite om een negatief antwoord te geven.' ***
'Ik geloof niet in hypotheekrente-afrek in Nederland voor iemand die in Frankrijk woont. Ik weet dat het de droom is van velen, ik hoor ook de borrelverhalen, maar ik ken nog altijd geen specifiek geval waar de Nederlandse fiscus dat heeft geaccepteerd.' |